Ivan Zajc

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie

Ga naar: navigatie, zoeken
Standbeeld van Ivan Zajc in Rijeka
Standbeeld van Ivan Zajc in Rijeka

Ivan Dragutin Stjepan Zajc (ook: Giovanni (Nepomuk) von Zaytz) (nu: Rijeka, Kroatië, (toen: Fiume, Oostenrijk-Hongarije), 3 augustus 1832 – nu: Zagreb, Kroatië (toen: Agram, Oostenrijk-Hongarije), 16 december 1914) was een Kroatisch componist, muziekpedagoog en dirigent.

Inhoud

[bewerk] Leven

Zajc begon op 5-jarige leeftijd met viool- en pianolessen. Openbare optredens verzorgde hij op 6-jarige leeftijd. Zijn eerste composities schreef hij op 12-jarige leeftijd. Alhoewel zijn vader, zelf een militaire kapelmeester, het muzikale talent van zijn zoon kende zal hij naar zijn zin niet muziek, maar rechten studeren. Maar zijn zoon kon zich met hulp van zijn muziekleraar doorzetten en ging vanaf 1850 naar Milaan en studeerde aan het Conservatorio "Giuseppe Verdi" (Milaan) di Milano. Zijn leraren waren onder andere Stefano Ronchetti-Monteviti voor contrapunt en compositie, Alberto Mazzucato voor orkestratie en Lauro Rossi voor dramatische muziek. Hij heeft in 1855 afstudeert met 1e prijzen en zijn examenwerk was de opera La Tirolese, die ook in hetzelfde jaar nog in première ging.

Een grote carrière in Milaan was voor hem waarschijnlijk, maar zijn ouders overleden beide en hij ging naar Rijeka terug. Daar werd hij dirigent aan het stedelijk theater en verder was hij leraar voor strijkinstrumenten aan het Gradskom filharmonijskom institutu (Filharmonisch instituut). Hij schreef ook verschillende composities in deze tijd. In 1860 werd zijn opera Amelia ossia Il Bandito gepubliceerd. In 1862 ging hij naar Wenen. In Wenen had hij groot succes met zijn operettes, zoals in 1863 Mannschaft an Bord en in 1866 Die Boasische Hexe. In Wenen werd hij met vele Kroatische Intellectuelen bekend, zoals bisschop Josip Juraj Strossmayer en de dichters Petar Preradović, Ivan Trnski, August Šenoa en Matija Divković. Verder was hij onder invloed van de Kroatische Academische Gezelschap Velebit. Het patriottisme groeide en vond later een hogere prioriteit dan een wereld faam.

In 1870 ging hij terug naar Zagreb en werd zowel directeur en dirigent van de Kroatische Opera alsook directeur en docent aan het Kroatische instituut voor muziek. Zijn patriottische gevoelens verwerkte hij in zijn opera's Nikola Šubić Zrinjski (1876), Mislav (1870), Ban Leget (1872) en Lizinka (1878). In Zagreb was hij als componist bijzonder productief omdat hij zijn opus tal van op. 234 tot op. 1202 verhoogde. Naast de toneelwerken schreef hij werken voor solostem, voor koor, orkest, harmonieorkest, piano en een oratorium.

[bewerk] Composities

[bewerk] Werken voor orkest

  • 1844 Ouvertura
  • 1845 Rondo
  • Die schöne Fiumanerin (La bella Fiumana), wals
  • Sinfonička glasbena slika
  • Vittoria quadrille

[bewerk] Werken voor harmonieorkest

  • Ouverture tot de operette "Die Boasische Hexe - Die Hexe von Boissy"
  • Marsch des Kroatischen Gesangvereins "Slavulj"

[bewerk] Toneelwerken

[bewerk] Opera

[bewerk] Operette

  • 1863 Momci na brod - Mannschaft an Bord
  • 1864 Fitzliputzli
  • 1865 Die lazzaroni vom Stanzel
  • 1866 Die Boasische Hexe - Die Hexe von Boissy
  • 1866 Nachtschwärmer
  • 1867 Das Rendezvous in der Schweiz
  • 1867 Das Gaugericht
  • 1868 Nach Mekka
  • 1868 Somnambula
  • 1868 Schützen von Einst und Jetzt
  • 1869 Meister Puff
  • Mjesečnica

[bewerk] Missen, oratoria, cantates en gewijde muziek

  • Dolazak Hrvata, cantate voor solisten, gemengd koor en orkest

[bewerk] Werken voor koor

[bewerk] Vocale muziek

  • Domovini i ljubavi

[bewerk] Publicaties

  • Josip Andreis: Ivan Zajc, Encyclopedia of Music, No. 3, Miroslav Krleža Lexicographic Institute, Zagreb.
  • Hubert Pettan: Ivan Zajc, obavljenoj, 1971.
  • Hubert Pettan: Hrvatska opera - Ivan Zacj II. Muzički informativni centar, 1983.

[bewerk] Externe link

 
Persoonlijke instellingen