Ikat

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Ikat abr, silk and cotton, 19e eeuw, Uzbekistan. Smithsonian collections.

Ikat is een techniek waarmee men textiel van motieven voorziet door, voorafgaand aan het verfproces, delen van de garens zo samen te binden en te bedekken dat de kleurstof zich daar niet kan hechten. De techniek is mogelijk duizenden jaren geleden in China ontstaan. In Nederland is het bekend onder de uit het Maleis stammende naam Ikat. In Guatemala spreekt men van Jaspe, in Japan van Kasuri , in Thailand van Matmee of Mudmee. Oeigoeren en Oezbeken noemen het Atlas.

Voorafgaand aan het verven worden de draden op lengte gesneden en in strengen samengebonden. Afgemeten delen van een streng worden afgebonden en bedekt met een materiaal dat de verf en/of de beits (het mengsel waardoor een kleurstof zich kan hechten) niet doorlaat. Men gebruikt daarvoor een vloeistafafstotende, vaak washoudende substantie. Het afbinden gebeurt volgens een nauwkeurig systeem. Na een verfbad wordt het garen gedroogd en het verf- en vloeistofafstotende materiaal verwijderd. Hierna kunnen de strengen op andere plaatsen worden afgebonden en in een verfbad met een andere kleur worden gedompeld. Als dit proces meerdere keren is herhaald zal zich tijdens het weven een veelkleurig patroon aftekenen.

  • De techniek waarmee men textiel van motieven voorziet door, voorafgaand aan een verfbad, in de geweven stof stevige knopen te leggen, zodat de kleurstof zich op die plaatsen niet zal kunnen hechten, noemt men Tie-dye (tie and dey).
  • De techniek waarmee men textiel van motieven voorziet door, voorafgaand aan een verfbad, de geweven stof in nauwkeurig bepaalde patronen te bedekken met een verfafstotend materiaal noemt men batik.

Schering en inslag bepalen het soort ikat. Afhankelijk van de vraag of alléén de schering, of alléén de inslag of beide bestaan uit de plaatselijk in kleur afwijkende draden, onderscheidt men:

  • Schering-ikat: Dit is de eenvoudigste techniek waarbij alleen de inslag effen van kleur is en de schering plaatselijk in afwijkende kleuren is geverfd. Het patroon is al voor het weven op de opgespannen schering-draden zichtbaar. Bij deze soort ikat worden in verhouding veel scheringdraden dicht op elkaar gebruikt waardoor een stijve stof ontstaat.
  • Inslag-ikat: Bij deze techniek is de voortdurende aandacht van de wever vereist, omdat het patroon pas tijdens het weven zichtbaar wordt. Alleen de inslag die de wever aanbrengt is meerkleurig, de opgespannen schering-draden zijn effen van kleur. De stof is soepeler dan de schering-ikat.
  • Dubbele ikat: dit is de moeilijkste techniek omdat zowel schering als inslag voorzien zijn van een geverfd patroon. Deze ikat is het soepelst van de drie omdat er evenveel schering als inslagdraden zijn per cm².