Indische maraboe

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Indische maraboe
IUCN-status: Bedreigd[1] (2013)
Indische maraboe in Assam
Indische maraboe in Assam
Taxonomische indeling
Rijk: Animalia (Dieren)
Stam: Chordata (Chordadieren)
Klasse: Aves (Vogels)
Orde: Ciconiiformes (Ooievaarachtigen)
Familie: Ciconiidae (Ooievaars)
Geslacht: Leptoptilos
Soort
Leptoptilos dubius
(Gmelin, 1789)
Afbeeldingen Indische maraboe op Wikimedia Commons Wikimedia Commons
Indische maraboe op Wikispecies Wikispecies
Portaal  Portaalicoon   Biologie
Vogels

De Indische maraboe (Leptoptilos dubius) is een vogel uit de familie der ooievaars. De soort was ooit wijdverspreid in Zuid-Azië, maar broedt nu nog slechts in Assam (India) en Cambodja. Door de kleine populatie wordt de soort ernstig in zijn voortbestaan bedreigd.

Kenmerken[bewerken]

De Indische maraboe is een grote vogel met een hoogte van 145 tot 150 cm en een gemiddelde spanwijdte van 250 cm. De wigvormige snavel, die een lengte van meer dan 30 cm heeft, is lichtgrijs met een donkerdere punt. Volwassen vogels hebben donkere vleugels met lichtgrijze secundaire dekveren, terwijl de onderkant van het lichaam witachtig is. De nek is kaal en heeft een geel-rode kleur. Eromheen loopt een witte kraag. De soort lijkt op de Javaanse maraboe, maar die laatste is kleiner en heeft zwarte secundaire dekveren.

Verspreiding[bewerken]

Voor de twintigste eeuw kwam de Indische maraboe in grote delen van Zuid-Azië voor. In de negentiende eeuw kwam de vogel bijvoorbeeld in groten getale voor in Calcutta. Tegenwoordig zijn nog slechts drie plekken bekend waar de vogel nestelt, één in Assam en twee in Cambodja (één daarvan bij het Tonlé Sapmeer). Mogelijkerwijs bevinden zich in Myanmar ook nog broedplaatsen, maar bewijs daarvoor ontbreekt. Buiten het broedseizoen verspreidt de soort zich. De totale populatie wordt op dit moment geschat op 800 tot 1.000 volwassen exemplaren.

Gedrag[bewerken]

Tijdens het broedseizoen verblijft de Indische maraboe in draslanden. Buiten het broedseizoen breidt hij zijn leefgebied uit, bijvoorbeeld naar vuilstortplaatsen. De vogel is in de eerste plaats een aaseter, maar hij maakt ook jacht op grote insecten en kikkers en zelfs op vogels, reptielen en knaagdieren.

De Indische maraboe broedt in het droge seizoen, waarschijnlijk omdat er door de lage waterstand meer voedsel beschikbaar is. Het nestelen gebeurt in kolonies, soms samen met andere grote watervogels zoals de grijze pelikaan. De nesten worden boven in hoge bomen gemaakt. Het legsel bestaat gewoonlijk uit drie tot vier eieren, die beide ouders in 35 dagen uitbroeden.

Afbeeldingen[bewerken]


Bronnen, noten en/of referenties