Huisnummer

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken

Het huisnummer is het nummer dat door de gemeente aan een opstal wordt gegeven. Een huisnummer is onderdeel van een adres. Volgens de Wet basisregistraties adressen en gebouwen bestaat ieder adres uit de aanduiding van de openbare ruimte (straatnaam), de nummeraanduiding (huisnummer), de postcode en de woonplaats.

Het gebruik van huisnummers werd omstreeks 1800 voorgeschreven door de napoleontische regering. In Venetië en Rome zijn echter huisnummers aangetroffen uit het begin van onze jaartelling.

Huisnummers in Nijmegen

Indeling[bewerken]

1 3 5   7 9   11   13 15 17   Huisnummers worden meestal zo toegekend dat de even nummers aan de ene en de oneven nummers aan de andere kant van een straat zijn gelegen. Daarbij wordt niet gelet op de onderlinge afstand van de huizen. Dat houdt in dat de bewoner van een huis met het nummer 8, niet noodzakelijk de nummers 7 en 9 tegenover zich heeft.
 
2 4 6   8 10           12 14
 
1 2 3 4 5 6 7 8 9 10   In een straat die aan maar een kant bebouwd is, zijn de nummers soms doorlopend, dus even en oneven aan dezelfde kant. Deze wijze van nummering wordt officieel afgeraden omdat bezoekers het niet zo gewend zijn.
 
 
1     4   6 7 8   10     Verder komt het voor (onder andere in Bodegraven) dat de huizen doorlopend genummerd zijn, ongeacht of ze zich links of rechts bevinden. Nummer 8 bevindt zich dan tussen 7 en 9, maar de huizen kunnen zowel links als rechts van de straat zijn. Dit systeem kan gecombineerd worden met het normale systeem.
 
  2 3   5       9   11
 
1 3 5 7 9 11 13   Soms heeft een (doodlopende) zijstraat geen eigen straatnaam maar dezelfde naam als de hoofdstraat. In die zijstraat zijn de nummers aan weerszijden even of aan weerszijden oneven. Het is een situatie die wel eens tot verwarring leidt, omdat bezoekers zich niet realiseren dat ze in een zijstraat zijn.
 
2 4 6   18 20 22
8   16
10   14
12  

In straten met woningen boven winkels komt het, onder meer in Amsterdam, voor dat de nummering van de winkels voor of achter loopt op de nummering van de boven gelegen woningen, met name als de toegangen van de woningen zich aan de zij- of achterkant van het pand bevinden en de winkeldeuren aan de voorkant.

Loopt men door een straat in de richting van oplopende huisnummers, dan is dat meestal van het stadscentrum naar de buitenwijk. Welke nummers links en rechts zijn, is per gemeente verschillend. In sommige gemeentes zijn de even nummers links en de oneven nummers rechts, in andere gemeentes is het andersom. Binnen eenzelfde gemeente is het meestal wel consequent.

In kantoren en hotels kan men vaak aan het begincijfer zien op welke verdieping een kamer is. Bij huisnummers in een flatgebouw is er meestal geen relatie tussen huisnummer en verdieping.

Toevoegingen[bewerken]

Binnen een enkel perceel[bewerken]

Indien op een perceel meerdere woningen staan, wat vooral bij huizen met meerdere verdiepingen het geval is, kan elk adres een volwaardig huisnummer hebben, maar het komt ook voor dat de adressen onderscheiden worden door middel van een toevoeging achter het nummer, meestal opvolgende letters.

In Amsterdam wordt een benedenwoning met huis aangeduid (afgekort hs) en hebben de bovenwoningen opvolgende Romeinse cijfers, uitgesproken als een-hoog, twee-hoog enz.

Bij sommige portiekflats is er op de begane grond ruimte voor bergingen. Dan wordt de woning op de 1e etage als hs aangeduid,de woningen op de 2e etage als I enz. Dit geeft soms verwarring.

In de stad Utrecht heeft de eerste bovenwoning vaak het toevoegsel bis, een tweede bovenwoning krijgt de aanduiding bis A. In Haarlem en Maassluis worden voor de beneden- en bovenwoning respectievelijk de aanduidingen zwart en rood gebruikt.

Een studentenflat, bejaardenwoning of iets dergelijks heeft vaak één enkel huisnummer. Daarachter komt als toevoeging het kamernummer, dat dus uit cijfers bestaat en waaraan vaak de verdieping afgelezen kan worden. Bijvoorbeeld Witbreuksweg 307-309. Dat is dan gebouw 307, verdieping 3, kamer 9. Het eigenlijke huisnummer is 307, dus oneven. Dergelijke huisnummers geven wel eens verwarring bij personen die het systeem niet kennen. Men zou kunnen denken dat het om twee aaneengesloten panden gaat, en dat alleen '307' wel voldoende zal zijn. Gevolg is vertraging bij de postbezorging.

In Maastricht combineert men letters met cijfers. Dit gebeurt met name bij studentenhuizen in blokvorm. Zo kan het voorkomen dat men op 146A02 woont. Dit is dan huisnummer 146, begane grond (A), kamer 2.

In Australië is de volgorde omgekeerd: eerst de toevoeging en daarna het huisnummer, gescheiden door een breukstreep.

Naderhand toegevoegde adressen[bewerken]

Vrijwel overal komen adressen met een letter als toevoeging voor, zoals 12A of 73K. Deze nummering wordt meestal gekozen en toegepast bij de bouw van woningen tussen bestaande bouw, waardoor er nummers te kort zijn en er wordt overgegaan op letter-toevoegingen. De letters I en O worden daarbij vaak overgeslagen vanwege hun gelijkenis met de cijfers 1 en 0.

Samengevoegde woningen[bewerken]

Als van meerdere, kleinere woningen een huis wordt gemaakt, krijgt het 'nieuwe' huis soms de beide 'oude' nummers. Bijvoorbeeld Koningsstraat 8-10 (uitgesproken als 8 tot 10 of 8 en 10).

Afwijkende adresseringen[bewerken]

In Lelystad heeft een hele wijk een naam en zijn de straten genummerd. Is het adres Gondel 26-95, ook geschreven als Gondel 2695), dan is dat: wijk Gondel, straat 26 (ook te interpreteren als: straat Gondel 26), huis 95. Het eigenlijke huisnummer is 95, en niet zoals mogelijk gedacht zou kunnen worden 26-95 of 2695. Ook in de Nijmeegse stadsdelen Dukenburg en Lindenholt en in bepaalde gedeelten van het dorp Wijchen wordt een afwijkende adressering toegepast. Net als in Lelystad zijn in deze stadsdelen de straten genummerd, alleen maakt het straatnummer ook deel uit van het huisnummer. Zo betekent het adres Malvert 3341 in Dukenburg een adres in de wijk Malvert, in de 33e straat, met het huisnummer 3341, waarin de eerste twee cijfers staan voor het straatnummer.

Woonboten[bewerken]

Adressen van woonboten kunnen op verschillende manieren worden weergegeven:

met hoge nummers
bijvoorbeeld: Steenkade 1011 betekent de 11e woonboot
Dit systeem wordt het meest toegepast.
met t/o (tegenover)
bijvoorbeeld: Steenkade t/o 56 (dat wil zeggen de woonboot tegenover huisnummer 56)
met a/b (aan boord)
bijvoorbeeld: Steenkade a/b Twee Gezusters
Adressering met de naam van de boot wordt niet vaak meer toegepast.

Zie ook[bewerken]