Israëlieten

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken

Israëlieten of het volk Israël, niet te verwarren met Israëliërs of het Israëlische volk, is synoniem geworden voor Joden of het Joodse volk.

Oorspronkelijk was de term Israëlieten, tijdens en na de tijd van het volk Israël in Egypte, de collectieve naam voor de leden van de 12 stammen van Israël. Het werd toen ook de naam voor de inwoners van het latere koninkrijk Israël.

De vroegste archeologische aanwijzing voor het bestaan van 'Israël' is de Stele van Merneptah (5e jaar ambtstermijn) waarop het voor het eerst genoemd wordt buiten de Bijbel. Het staat er met determinant teken voor volk, niet dat voor natie/land. Men concludeert daaruit dat de Israëlieten in 1220 v.Chr. reeds in Kanaän aanwezig waren, maar er nog niet gevestigd.[1]

Inhoud

[bewerken] De twaalf stammen van Israël

De grondgebieden van de stammen

Volgens de Hebreeuwse Bijbel kwamen de twaalf stammen van Israël oorspronkelijk voort uit de twaalf zonen van de aartsvader Jakob. Het beloofde land werd later zo opgedeeld dat iedere stam, behalve Levi, een eigen grondgebied kreeg. De zonen waren:

  • Aser (אשׁר Asjer of Āsēr)
  • Benjamin (בנימין Binjamin of Binyāmîn)
  • Dan (דן Dan of Dān)
  • Jozef (יוסף Josèf of Yôsēph) Dit werd gesplitst in de nakomelingen van zijn twee zonen:
    • Efraïm (אפרים Efrájiem of Ephráyim)
    • Manasse (מנשׁה Menasje of Mənasseh)
  • Gad (גד Gad of Gādh)
  • Issachar (ישׂשׁכר Jisachar of Yiśśâkhār)
  • Juda (יהודה Jehoeda of Yəhûdhāh) Later gingen de stammen van Benjamin en Simeon op in Juda (eigenlijke Joden).
  • Naftali (נפתלי Naftali of Naphtālî)
  • Ruben (ראובן Reöeven of Rə?ûbhēn)
  • Simeon (שׁמעון Sjiem'on of Sim?ôn)
  • Zebulon (זבולן Zevoeloen of Zəbhûlun)
  • Levi (לוי Levy of Lēwî) Dit is een speciaal geval want de nakomelingen van Levi kregen geen land toegewezen maar werden bestemd voor de dienst in de Tabernakel.

[bewerken] Het volk Israël

Volgens het boek Genesis stammen de Israëlieten af van de 12 zonen van Jakob (die ook Israël wordt genoemd). Door een hongersnood gedwongen en op uitnodiging van hun broer Jozef, die door God onderkoning (vizier) is geworden van de Farao, vestigen zij zich in het land Gosen in Egypte. Gedurende enkele eeuwen groeien hun afstammelingen uit tot een groot volk. De Egyptenaren, intussen bang geworden dat zij overvleugeld zullen worden door de zich snel vermenigvuldigende Israëlieten, dwingen hen tot slavendienst en bevelen uiteindelijk zelfs dat pasgeboren jongetjes gedood moeten worden.

In deze periode treedt Mozes op. Op Gods bevel leidt hij het volk uit Egypte. Dit wordt beschreven in het boek Exodus. Bij de berg Horeb in de woestijn van Sinaï belooft het volk zichzelf en zijn nakomelingen aan de dienst van God te wijden en ontvangt Mozes van God de Tien geboden en instructies voor de bouw van de Ark van het Verbond en een verplaatsbaar heiligdom: de Tabernakel. Hiermee wordt de offerdienst van de tabernakel ingesteld. Dit wordt beschreven in de bijbelboeken Exodus, Deuteronomium, Leviticus en Numeri.

Na 40 jaar trekt het volk het voorvaderlijke land Kanaän binnen, onder leiding van Jozua (boek Jozua).

De volgende paar eeuwen, waarbij het volk bestuurd wordt door profeten en 'richters' (tijdelijke leiders), worden beschreven in het boek Richteren. Na deze periode begint de tijd van de eenheidsstaat het Koninkrijk Israël waarvan achtereenvolgens Saul, David en Salomo koning zijn. Zie de boeken I en II Samuel, I en II Koningen en I en II Kronieken.

Gedurende al deze periodes, dus vóór de tweedeling van het rijk na de dood van Salomo, stonden alle inwoners, dus nog steeds alle leden van de 12 stammen van Israël, bekend onder de naam 'Israëlieten'.

[bewerken] Koninkrijk Juda

1rightarrow.png Zie Koninkrijk Juda voor het hoofdartikel over dit onderwerp.

Na deze opdeling werden de stammen Juda, Simeon en Benjamin, samen met de Levieten die de tempeldienst verrichtten, bekend onder de naam het koninkrijk Juda, met als hoofdstad de oude hoofdstad Jeruzalem, en werden de inwoners Judeeërs genoemd, wat in het Nederlands joden werd. Oorspronkelijk waren de Joden (Judeeërs) alleen de leden van de stam Juda maar later werd de naam voor de inwoners van het koninkrijk Juda gebruikt, waarin ook veel leden van de andere stammen woonden, en de afstammeling daarvan.

[bewerken] Koninkrijk Israël

1rightarrow.png Zie Koninkrijk Israël voor het hoofdartikel over dit onderwerp.

De overige 10 stammen bleven bekend onder de naam koninkrijk Israël, met de nieuwe hoofdstad Samaria, en werden ook nog altijd Israëlieten genoemd. Waarschijnlijk bleef deze benaming in stand omdat zij ook de grootste groep in bevolkingsaantal bleven. In 722 v.Chr. werd het noordelijke rijk veroverd door de Assyriërs en de meeste inwoners werden weggevoerd naar het Assyrische rijk. Na de wegvoering van de 10 stammen van het koninkrijk Israël kwam de naam Israëlieten op de achtergrond vergeleken bij Judeeërs (Joden). Later werd Israëliet een synoniem voor Jood en verdween het oorspronkelijke onderscheid.

[bewerken] Waar zijn de tien stammen gebleven?

Het lot van de tien stammen is altijd een bron voor vele speculaties geweest. Waarschijnlijk zijn de stammen van Israël in praktijk nooit erg strikt gescheiden geweest en kon men in alle plaatsen van het oude Israël leden van iedere stam treffen. In Jeruzalem zal dit zeker zo geweest zijn. Ook in de tijd van het koninkrijk Juda zullen daar ongetwijfeld grote aantallen van de noordelijke stammen gewoond hebben en zich vermengd hebben met de stammen die daar van oudsher woonden. Waarschijnlijk vluchtten veel Israëlieten in -722 naar Juda toen ze nog de kans daarvoor hadden zodat daar nog veel meer leden van de 10 stammen terechtkwamen en daar eveneens assimileerden. Het lot van de 10 stammen kan dus samengevat worden met: een groot deel werd inderdaad weggevoerd en ging op in de bevolking van het Assyrische Rijk. Maar eveneens een groot deel vermengde zich met de bewoners van het Koninkrijk Juda.

De geschiedschrijver Flavius Josephus, die rond de tijd van Jezus Christus leefde, schreef over de tien stammen het volgende in zijn werk Oude geschiedenis van de Joden: "... terwijl de tien stammen voorbij de Eufraat verblijven tot nu toe, en ze zijn een ontzettend grote menigte, waarvan het aantal niet geschat kan worden". [2]

[bewerken] Moderne tijd

De inwoners van het huidige Israël heten Israëliërs en kunnen, behalve Joden afkomstig van het oude Juda, ook aanhangers zijn van andere religies zoals de islam of het christendom.

Er zijn verschillende groeperingen die verkondigen of waarvan beweerd wordt dat zij (eveneens) nakomelingen van de oude Israëlieten zijn:

  • Volgens de huidige Samaritanen zijn zij de laatste oorspronkelijke Israëlieten.
  • De sekte van Ben Ammi Carter, Het Originele Afrikaanse Hebreeuwse Israëlitische Volk van Jeruzalem, maakt ook een dergelijke claim.
  • De 'Brits Israël'-beweging claimt dat na de wegvoering van de 10 stammen van het koninkrijk Israël deze via Assyrië, Anatolië, de Kaukasus en Oekraïne tenslotte terechtkwamen in Europa en de oorsprong vormden van de Kelten en Germanen. Ook zou bij de val van Jeruzalem de laatste afstammeling van het koningshuis van David naar Ierland zijn gevlucht en daar het huis tot op de huidige dag hebben voortgezet onder de naam van verschillende koninklijke dynastieën van Ierland, Engeland en Schotland. Hiermee zou volgens hen de bijbelse belofte zijn vervuld dat 'Israël zal talrijk worden als het zand van de zee' en 'de scepter (het koningschap) zal nooit wijken van Juda'. De beweging had haar grootste populariteit rond 1900 had maar is nog altijd actief in In de VS en het Verenigd Koninkrijk.
  • De Joden uit het Indiase Kuchin, die thans in Israël wonen, claimen eveneens afkomstig te zijn van de tien verloren stammen. Er is een museum door en over deze groep Joden in de Israëlische mosjav Nevatim.
  • Een soortgelijke claim wordt vermeld over de joden uit Ethiopië. Zij werden door hun buren vaak uitgemaakt voor "Falasha", Amhaars voor indringers. Ook de overgrote meerderheid onder hen is inmiddels woonachtig in Israël.

[bewerken] Noten

  1. Byblical Lands, 1975, Moorey P.R.S., Boardman John, Gray Basil, prof. Oates David, Elsevier SA, Lausanne, p. 56
  2. [Meijer/Wes] Flavius Josephus – De Oude Geschiedenis van de Joden [Antiquitates Judaicae] . Vertaald, ingeleid en van aantekeningen voorzien door F.J.A.M. Meijer en M.A. Wes. Uitgegeven in drie delen: deel 1 Ambo bv, Baarn, 1996; deel 2 en 3 Ambo bv, Amsterdam, 1997 resp. 1998. Elk deel bevat een niet geheel identiek ‘Voorwoord’, een niet geheel identieke ‘Verantwoording’, en een vrijwel geheel verschillende ‘Inleiding’ van respectievelijk 44, 67 en 58 pagina’s die dus gezamenlijk één inleiding van 169 pagina’s vormen. - Boek XI, Hoofdstuk V, Alinea 2