Hoofddiagonaal
Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
In de lineaire algebra is de hoofddiagonaal van een vierkante matrix de rij elementen op de diagonaal die van linksboven schuin naar beneden loopt, dus de elementen met gelijke rij- en kolomindex.
Voorbeeld [bewerken]
Stel dat de matrix A wordt gegeven door:
- A =
.
De hoofddiagonaal van deze matrix bestaat uit de elementen –1, 2 en –5. De som van alle elementen op de hoofddiagonaal staat bekend als het spoor van de matrix. De andere diagonaal wordt de antidiagonaal genoemd.
Diagonaalmatrix [bewerken]
Een matrix waarvan alle elementen buiten de hoofddiagonaal 0 zijn, wordt een diagonaalmatrix genoemd.
Voorbeeld: 
Eenheidsmatrix [bewerken]
Een diagonaalmatrix waarvan alle elementen op de hoofddiagonaal gelijk zijn aan 1, en alle andere elementen nul, heet een eenheidsmatrix.
.