IJzertoren

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken

De IJzertoren is een toren en vredesmonument in de West-Vlaamse stad Diksmuide.

Situering[bewerken]

De IJzertoren
De IJzertoren met ervoor de Paxpoort
Crypte voor de IJzertoren

Deze toren, oorspronkelijk ingewijd op 24 augustus 1930, staat aan de oever van de stroom de IJzer, nabij het stadscentrum van Diksmuide op het grondgebied van deelgemeente Kaaskerke.
Op de toren staat aan de vier zijden van de monumentale voet te lezen Nooit meer oorlog, in de vier talen van de strijdende partijen van het westelijk front tijdens de Eerste Wereldoorlog: Plus jamais de guerre, No more War, Nie wieder Krieg.

De IJzertoren is in de eerste plaats een herdenkingsmonument voor de Vlaamse gesneuvelden van de Eerste Wereldoorlog, maar hij staat tegelijk ook symbool voor de aan de IJzer ontstane wil tot meer politieke verzelfstandiging van Vlaanderen (zie onder meer frontbeweging, frontpartij). De jaarlijkse IJzerbedevaart aan de voet van de toren is een politieke manifestatie tegen oorlog en voor Vlaams zelfbestuur.

Op de IJzertoren staan in kruisvorm de letters AVV / VVK, wat staat voor Alles Voor Vlaanderen, Vlaanderen Voor Kristus; weliswaar kwam het IJzertestament van in het begin op voor pluralisme.

Enige jaren na de dynamitering (zie verder) van de oorspronkelijke toren op 15 maart 1946, werd op enige meters daarvandaan een nieuwe en veel hogere (84 meter) toren gebouwd. Met de resten van de opgeblazen toren werd op het voorterrein, in de IJzerbedevaartweide, in 1950 de Paxpoort of Poort van Vrede gebouwd.
De ruïne van de oude toren (destijds ongeveer 50 m hoog) wordt als blijvende getuigenis zorgvuldig bewaard. Hierbij bevindt zich een crypte, waarnaar tussen 1930 en 1937 de stoffelijke resten van enkele bekende Vlaamse frontsoldaten werden overgebracht. Het gaat om Renaat De Rudder, Joe English, Frans Van der Linden, Firmin Deprez, Frans Kusters, Hubert Willems en Juul De Winde. In één kist liggen de Gebroeders Van Raemdonck samen met de Waalse soldaat Aimé Fiévez. De ruïne werd, samen met de crypte, in 1997 volledig gerestaureerd.

Aan de bouw van de toren werd gewerkt van 1952 tot 1965. Architect was Robert Van Averbeke. De toren telt 462 trappen, en werd gebouwd met onder andere 325.000 bakstenen, 388 ton ijzer en 3000 m³ gewapend beton.

De oprichting van de IJzertoren kwam er destijds dankzij een groot gezamenlijk volksgevoel, en werd gefinancierd met ingezamelde vrijwillige bijdragen van talloze individuele Vlamingen en verenigingen.

Museum en erkenning[bewerken]

De 22 verdiepingen van de IJzertoren zijn ingericht als een museum over Oorlog, Vrede en Vlaamse ontvoogding. Het maakt sinds 1998 deel uit van het Vredesmusea-netwerk van de Verenigde Naties.

In 2003 bereikte het museum de Top 10 van meest bezochte musea in Vlaanderen.

Op het IJzertorendomein wordt sinds 2001 het (multicultureel) muziekfestival Ten Vrede georganiseerd.

De IJzertorensite trekt met zijn museum en jaarlijkse activiteiten jaarlijks meer dan 100.000 bezoekers.

In de IJzertoren staat eveneens de gouden monstrans tentoongesteld, die aan de Belgische soldaten werd overhandigd door de Duitse soldaten op de dichtgevroren IJzer op Kerstdag 1914, tijdens de kerstbestanden van de Eerste Wereldoorlog.

De IJzertoren is in 1986 door de Vlaamse overheid erkend als Memoriaal van de Vlaamse ontvoogding. In 1993 werd het geheel geklasseerd als beschermd monument[1].
Met zijn 84 meter is de IJzertoren het hoogste vredesmonument van Europa.

Opblazen van de toren[bewerken]

De oorspronkelijke toren is het doelwit geweest van een aanslag (met dynamiet), waardoor hij volledig verwoest werd in de nacht van 15 op 16 maart 1946. Een gerechtelijk onderzoek werd ingesteld en dertien verdachten werden voorgeleid maar werden ruim tien jaar later door de Kamer van inbeschuldiging te Gent buiten vervolging gesteld[bron?]. De betrokkenheid van de ontmijningsdienst DOVO werd evenwel bewezen geacht[bron?].
De omstandigheden rond de verwoesting van de toren en de afwikkeling erna vormen in de Belgische naoorlogse periode, zij het in een andere context, al een even beladen dossier als de moord op Julien Lahaut op 11 augustus 1950.

Referenties[bewerken]

  1. IJzertorencomplex - Fiche Onroerend Erfgoed

Zie ook[bewerken]

Externe links[bewerken]