J.H. Leopold
Jan Hendrik Leopold ('s-Hertogenbosch, 11 mei 1865 - Rotterdam, 21 juni 1925) was een Nederlands dichter en classicus.
Hij vestigde zich, komende uit Arnhem, op 2 maart 1892 te Rotterdam. In hetzelfde jaar promoveerde Leopold in Leiden op het boek Studia Peerlkampiana. Hij was leraar klassieke talen aan het Erasmiaans Gymnasium; bij deze school herinnert een bronzen portret op hardstenen reliëf met één van zijn gedichten aan hem. Met zijn leerlinge Ida Gerhardt, die als dichteres en lerares klassieke talen in zijn voetsporen trad, onderhield hij vriendschappelijke betrekkingen. Zijn niet zo omvangrijke oeuvre is tamelijk hermetisch van karakter, maar de vertalingen van vele kwatrijnen van dichters als Omar Khayyám werden graag gelezen.
[bewerken] Werken
- Studia Peerlkampiana (1892)
- Ad Spinozae opera posthuma (1902)
- Stoïsche wijsheid (1904)
- M. Antonius Imperator (1908)
- Uit den tuin van Epicurus (1910)
- Verzen (1912)
- Cheops (1916)
- Oostersch (1924)
- Verzen II (1926)
- Verzamelde verzen (1935 en 1982-1990)
[bewerken] Gedicht
LAATSTE WIL VAN ALEXANDER
- Dan, als ik tuimel in de kist
- doodsoverwonnen en bezweken,
- laat mijn twee handen zijn ontbloot
- en uit de baar naar buiten steken.
Uit:Verzen II
KWATRIJN XXVII - Omar Khayyám
- Tentmaker zie, uw lichaam is een tent,
- den Sultan ziel tot een kort logement
- De vorst vertrekt; straks vouwt het linnen op
- de dood en geen die nog de standplaats kent
Uit:Verzen II