Jacob Verdam

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Prof. Dr. Jacob Verdam

Jacob Verdam (Amsterdam, 22 januari 1845 - 19 juli 1919) was een Nederlandse hoogleraar in de Nederlandse taal en het Middelnederlands aan de Rijksuniversiteit Leiden.

Loopbaan[bewerken]

Verdam werd in 1865 student aan de Leidse universiteit. Door zijn bijzondere gaven op het gebied van de taal- en letterkunde en zijn studiezin werd hij in 1869, vóór zijn promotie, benoemd tot leraar aan het gymnasium te Leiden. In 1872 verwierf hij het doctoraat in de letteren en zes jaar daarna verwisselde hij het leraarsvak voor een leerstoel aan de Universiteit van Amsterdam. Zijn inaugurele rede was een verhandeling over De wetenschappelijke beoefening der Nederlandse taal in verband met het nieuwe doctoraat. In 1891 werd hij benoemd aan de Rijksuniversiteit Leiden.

Verdam schreef verschillende werken, waaronder het Middelnederlandsch Woordenboek, dat de gehele taalschat bevatte van de middeleeuwen, met de betekenis van de woorden naar historische volgorde, woorden in tal van dialecten, wetenschappelijke termen, de platte taal van de klucht, het verhevene als het "niet-verstaanbare". Kortom, dit werk, in verschillende delen van grote omvang, was een codex van grote waarde. Verder verschenen van zijn hand Uitgaven van middeleeuwse texten, Episodes uit Jacob van Maerlants Historie van Troyen, Spiegel der Sonden, Uit de geschiedenis van de Nederlandse taal en tal van verhandelingen, studies en tijdschriftartikelen. Verdam was lid van de Koninklijke Nederlandse Akademie van Wetenschappen.

Bronnen, noten en/of referenties