Hoge bi

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Een hoge bi

Een hoge bi is een vroeg type fiets met een heel groot voorwiel en een heel klein achterwiel.

De hoge bi heet in het Nederlands ook wel vélocipède. Dat woord is in sommige talen het normale woord voor een fiets. In het Nederlands is vélocipède in die betekenis ongebruikelijk geworden en daardoor wordt het woord met een ouderwetse fiets geassocieerd, dus met een hoge bi. Ook werd de naam daalder-dubbeltje gebruikt, een term met dezelfde oorsprong als de Engelse naam penny-farthing. De twee verschillende wielen werden vergeleken een grote munt de penny of de daalder en een veel kleinere munt de farthing of het dubbeltje.

De fiets werd op de Wereldtentoonstelling van 1867 te Parijs door Pierre Michaux gepresenteerd; hij noemde hem een Michauline.

De pedalen zijn vast aan het voorwiel bevestigd. Om een redelijk verzet te krijgen moet het voorwiel groot zijn. De beenlengte van de berijder is daarbij de grens.

Doordat de berijder zo hoog zit, is de fiets tamelijk labiel en vrij moeilijk te berijden. Voor vrouwen (voor wie het in die tijd ongepast was om een broek te dragen) was de hoge bi onbruikbaar. Door de komst van de fietsketting, waardoor trapas en wiel niet meer dezelfde snelheid hoefden te hebben, werd een kleiner wiel en een stabielere fiets mogelijk, die ook voor vrouwen geschikt te maken was.