Hoorn (Noord-Holland)

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie

Ga naar: navigatie, zoeken
Hoorn
Gemeente in Nederland
Vlag van de gemeente Hoorn Wapen van de gemeente Hoorn
Locatie van de gemeente Hoorn
Situering
Hoofdplaats Hoorn
Provincie Noord-Holland
Coördinaten 52°38' NB 5°3' OL
Algemeen
Oppervlakte 53,26 km²
- land 20,32 km²
- water 32,94 km²
Inwoners (31 dec. 2008) 69.301? (3410/km²)
Belangrijke verkeersaders A7 N243 N247 N302=toekomstigeN23 N506 , Spoorlijnen Zaandam - Enkhuizen, Alkmaar - Hoorn, Hoorn - Medemblik
Politiek
Burgemeester (lijst) Onno van Veldhuizen (D66)
Economie
Gemiddeld inkomen (2006) € 13.300 per inw.
Gem. WOZ-waarde (2008) € 204.000
WW-uitkeringen (2007) 15 per 1000 inw.
Autobezit (2007) 387 per 1000 inw.
Overig
Postcode 1620-1628, 1689, 1695
Netnummer 0229
CBS-code 0405
CBS-wijkindeling zie wijken en buurten
Website www.hoorn.nl
Portaalicoon   Nederland

Hoorn (Sound uitspraak (info·uitleg)) is een stad en gemeente in de regio West-Friesland, in de provincie Noord-Holland. Hoorn ligt via het Hoornse Hop aan het Markermeer. Op 31 dec. 2008 woonden er 69.301 mensen (bron: CBS). De gemeente Hoorn heeft een oppervlakte van 52,49 km², waarvan 32,62 km² water.

Inhoud

[bewerken] Geschiedenis van de stad

Gezicht op Hoorn in de VOC-tijd (1622). Hendrick Cornelisz Vroom

Volgens oude Friese legendes is Hoorn gesticht door Hornus, stiefzoon van koning Radbod. Hornus was getrouwd met Gunterdom, dochter van Gordianus, stadhouder van Teckenburgh. Hij stichtte volgens de legendes in 716 in het westen van Friesland aan het water een plaats en noemde die naar zichzelf. Dit was onder de Friese adel vrij gebruikelijk. Dezelfde legendes vertellen ook dat het plaatsje al in 724 afbrandde, en dat het toen jaren duurde voor het herbouwd werd. Voor zover deze legende al klopt, hoeft dit Hoorn niet op de huidige plaats gelegen te hebben, maar wellicht in het gebied dat later door de Zuiderzee overspoeld is. Het verplaatsen van plaatsen die dreigden te overstromen was in de middeleeuwen in West-Friesland gangbaar. Van Enkhuizen, Scharwoude, Etersheim en Warder is bekend dat zij in westelijke richting verplaatst zijn door de oprukkende Zuiderzee. Oosthuizen is daarentegen door de groter wordende Beemster in oostelijke richting verplaatst. De grens van de Zuiderzee aan de Westfriese/Waterlandse zijde lag rond 600 veel oostelijker (van Wijdenes richting Volendam en Marken), maar is na verscheidene overstromingen van veengebieden kilometers opgeschoven. Met name na 1100 vonden er steeds heftigere overstromingen plaats.

De oudste bewonersrestanten die tot nu toe bij archeologische opgravingen gevonden zijn, stammen uit circa 1200. Hoorn was toen niet meer dan een kleine plaats, met boerderijen en wellicht enige handel. Volgens de Hoornse geschiedschrijver Velius ontstond Hoorn in de 14e eeuw bij de monding van de Gouw (eigenlijk De Tocht geheten; de Gouw was de weg en buurtschap erlangs) voorbij de dijk van het Oost en het West, een veenstroompje dat via een sluis en overtoom bij de Rode Steen in de Zuiderzee uitmondde. Ook de landweg Noord (in feite de scheidingsdijk tussen Ooster- en Westerpolder, het verlengde van het Keern en Rijsdam) kwam hier uit. Op dit centrale punt zouden Hamburgse broers in 1316 hun pakhuizen en een herberg gebouwd hebben. Dit laatste kan waar zijn, maar volgens de opgravingen bestond Hoorn toen al, en Hoorn wordt ook al eerder in geschriften genoemd. Bovendien is de binnendijk van Rijsdam-Keern-Noord vermoedelijk in 1320 aangelegd. Tot dan lag de waterkundige bangrens tussen de onginningsgebieden Hoorn (later deel van de Oosterpolder) en Berkhout (later deel van de Westerpolder) in de Keernsloot. De sluis van de Rode Steen bestond toen al wel enkele decennia (1288).

Opmerkelijk is dat Hoorn een afwijkende ontginningsstructuur heeft van de aangrenzende gebieden: de kavelsloten tussen de Holenweg, Groene Wijzend en de Keernsloot lopen in oost-west-richting, en de centrale ontginningsas (De Gouw) noord-zuid. Deze structuur komt verder alleen in Schellinkhout en Wijdenes voor. Zwaag, Berkhout en Scharwoude kennen een kavelslotenstructuur in noord-zuid-richting, met centrale ontginningassen in oost-west-richting (de Oude Gouw in Berkhout, de Dorpsstraat in Zwaag, en de Scharwoude in Scharwoude). Blokker is pas in een later stadium ontgonnen als reeds omsloten land; hetzelfde geldt waarschijnlijk ook voor het gebied tussen Zwaag en Hoorn. Opmerkelijk in dit kader is dat de noordelijke ontginningsgrens van Hoorn (de Groene Wijzend) niet samenvalt met de oorspronkelijke zuidelijke ontginningsgrens van Zwaag (de Kleine Wijzend en de Grote Wijzend). Dit lijkt te duiden op een verschillende ontginningsoorsprong. De ontginning van West-Friesland heeft plaatsgevonden vanuit Egmond, waarvandaan men via veenriviertjes in oostelijke richting voer, bijvoorbeeld via de Leek naar Wognum en de Kromme Leek, en via de Bemestra richting de Zuiderzee (de Bemestra mondde van oorsprong samen met de Drecht uit in de omgeving van Wijdenes). Het lijkt er sterk op dat Zwaag door kolonisten vanuit Wognum ontgonnen is, terwijl Hoorn, Schellinkhout en Wijdenes via de Bemestra en de Zuiderzee ontgonnen zijn. Wijdenes, Schellinkhout en Hoorn zouden dan van oorsprong een doorlopende noordelijke begrenzing (een dijkje of kade om het onontgonnen noordelijke veengebied af te schermen) gehad hebben langs de Blokdijk-Lageweg-Oost. Pas rond 1200 zou Hoorn dan na overstromingen - waarbij de eerste delen van het Hoornse Hop gevormd zijn - in noordelijke richting opgeschoven zijn waarbij het gebied van de Oost tot de Groene Wijzend ontgonnen is (conform het archeologisch onderzoek). Dit komt dan overeen met de latere overleveringen dat er ten zuiden van Hoorn een oudere plaats overstroomd zou zijn - toen Dampten genoemd, maar dat stamt wellicht af van d'ampte, ofwel het (oorspronkelijke) Hoornse ambtsgebied. Helaas zijn er uit de tijden van voor 1200 geen schriftelijke bronnen.

Vanaf 1200 is dat anders. De oudste vermelding van Hoorn komt voor in het Stadsboek van Wismar (uit 1250-1272), waarin een Nicolaus de Horne genoemd wordt als borg voor enkele kooplieden uit Muiden. Bekend is dat er vanuit West-Friesland toen al intensief handel gedreven werd richting de Oostzee (en richting Vlaanderen), en blijkbaar hadden de Hoornse kooplieden al voldoende reputatie om borg te staan. In 1303 wordt Martin Hontin uit Brugge 'bi Hornicwed an West-Friesland bin des graven lande van Hollant' gevangen genomen, en van zijn handelswaar beroofd. En in 1309 gaat Juvenum de Meo de Horne naar de Gwijde van Avesnes, bisschop van Utrecht, om clemente vredesvoorwaarden voor de verslagen West-Friezen te vragen. In 1311 betaalt Drebaan Haghen uit Horne een boete aan de grafelijke rentmeester, in een rekening uit hetzelfde jaar wordt Lubbrecht de schoenmaker genoemd, en in 1316 sluiten de 'judices et universi' (rechters en gemeente) in Horne een overeenkomst met de inwoners van Harderwijk.

Typerend straatbeeld van Hoorn

Uit deze tijd is ook bekend dat er in Hoorn land prijsgegeven moest worden. In de kroniek van Feyken Rijp vermeldt deze bij 1260 de sluys van Horn. In een proces uit 1320 tegen Maertijn van der Nieuwerwike wordt ook nadrukkelijk over de nieuwe sluys gesproken, wat betekent dat er ook een oudere sluis was. De nieuwe sluis ter hoogte van de Rode Steen (in de oude binnendijk Oost) is rond 1288 aangelegd, toen de zuidelijker gelegen dijk door stormen opgegeven moest worden; de dijk van Oost en West werd toen de nieuwe zeedijk (inlaagdijk). Het land tussen de oude en nieuwe zeedijk verwerd tot rietland, dat deels wegspoelde, maar deels ook gebruikt werd om later de oudste buitendijkse havens van Hoorn te graven (Nieuwendam 1341 en Appelhaven 1421).

De nieuwe dijk van het West liep van oorsprong van de Rode Steen - waar de nieuwe sluis gemaakt was - recht naar de door overstromingen in Waterland inmiddels veel westelijker gelegen monding van de Bemestra (later na het aanleggen van de dam werd deze monding Schardam genoemd; de Bemestra werd toen Korsloot genoemd). Deze dijk hield het tot 1391 vol als zeedijk. Na overstromingen moest in 1391 een nieuwe inlaagdijk gemaakt worden. Ook deze zou - net als eerder het Oost - de oude noordelijke ontginningsgrens van Hoorn volgen, en liep recht in het verlengde van het Oost (via de Proostensteeg) en recht in het verlengde van de Naamsloot, de ontginningsgrens tussen Scharwoude en Berkhout. De oude dijk werd wel zo veel mogelijk in stand gehouden om het nog wel deels bestaande buitendijkse land te beschermen, maar dit moest meer en meer prijsgegeven worden. Uiteindelijk moest het dorp Scharwoude verplaatst worden. Maar ook ten westen van Hoorn vonden nog diverse doorbraken plaats, vooral bij de monding van de Keernsloot in de Zuiderzee, waarna eerste helft 15e eeuw de halvemaansvorm van de Westerdijk als nieuwe inlaagdijk aangelegd werd. Bij de overstroming van de omgeving van de Barchouter Sluze (Berkhouter Sluis, monding van de Slimtocht) ontstond de Grote Waal.

Op 26 maart 1357 [1] verleende Willem V stadsrechten aan Hoorn, tegen betaling van 1550 schilden (gouden ecu's). Door deze maatregel kon de stad zelf rechtsregels opstellen en handhaven, en belastingen innen. Een neveneffect was dat de ontwikkeling van de stad als handelsnederzetting sterk bevorderd werd. Het oorspronkelijke document bevindt zich heden ten dage (2006) nog in de archieven van de gemeente Hoorn.

Hoorn overvleugelde al snel de andere Zuiderzeehavens. Alleen Amsterdam kende in de 15e eeuw een soortgelijke snelle groei. Belangrijke impulsen voor de stad was de keuze voor Filips van Bourgondië. Het Bourgondische rijk vormde een stimulans voor de handel. In de 15e eeuw ontwikkelde zich een levendige lakenindustrie, waarvan het product zich qua prijs en kwaliteit kon meten met het laken uit Leiden, Den Haag en Haarlem. Tegenspoed, voortkomende uit onder andere de Hoekse en Kabeljauwse twisten, alsmede de Gelderse Oorlogen rond 1500 brachten deze lakenhandel in de problemen. Bovendien kozen steeds meer Hoornse handelaren er voor te participeren in de Oostzeehandel (graan uit Polen en Litouwen naar Italië brengen).

Hoorn koos in 1572 eeuw voor de reformatie en de Prins van Oranje. Tegen de Spanjaarden is een zware zeeslag geleverd, de "Slag op de Zuiderzee". Daarbij werd de bevelhebber van de vloot, stadhouder De Bossu, gevangen genomen. Op de Bossuhuizen aan de Slapershaven is in gevelstenen en schilderingen deze zeeslag fraai weergegeven.

Standbeeld van J.P. Coen op de Roode Steen

Gedurende de 16e en 17e eeuw kende de stad haar grootste bloei, en was een van de steden die vertegenwoordigd was in de Vereenigde Oostindische Compagnie. Ook de WIC (West-Indische Compagnie), de Noordse Compagnie (of Compagnie van Spitsbergen), de Admiraliteit van het Noorderkwartier, de Westfriese Munt (afwisselend ook in Enkhuizen) en het College van Gecommitteerde Raden van West-Friesland en het Noorderkwartier waren in Hoorn gevestigd. Hoorn was daardoor de formele hoofdstad van het gebied boven het IJ. Jan Pieterszoon Coen werd in Hoorn geboren. De Hoornse schippers Jacob le Maire en Willem Cornelisz Schouten rondden met de schepen Hoorn en Eendracht als eersten de zuidelijkste punt van Zuid-Amerika, en noemden deze Kaap Hoorn.

De 18e eeuw kenmerkt zich in Hoorn door achteruitgang van de economie. De havens waren verzand geraakt, de schepen voeren door naar Amsterdam of naar Zaandam (waar, evenals in buurdorp Oostzaan, de schepen gerepareerd werden). Treurig dieptepunt vormde de Franse tijd, waarin Franse troepen in Hoorn gelegerd waren. In deze periode werd ook het oude stadhuis aan de Rode Steen afgebroken. Hoorn raakte in deze tijd (1795) ook zijn gewestelijke hoofdstadfuncties kwijt. Deze kwamen ook niet meer terug: in 1810 werd Holland één provincie. Toen later Noord-Holland afgescheiden werd, werd Haarlem de nieuwe hoofdstad.

Toch bloeide Hoorn in de 19e eeuw weer op. Het West-Friese platteland leverde steeds meer agrarische producten en kaas, en die werden in of via Hoorn verhandeld. Hoorn was in die tijd de grootste kaasmarkt van Noord-Holland, en ook de veemarkt was omvangrijk. Ook werden er in Hoorn scholen met een regionale functie gesticht, en was er een arrondissementsrechtbank. Tevens werd Hoorn garnizoensstad en een belangrijk spoorwegknooppunt. Hoewel niet formeel, werd Hoorn toch weer een functionele hoofdstad voor de regio, met alleen Alkmaar in een soortgelijke functie voor het gebied boven het IJ.

De gemeente Hoorn werd in 1966 aangewezen als groeikern (eerst industrialisatiekern), wat in 1985 afliep. Sindsdien is Hoorn toch doorgegroeid. Hoorn huisvest veel forenzen, maar speelt zelf ook een belangrijke werkgelegenheidsrol met in 2007 ca. 30.700 arbeidsplaatsen.

[bewerken] Herkomst naam Hoorn

Over de herkomst van de naam Hoorn - in oude spelling ook Hoern(e) of Hoirne - doen vele mythes de rondte. De naam Hoorn is volgens oude Friese legenden afgeleid van de stiefzoon van koning Radboud, met de naam Hornus. Andere verhalen dat de naam Hoorn afkomt van een uithangbord met een posthoorn, dat begin 14e eeuw aan een van de etablissementen aan de Rode Steen hing. Een derde variant stelt dat de naam Hoorn afgeleid is van de hoornvorm van de eerste havens. De schrijver van de 'Origo Civitatis Hornensis' (zie blz. 256, 'Uit de schemer van Hoorns verleden') gaat ervan uit dat Hoorn van Damphoorn afgeleid is. Damphoorn is de middeleeuwse naam voor een kruid waarvan men fluitjes kon maken; deze groeiden volop in het buitendijkse gebied van Hoorn. Kroniekschrijver Velius verwerpt deze verklaring omdat er geen oude vermeldingen zijn waarin Hoorn nog Damphoorn genoemd wordt: De name was van eersten af Hoorn: niet (behoudens beter oordeel) van het kruyt Damphoorn, als t'ghemeyne ghevoelen van noch heden hout. Velius verwerpt ook de verklaring dat de naam van oorsprong Dampter Horn was: een buurt van het dorp Dampten, waarvan het eerste deel na verdrinking van het dorp Dampten vervallen is.

De benaming Hornicwed zou weleens de oorspronkelijke vorm kunnen zijn. Het middeleeuwse Hornic betekent Hoek, en wed of wedor is het middeleeuwse woord voor water. Talloze plaatsen en buurten in Nederland heten ook nu nog Heurne, Huurne of Horn. Hornicwed zou dan slaan op de ligging in een hoek in de kustlijn. Ook wordt weleens gesteld dat het gaat om een hoek in de dijk, maar dit roept twijfels op: de kust van de Zuiderzee lag toen verder van Hoorn dan nu: de Westfriese Omringdijk liep van oorsprong van het West in een rechte lijn naar Schardam, en voor deze dijk lag nog buitendijks land, waarop ook het door Velius genoemde dorp Dampten lag. Dit gebied is pas vanaf 1391 - toen de oude dijk opgegeven werd - overstroomd, nadat een nieuwe dijk met een hoek verder landinwaarts gelegd was, en de eerste aanzet voor de baai van het Hoornse Hop ontstond. Hoorn bestond toen echter al, evenals de naam. We kunnen voor Hornicwed ook denken aan de betekenis die we ook nog in ons huidige woord uithoek zien, namelijk een zeker (bewoond?) gebied op enige afstand, en dan gelegen aan het water (wed).

[bewerken] Ligging

Hoorn ligt ongeveer 40 kilometer ten noorden van Amsterdam, aan het Markermeer. Tevens ligt het tussen Alkmaar (ong. 20km) en Enkhuizen (ong. 15km). Het is de officieuze hoofdstad van de regio Westfriesland.

[bewerken] Bestuurlijke indeling

[bewerken] Overige plaatsen binnen de gemeente

Dorpen:

Buurtschappen:


[bewerken] Wijkindeling

Wijkindeling van de gemeente Hoorn.
  1. Binnenstad
  2. Venenlaankwartier
  3. Hoorn-Noord
  4. Grote Waal
  5. Risdam-Zuid
  6. Risdam-Noord
  7. Nieuwe Steen
  8. Zwaag
  9. Westerblokker
  10. Kersenboogerd-Noord
  11. Kersenboogerd-Zuid
  12. Hoorn 80
  13. Bangert en Oosterpolder

[bewerken] Aangrenzende gemeenten

   Aangrenzende gemeenten   
    Medemblik   Wervershoof 
 Koggenland   Drechterland 
        

[bewerken] Bezienswaardigheden

[bewerken] Trekpleisters van de stad


[bewerken] Grote monumenten

De Hoofdtoren
Westfries museum

Hoorn telt ca. 370 rijks- en ca. 250 gemeentelijke monumenten.

[bewerken] Kerken

[bewerken] Cultuur

[bewerken] Musea

Kultuurcentrum Manifesto


[bewerken] Concert en theater


[bewerken] Evenementen

[bewerken] Begoniatapijt

Elk jaar wordt in de laatste week van augustus de Roode Steen voorzien van een tapijt van begonia's. Het thema van 2006 (30 jaar Sesamstraat in Nederland) werd uitgebeeld met 140.000 bloemen, die samen een oppervlakte van 650 m2 besloegen.


In 2007 was het thema "de scheepsjongens van Bontekoe". Op de Roode Steen waren onder andere het stadswapen en de Hoofdtoren uitgebeeld in circa 160.000 begonia's.

[bewerken] Kaasmarkt

Sinds 2007 (het jaar waarin de stad haar 650-jarig bestaan vierde) wordt er op de Roode Steen op bijna elke donderdag een (toeristische) kaasmarkt gehouden. De kaasmarkt werd in 2007 weer in ere hersteld, want in het verleden was de Hoornse kaasmarkt de belangrijkste van Noord-Holland.

[bewerken] Bontekoerace

Jaarlijks wordt bij Hoorn de Bontekoerace gehouden met zeilschepen op het Markermeer.

[bewerken] Winkelen

De bekendste winkelstraten in Hoorn zijn Grote Noord, Kleine Noord, Nieuwsteeg, Nieuwstraat, Gouw, Gedempte Turfhaven en Lange Kerkstraat; samen worden deze ook wel 'het winkelrondje' genoemd. Andere belangrijke winkelstraten zijn Veemarkt, Breed, Ramen, Kruisstraat en Nieuwe Noord.

[bewerken] Markten

In het centrum is er markt op het Breed, de Gedempte Turfhaven, de Gouw en de Nieuwstraat op zaterdag van 09.00 - 17.00 uur; in het winkelcentrum Huesmolen op woensdag van 09.00 - 16.30 uur, en in het winkelcentrum Kersenboogerd op dinsdag van 09.30 - 16.30 uur.

[bewerken] Bekende winkels uit Hoorn

De volgende winkelketens vinden hun oorsprong in Hoorn:

[bewerken] Recente gebeurtenissen

  • In 1999 werd het Westfries Gasthuis in Hoorn geconfronteerd met een zeer grote uitbraak van de veteranenziekte. De bron van de bacterie bevond zich op de bloemententoonstelling Westfriese Flora in Bovenkarspel. 32 mensen overleden en meer dan 200 mensen werden ernstig ziek.
  • In 2001 stortte de toneeltoren van de nieuwbouw van Schouwburg Het Park in. Omdat het 's nachts gebeurde vielen er geen slachtoffers. Oorzaak: een constructiefout. Door juridische complicaties heeft het tot 2004 geduurd voordat de nieuwe schouwburg af was en door koningin Beatrix geopend kon worden.
  • Op 18 maart 2004 werd Martin Hoogland, die in 1991 topcrimineel Klaas Bruinsma vermoord had, doodgeschoten op het Keern. Hij fietste tijdens een proefverlof in de buurt van de gevangenis waar hij gedetineerd zat. De daders zijn (nog) niet gevonden.
  • In de nacht van 9 op 10 januari 2005 werden 21 schilderijen en zilverwerk gestolen uit het Westfries Museum. Tot nu toe ontbreekt elk spoor van daders en buit.
  • In maart 2007 werd het 650 jarig bestaan van Hoorn gevierd. Gedurende het gehele jaar werden er feestelijke activiteiten gehouden.

[bewerken] Politiek

[bewerken] Zetelverdeling gemeenteraad


Op 15 januari 2008 heeft de heer Tonnaer laten weten verder te gegaan met een eigen fractie onder de naam Tonnaer. Tonnaer was in het verleden raadslid voor de PvdA. De heer Tonnaer heeft zijn PvdA-lidmaatschap op moeten geven. Eind 2008 heeft de VVD-fractie het vertrouwen in de heer De Meij opgezegd. De heer De Meij is sindsdien verder gegaan als de fractie De Meij, maar is nog wel VVD-lid.

[bewerken] College van B&W

Het College van Burgemeester & Wethouders bestaat uit:

Eind december 2008 besloot de fractie van VOCH uit de coalitie te stappen. De wethouder van VOCH stelde daardoor zijn portefeuille beschikbaar. Zijn werkzaamheden werden door de overige collegeleden overgenomen.

[bewerken] Sport

[bewerken] Bekende inwoners van Hoorn

[bewerken] Ereburgers

[bewerken] Geboren in Hoorn

[bewerken] Elders geboren

[bewerken] Verkeer en vervoer

Er zijn buslijnen naar diverse plaatsen verzorgd door Connexxion en Arriva. Arriva rijdt uitsluitend richting het zuiden, Amsterdam en Edam zijn de eindbestemmingen van de desbetreffende lijnen.

[bewerken] Spoorwegstations

[bewerken] Partnersteden

[bewerken] Zie ook

[bewerken] Externe links

Skyline van Hoorn, gezien vanaf het Hoornse Hop
Image:Hoorn Skyline.jpg
Skyline van Hoorn, gezien vanaf het Hoornse Hop

[bewerken] Bronnen, noten en/of referenties

Bronnen, noten en/of referenties:

  1. De verwarring rond het jaartal (1356 of 1357) wordt veroorzaakt door een verschil in de jaartelling: in die tijd begon een nieuw jaar niet op 1 januari maar met Pasen. De datum 26 maart valt zodoende, volgens onze jaartelling, in het jaar 1357. Nader onderzoek van de eigenlijke akte waarop het Stadsrecht vermeld staat heeft echter uitgewezen dat het Stadsrecht werd verleend in 1356. Dit bleek uit de titulatuur van Willem V.
 
Persoonlijke instellingen
Boek maken