Incassobureau

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie

Ga naar: navigatie, zoeken

Een incassobureau is een onderneming die zich bezig houdt met het innen van openstaande vorderingen in opdracht van, met name, andere ondernemingen. Anno 2008 waren er alleen al in Nederland meer dan 600 incassobureau's actief.

Bedrijven kunnen, hetzij incidenteel gebruik maken, hetzij zich "abonneren" op de diensten van een incassobureau. Een incassobureau kan zijn diensten verlenen tegen een vergoeding, of de hele vordering kopen door middel van cessie dan wel via het vestigen van een pandrecht. Voor een cessie is wel mededeling aan de schuldenaar vereist. Bovendien is het voor het incassobureau riskant: als een incassobureau een vordering niet meer kan innen, om wat voor reden dan ook (bijvoorbeeld een faillissement, succesvol verweer of inhoudelijke argumenten van de debiteur), zal het de koopprijs betaald voor de cessie kwijt zijn. Weinig incassobureau's maken gebruik van cessie.

Er bestaan ook zogenaamde "debt traders", die oninbare vorderingen voor lage bedragen (bijvoorbeeld 25% van de nominale waarde) kopen en vervolgens het volle bedrag trachten te innen.

Inhoud

[bewerken] Diensten van een incassobureau

Het incassobureau zal na het aannemen van een zaak aanmanende of zelfs dreigende c.q. intimiderende, brieven aan de schuldenaar zenden. Meestal wordt dan alsnog betaald of een betalingsregeling afgesproken. Als dit echter geen effect heeft, zal alsnog tot dagvaarding kunnen worden overgegaan. Het incassobureau dient hiertoe een deurwaarder en eventueel zelfs een advocaat in te schakelen.

Incassobureaus hebben geen enkele wettelijke status: iedereen kan een incassobureau beginnen. Zelfs het hebben van een strafblad is geen beletsel voor het openen van een incassobureau. Omdat incasso een ruim winstgevende bedrijfstak is, bestaan er ook in ruime mate malafide incassobureaus. Grotere incassobureaus werken vaak nauw met deurwaarders en advocaten samen, of hebben ze zelfs in dienst. Sommige incassobureaus, zowel bonafide als malafide, hebben debiteuren-bezoekers in dienst, die de psychische druk op de schuldenaar tot maximale hoogte opvoeren door de debiteur in persoon, aan zijn eigen voordeur, te benaderen.

Sommige incassodiensten bieden ook "pre-incasso" aan. Dit is het in een vroeg stadium uit handen geven van een vordering, waarbij de druk op de schuldenaar telkens op 'subtiele' wijze wordt verhoogd en telkens (hogere) administratiekosten worden berekend. Sommige incassobureaus bieden een mogelijkheid tot uitbesteding van de gehele debiteurenadministratie.

Incassobureaus leveren soms kredietprofielen aan opdrachtevers. Dit geschiedt op basis van informatie, die bedrijven, zonder het goed te beseffen, 'vrijwillig' zelf verstrekken, gecombineerd met publieke informatie over faillissementen, surseances en schuldsaneringen. Hierdoor kan de opdrachtgever zich een beeld vormen van het bedrijf of de particulier met de eventuele kredietrisico's, voor men tot zaken overgaat. Lang niet ieder bedrijf wil vertrouwelijke bedrijfsinformatie vertrekken zonder enig zicht te hebben wat daarmee gebeurt, waardoor dit soort kredietprofielen maar een zeer beperkte betrouwbaarheid heeft.

Voor een bedrijf is inschakeling van een incassobureau niet altijd een uitkomst, maar voor een eenmanszaak is het vaak moeilijker om zelf achter wanbetalers aan te gaan. Te lang uitstaande vorderingen kunnen het bestaan van een onderneming serieus bedreigen en zelfs faillissementen veroorzaken. Tegen een vergoeding van doorgaans 15 % (of meer) van het uitstaande bedrag, schrijft een incassobureau wanbetalers aan. Een ondernemer zal echter moeten realiseren dat het direct inschakelen van een incassobureau een zodanig "hard" middel is dat het een zakenrelatie vrijwel zeker zal beschadigen. Zelfs als er "gewoon betaald" zal moeten worden.

[bewerken] Kritiek

Veel bedrijven maken misbruik van de angst van veel burgers voor incassobureaus. Als er een geschil is over bijvoorbeeld de kwaliteit van een geleverd product en de ontevreden klant wil wegens wanprestatie (gedeeltelijk) niet betalen (hetgeen zijn goed recht is), geeft dit bedrijf vaak maar al te graag de vordering uit handen aan een incassobureau. Dit begint vervolgens extra kosten te berekenen en stuurt dreigende brieven. Als de klant vervolgens contact opneemt, weet het incassobureau niet waar het om gaat, het doet immers slechts waar men voor betaald wordt. Het bedrijf beweert dat "alles nu toch uit handen is gegeven". Een toenemend aantal incassobureau's is niet erg kieskeurig in het aannemen van werk en incasseren, bewust of onbewust, ook volop vorderingen waarvan over de rechtmatigheid zeer te twisten valt.

Schuldenaren ergeren zich vaak aan de werkwijze van incassobureau's. Zo wordt regelmatig op een agressieve en dreigende wijze te werk gegaan. Het meest sprekende voorbeeld hiervan was een Duits incassobureau wiens medewerkers zich als "Russische maffia" uitdosten en op deze wijze bij schuldenaren langs de deuren gingen. Andere ontoelaatbare werkwijzen zijn dreigen met beslaglegging of faillissement, nog voordat sprake is geweest van een procedure of, bijvoorbeeld, het afstempelen van aanmaningsbrieven met de tekst "failliet". Er zijn ook bureaus die, hoe dan ook, niet op inhoudelijke of juridisch-technische verweren van schuldenaren ingaan en slechts aanmaningsbrieven blijven sturen. Soms zelfs met precies dezelfde standaardtekst. Incassobureau's rechtvaardigen hun onvriendelijk gedrag nog wel eens met het argument dat schuldenaren vaak eveneens onvriendelijk zijn, of zelfs met dreigementen op hun medewerkers reageren. Een ander argument is "dat de schuldenaar dit ook had kunnen voorkomen: het incassobureau doet alleen zijn werk". Vraag is natuurlijk wat 'oorzaak' is en wat 'gevolg'. Verschillende incassobureau's maken zich schuldig aan privacyschending door op ongeoorloofde wijze gegevens te verzamelen. Men vraagt bijvoorbeeld informatie op bij banken en gemeentes terwijl die in principe een geheimhoudingsplicht hebben (een incassobureau heeft niet de publieke bevoegdheden van de deurwaarder!). Medewerkers benaderen soms ook buren en kennissen van de debiteur om verhaalsmogelijkheden in kaart te kunnen brengen. Deze gegevens worden soms ook ongeoorloofd geregistreerd in dossiers en kredietprofielen, en doorgespeeld aan derden. In 2004 zijn nog verschillende boetes aan incassobureau's opgelegd door het College ter Bescherming van Persoonsgegevens.

Kredietregistratie door een incassobureau kan ertoe leiden dat bedrijven of banken geen zaken meer willen doen met de geregistreerde. Kredietregistratie vindt echter meestal direct plaats bij het inschakelen en wordt ook gelinkt aan het adres. Wanneer iemand echter succesvol verweer voert (bijvoorbeeld omdat hij aan kan tonen dat de vordering allang betaald was) loopt hij desondanks nog risico dat hij door de onterechte registratie achtervolgd wordt. Dat risico loopt ook een nieuwe bewoner, die 'besmet' kan worden door het slechte betalingsgedrag van zijn voorganger.

Kritiek bestaat ook op het soms hoog laten oplopen van de incassokosten. Weliswaar bestaan richtlijnen over de hoogte hiervan, maar de wet laat het ook aan de redelijkheid en billijkheid en de omstandigheden van het geval over. Er zijn excessen bekend waarin de verhoging honderden procenten van de hoofdsom bedroeg, waardoor bedragen onder de vijftig euro soms tot honderden euro's konden oplopen. Wel zijn rechters geneigd excessieve of onredelijke kosten te matigen.

Een voorbeeld van ontoelaatbare praktijken is dat van een Zweedse multinational die ongevraagd mensen ondergoed toestuurde en hen € 3,95 verzendkosten in rekening bracht, plus een verplichting om om de zoveel tijd een onderbroek van ze te kopen. Wie boos opbelde, werd niet te woord gestaan, en wie niet betaalde, kreeg al snel een incassobureau achter zich aan, dat de prijs, inclusief extra kosten, wist op te drijven tot € 69!

[bewerken] De debiteur

Debiteuren kunnen het beste contact zoeken met het incassobureau wanneer een incassobrief op de deurmat valt. Als de vordering terecht is, kan bij bonafide incassobedrijven vaak wel een betalings regeling getroffen worden, terwijl over de wettelijke rente en de incassokosten te onderhandelen is.

Wanneer een incassovordering onterecht is, kan men het beste schriftelijk verweer voeren, bij voorkeur onder termijnstelling. Blijft een inhoudelijke reactie van de schuldeiser uit dan heeft de debiteur in ieder geval zijn positie in een, eventuele, juridische procedure versterkt.

[bewerken] Factoring

Een incassobureau is niet hetzelfde als een factormaatschappij. Deze laatste neemt ook vorderingen over via verschillende juridische constructies, maar doet dit hoofdzakelijk in de Business to Business-sfeer. Daarnaast zal een factormaatschappij slecht- of oninbare vorderingen weigeren over te nemen.

[bewerken] Incassoadvocaat

Behalve een incassobureau zou een schuldeiser ook een gespecialiseerde incassoadvocaat kunnen inschakelen om zijn vordering bij de schuldenaar te innen. Een incassoadvocaat heeft, net als een deurwaarder, hiervoor meer mogelijkheden dan een incassobureau.

[bewerken] Zelfregulering

Hoewel incassobureau's geen wettelijke status hebben is wel vanuit de incassobranche het besef gegroeid dat een zekere mate van regulering nodig is. De Nederlandse Vereniging van Incasso-ondernemingen (NVI) is in 1989 door de incassobranche opgericht om het gebrek aan regelgeving op te vangen en een een maatschappelijk verantwoorde wijze van werken uit te dragen. De NVI vaardigt hiertoe richtlijnen uit en stelt minimum-eisen aan haar leden. Er bestaat een mogelijkheid tot geschillenbeslachting via een klachtprocedure bij de NVI. Deze procedure kunnen derden (debiteuren, opdrachtgevers, andere incassobureau's) tegen leden in gang zetten wanneer zij een geschil met hen hebben. Omdat de NVI een branchevereniging is, en daardoor niet onafhankelijk of belangeloos, wordt door sommigen aan de onpartijdigheid van deze regeling getwijfeld.

[bewerken] Gerechtsdeurwaarder

Een incassobureau wordt vaak verward met gerechtsdeurwaarder. Een gerechtsdeurwaarder heeft meer bevoegdheden dan een incassobureau en het beroep wordt beschermd door de wet, wat wil zeggen dat niet iedereen zonder meer een gerechtsdeurwaardersbureau kan beginnen.

Een ander misverstand is dat men al snel denkt dat een incassobureau of gerechtsdeurwaarder kan incasseren, maar in werkelijkheid moet een incassobureau of gerechtsdeurwaarder de debiteur eerst dagvaarden, waarna de rechter uitspraak zal doen of de gerechtsdeurwaarder maatregelen als loonbeslag of beslag op de inboedel mag nemen.

Er zijn slechts een paar overheidinstanties welke zonder tussenkomst van een rechter mogen incasseren. Wat opvalt is dat een van deze twee instanties het woord 'incassobureau' in haar naam heeft. Deze twee instanties zijn de Belastingdienst en het Centraal Justitieel Incasso Bureau. Overigens gaat het bij de laatst genoemde instantie in bepaalde gevallen om boetes opgelegd door een rechter.

 
Persoonlijke instellingen
Boek maken