I-168

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
I-168

De I-168 (Japans: 伊号第一六八潜水艦) was een Japanse Kaidai-klasse onderzeeër (KD6 Type) van de Keizerlijke Japanse Marine gedurende de Tweede Wereldoorlog in de Stille Oceaan. In de Slag bij Midway bracht hij twee Amerikaanse oorlogsschepen tot zinken, het vliegdekschip USS Yorktown (CV-5) en de torpedobootjager USS Hammann (DD-412). In die periode stond de I-168 onder commando van commandant-luitenant-ter-zee Yahachi Tanabe.

Geschiedenis[bewerken]

De onderzeeër werd afgewerkt op de Kure Dock Yard, Japan, op 31 juli 1934. Ze werd geregistreerd als I-168. Op 23 november 1941 werd de I-168 ingezet om deel te nemen aan de aanval op Pearl Harbor. Deze operatie, samen met andere I-boten en Type A dwergonderzeeboten, werd een mislukking en alle Type A dwergonderzeeërs werden vernietigd of vergingen. Ze bleef daar op patrouille en op post tot 13 december.

13 en 14 december 1941[bewerken]

De I-168 werd aangevallen door Amerikaanse torpedojagers en kreeg 21 nabijtreffers van dieptebommen te verwerken. Deze laatste aanval beschadigde haar batterijen en deden haar hektorpedobuizen onderlopen. Na haar reparatie te Kwajalein, ondernam de I-168 weer haar patrouilles in de Grote Oceaan, voordat ze op 20 mei 1942 werd ondergebracht bij het Algemene Onderzeebootprogramma, ondersteund door IJN.

Slag bij Midway[bewerken]

Kapitein-ter-zee Yahachi Tanabe, wiens onderzeeboot, de I-168, op 10 mijl ten zuiden van Sand Island lag, kon het bombardement op Midway uitstekend volgen. "Het eiland," schreef hij na de oorlog, "veranderde in een laaiende vuurzee, met ontploffende brandstoftanks en militaire gebouwen. We zagen hoe het overdekt werd met vlammen en een dikke, zwarte rook. Ik liet mijn stuurman, mijn verbindingsofficier en mijn artillerieofficier om beurten door de periscoop kijken." Er ging een gejuich op bij de bemanning toen Tanabe bekendmaakte dat een grote brandstoftank geraakt was.

4 juni 1942 - Bij wijze van begin werd Tanabe, die nog steeds bij Midway patrouilleerde, bevolen dichter naar het eiland te varen en het vliegveld met het dekkanon te beschieten. De beschieting moest doorgaan tot Tanabe gezelschap kreeg van de 4 zware kruisers van Kondo's invasiegroep, de "Mikuma", de "Mogami", de "Suzuja" en de "Kumano". Het slagschip "Hiei" zou direct na aankomst ook aan de strijd deelnemen. De spanning bereikte om ong. 01.00 u van 5 juni, toen Tanabe's onderzeeboot, handelde in overeenstemming met de bevelen die hij te 20.30 u van Vlootadmiraal Yamamoto ontvangen had. Hij dook in de lagune op en schoot de eerste granaat op Midway af. Tanabe's I-168 vuurde met zijn boordkanon naar de kustverdediging, maar toen hadden twee zoeklichten de I-168 in hun bundels. Kustbatterijen begonnen op hem te schieten en aan alle kanten vlogen granaten rondom de onderzeeboot. Tanabe moest teleurgesteld de aftocht afblazen. Hij voer zuidwaarts weg en wist achtervolgende oppervlakteschepen van zich af te schudden. Tanabe schreef later; "Ik was boos en teleurgesteld, omdat ik mijn taken niet volledig volbracht had !" Daarna wachtte hij zijn verdere orders af. (Hij had toen nog geen opdracht gekregen de USS Yorktown te lokaliseren en tot zinken te brengen.)

Yorktown en Hammann[bewerken]

6 juni 1942 - Nadat de USS Yorktown getroffen was door bommen en torpedo's van de "Hiryu"-aanvalsgroep, onder eskaderleiding van luitenantvlieger Tomonaga (waarbij deze te pletter sloeg op de carrier) werd het Amerikaanse vliegdekschip weer rechtgezet en provisorisch hersteld tot zeewaardigheid. Een Japanse verkenner had haar echter weer teruggevonden en meldde dit naar admiraal Yamamoto. Deze riep de I-168 op en gaf Tanabe meteen de order om de USS Yorktown op te sporen en te vernietigen. Tanabe verliet full-speed Midway en arriveerde omstreeks 13.00 u, nadat hij zich onder het Amerikaanse torpedojager-cordon een weg had gebaand. De I-168 kwam op periscoopdiepte en zag de USS Yorktown en de USS Hammann (DD-412) voor zich, traag voorbijvaren op sleeptouw genomen door de sleepboot USS Vireo en de vooraan-stuurboordgemeerde en varende USS Hammann. Deze gaf de carrier stroom voor de pompen en tevens sleepte hij mede de USS Yorktown voorts met een slakkengang van 4 knopen.

Commandant Tanabe moet bij zichzelf gedacht hebben, dat het twee vliegen in één klap zouden zijn, mocht hij ze allebei treffen. Hij berekende snel de afstand en vuurde meteen 4 torpedo's af en beval snel wegduiken. Aan boord van de gewonde carrier hield de werkploeg net lunchpauze. De mannen zagen aan stuurboordzijde de torpedo's aanstormen. De USS Hammann had geen tijd de trossen te kappen en één van de torpedo's trof de torpedojager midscheeps zodat die finaal in tweeën brak met een oorverdovende ontploffing. De USS Hammann zonk bijna onmiddellijk, en terwijl het in de golven verdween, ontploften de scherp afgestelde dieptebommen onder water. Vele manschappen die overboord geslagen waren of in het water sprongen, vonden daardoor de dood. Twee andere torpedo's troffen de USS Yorktown, en toen het wrak de twee fatale schokken had doorstaan, wist de bevelhebber van de carrier, kapitein-ter-zee Elliott Buckmaster dat het nu definitief afgelopen was. Een derde keer om de gewonde carrier te redden was er niet meer bij. Terwijl Buckmaster zijn manschappen weer van het getroffen schip haalde, probeerden 6 torpedobootjagers de I-168 tot zinken te brengen. Commandant Tanabe kreeg 60 nabijtreffers van dieptebommen te verwerken en aan het eind van de aanval was de Japanse onderzeeër beschadigd. De lichten vielen uit, de pompen vielen stil, de batterijen waren beschadigd en er ontsnapte chloorgas uit de batterijen. Dit dodelijk gas was de grootste angst van de mannen in de I-168. Tanabe beval onmiddellijk hun gasmaskers op te zetten.

Maar gelukkig voorlopig voor de I-168 stopte de aanval en brak de aanvallende Amerikaanse torpedojagers hun aanval af. Ze werden teruggeroepen naar de USS Yoktown, omdat ze nog een ander aanvalsbericht had doorgeseind gekregen. Tanabe begreep er niets van, maar voelde zich opgelucht. Hij bracht de I-168 naar de oppervlakte, wat het de rest van de perslucht kostte. Toen Tanabe op de brug klom, was er geen spoor van de vijandelijke torpedojagers te bespeuren. Maar hij zag wel ineens drie torpedobootjagers. De USS Hughes zag de Japanner boven water varen, en alle drie de boten stormden eropaf. Dat waren de USS Hughes (DD-410), de USS Gwin (DD-433) en de USS Monaghan (DD-354). Tanabe, die iedere seconde benutte, bleef zijn batterijen en persluchttanks opladen en voer full-speed weg. De I-168 bleef doorvaren, zelfs toen de USS Hughes zo dicht was genaderd, dat hij het vuur kon openen met zijn 12.5-cm kanonnen op de boeg. Op het laatste moment dook Tanabe en liet zijn onderzeeboot 180° draaien en liep onder de torpedobootjagers door.

De list slaagde, de I-168 ontsnapte en met een slakkengang voerde hij terug naar Japan, met nog maar twee werkende motoren van de vier. (2 diesels en 2 elektromotoren), waar ze na 12 dagen aankwam. Navolgend de volledige reparaties te Sasebo, werd de I-168 weer geplaatst onder commando van luitenant-ter-zee Katsuji Watanabe en werd nu belast met een missie met bescherming van transport- en troepentransportschepen naar de belegerde Salomonseilanden en Kiska in het noorden.

De USS Yorktown daarentegen, bleef tot de volgende ochtend, (6 juni, Japanse tijd en 7 juni, Amerikaanse tijd) nog drijven. Toen sloeg het vliegdekschip naar zijn bakboordzijde om en zonk naar de oceaanbodem, 5.500 meter diep.

Einde I-168[bewerken]

Op 27 juli 1943 ontmoette de I-168 onder commando van luitenant-ter-zee Sakae Nakajima de Amerikaanse onderzeeër USS Scamp (SS-277) in de Straat Stefan nabij Lavongai. De Amerikaanse onderzeeër USS Scamp werd aangevallen door de I-168 die een torpedo op hem afvuurde. Walter G. Ebert, de commandant van de USS Scamp ging vol vooruit en voerde een snelduik uit voor de aankomende torpedo, die hij liet voorbijgaan op 220 voet (67 meter). Daarna sloop Ebert terug naar periscoopdiepte. Om 18.12 u. vuurde de USS Scamp 4 torpedo's op de Japanner af. De I-168 werd getroffen en zonk met alle 97 manschappen aan boord naar de zeebodem, op 60 mijl van Lavongai op 02°50 Zuid en 149°01 Oost.

Bevelhebbers I-168[bewerken]

  • Chef Uitrusting Officier - Commandant Nobumichi Tsuruoka - 23 februari 1934 - 31 juli 1934
  • Commandant Nobumichi Tsuruoka - 31 juli 1934 - 15 november 1934
  • Luitenant-ter-zee Nobunosuke Ota 15 november 1934 - 15 november 1935
  • Luitenant-ter-zee Yasuchika Kayabara - 15 november 1935 - 1 december 1938
  • Luitenant-ter-zee Sumihiko Hatanaka - 1 december 1938 - 15 december 1938
  • Luitenant-ter-zee Shinji Uchino - 15 december 1938 - 1 september 1939
  • Luitenant-ter-zee Tomiichi Muraoka - 1 september 1939 - 19 oktober 1940
  • In Reserve - 19 oktober 1940 - 25 juli 1941
  • Luitenant-ter-zee Otoji Nakamura - 25 juli 1941 - 31 januari 1942 - (Hij werd op 13 en 14 december 1941 aangevallen door Amerikaanse torpedojagers nabij Hawaï en kreeg 21 nabijtreffers van dieptebommen, die hem serieus achteraan en zijn batterijen beschadigden.)
  • Luitenant-ter-zee Yahachi Tanabe - 31 januari 1942 - 30 juni 1942 - (Hij was verantwoordelijk tot het tot zinken brengen van de USS Yorktown en USS Hammann.)
  • Commandant-ter-zee Kinzo Tonozuka - 30 juni 1942 - 31 augustus 1942
  • Luitenant-ter-zee Katsuji Watanabe - 31 augustus 1942 - 15 oktober 1942
  • Luitenant-ter-zee Sakae Nakajima - 15 oktober 1942 - 27 juli 1943 (KIA) - (Op 27 juli 1943 verging de I-168 door een torpedoaanval van de USS Scamp onderzeeër.)

I-168[bewerken]

  • Werf: Kure Dock Yard, Kure, Japan
  • Klasse: Kaidai-klasse
  • Type: KD6-onderzeeër
  • Eenheden: 8 (Geen enkele overgebleven)
  • Schepen: I-168, I-169, I-170, I-171, I-172, I-173, I-174 en I-175
  • Jaren gereedgekomen: Van 1934 tot 1938

Technische gegevens[bewerken]

  • Lengte: 343,50 voet - 104,69 meter
  • Breedte: 27 voet - 8,22 meter
  • Diepgang: 15 voet - 4,57 meter
  • Waterverplaatsing: 1.785 ton - 2.440 ton (geladen)
  • Machines: 2 diesels 9.000 Pk - 2 elektrische motoren 1.800 Pk - 2 schroeven
  • Snelheid: 23 knopen - 42,59 km/u (boven water) - 8,25 knopen - 15,27 km/u (onder water)
  • Reikwijdte: 14.000 km aan 10 knopen - 18,52 km/u
  • Maximum diepte: 250 voet - 76 meter (veiligheidsdiepte) - (in vergelijking met de U-boten, niet erg diep)
  • Bemanning: 70 man - 97 man officieren en manschappen (Tweede Wereldoorlog)

Bewapening[bewerken]

  • 4 x 533-mm torpedobuizen-vooraan (boegbuizen)
  • 2 x 533-mm torpedobuizen-achteraan (hekbuizen)
  • 1 x 10-cm 65 kaliber-dekkanon
  • 14 torpedo's

Externe links[bewerken]

Bronnen, noten en/of referenties
  • Kolonel A. J. Barker - Midway: Keerpunt in de Stille Oceaan - Tweede Wereldoorlog - Standaard uitgeverij - Antwerpen/Utrecht