Iriseren

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Iriserend oppervlak van zeepbellen
Morpho didius
Iriserende wolk
Schelpen van slakken als de zeeoor (Haliotis) worden verwerkt tot sieraden.

Iriseren (Grieks: iris = regenboog, ook iridiseren) is het natuurkundige verschijnsel waarbij, door breking en interferentie van licht in of aan het oppervlak van een voorwerp dit voorwerp een kleurrijke uitstraling in 'de kleuren van de regenboog' krijgt, waarbij de tinten veranderen afhankelijk van de kijkhoek, zoals bekend is van parelmoer of zeepbellen. Het verschijnsel wordt door mensen over het algemeen mooi gevonden.

Iriseren wordt veroorzaakt door meervoudige reflecties in (semi-)transparant materiaal. Hierdoor ontstaan faseverschuivingen in de na reflectie uittredende golven. Door onderlinge interferentie van deze ten opzichte van elkaar in fase verschoven golven ontstaan vervolgens weer modulatieverschillen, waarbij sommige golflengtes versterkt worden en andere juist verzwakt. De voor het iriseren verantwoordelijke reflecties ontstaan bijvoorbeeld in bergkristal door breking ten gevolge van kleine scheurtjes in het materiaal en in parelmoer doordat het materiaal is opgebouwd uit veel dunne laagjes.

Omdat het effect afhankelijk is van de kijkhoek kan iriseren feitelijk niet met fotografie worden vastgelegd, maar zou daar holografie voor moeten worden gebruikt.

Biologie[bewerken]

In de biologie zijn iriserende delen van planten of dieren een relatief veelvoorkomend verschijnsel dat vaak nog wat versterkt wordt wanneer de plant of het dier nat is. Het komt zéér veelvuldig voor bij vissen en (schelpen van) weekdieren en is ook tamelijk gebruikelijk in het verenkleed van vogels, zoals bij de pauw en de woerd. Ook de vleugels van vliesvleugeligen zijn doorgaans wel wat iriserend, maar ook op het lichaam van sommige insecten kan bijzonder mooi iriserende delen hebben, zoals bij goudwespen en veel kevers. Onder de reptielen dankt onder andere de regenboogslang zijn naam aan de iriserende huid (schubben). Bij zoogdieren is vaak de vacht of een (natte) neus of hoef wel enigszins iriserend. Een bekend iriserend verschijnsel in de natuur is de dunne laag licht-reflecterend weefsel voor de retina van het oog van nachtactieve katachtigen en krokodilachtigen. Deze laag, die tapetum lucidum wordt genoemd, reflecteert het licht waardoor de dieren in het donker beter kunnen zien. Door interferentie is het beeld echter waziger.

De Morpho-vlinders zijn ook erg bekend vanwege hun bijzonder felle iriserende kleuren. De structuur van de reflecterende elementen is echter niet simpel gelaagd, zodat alleen reflectie en kleurverschuiving optreedt als het licht bijna recht op deze structuur invalt.[1][2]

Meteorologie[bewerken]

In de meteorologie heeft men het over iriserende wolken wanneer hele wolken of wolkenbanken in parelmoerkleuren oplichten. Meestal betreft het dan altocumulus waarin het verschijnsel zich —voor de kijker— voordoet in de buurt van de zon. In dit geval treedt het iriseren vooral op ten gevolge van interferentie en zijn de kleuren afhankelijk van de grootte van de waterdruppeltjes of ijskristalletjes in de wolk en de manier waarop het licht erop valt.

Kunst[bewerken]

Mede vanwege de hoge mate waarin het verschijnsel met schoonheid wordt geassocieerd zijn van oudsher iriserende materialen populair bij het vervaardigen van sieraden en kunstobjecten. In eerste instantie werd daarbij gebruikgemaakt van natuurlijk iriserende materialen zoals parelmoer of bergkristal maar omdat het iriserend effect samenhangt met (minuscule) onregelmatigheden aan het oppervlak van materialen (of in het materiaal zelf in het geval van transparante materialen) zijn ambachtslieden ook bedreven geraakt in behandelingen die een iriserend effect tot gevolg hebben, zoals het slijpen van diamanten.

Met name in de glasblazerij zijn hiervoor diverse methodes ontwikkeld en is een 'iriseertrommel' gebruikelijk gereedschap. Met Iriseren en lusters is een verfraaingstechniek ontwikkeld die met name populair was in de Art Nouveauperiode. Hierbij wordt door chemische aantasting en vermenging van het glasoppervlak met metaalzouten (zoals tin-, zink- of titaniumchloride) iriserende effecten bereikt en/of lusters aangebracht (in een moffeloven zilver-, koper- of bismutverbindingen vermengd met gele oker inbranden).

Bronnen, noten en/of referenties