Jacob van Domselaer

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Jakob van Domselaer
Afbeelding gewenst
Algemene informatie
Land Vlag van Nederland Nederland
Portaal  Portaalicoon   Muziek

Jakob van Domselaer (Nijkerk, 15 april 1890 - Bergen (Noord-Holland), 5 januari 1960) was een Nederlands componist van eigentijdse klassieke muziek.

Biografie[bewerken]

Vroege jaren[bewerken]

Jakob van Domselaer volgde piano- en orgellessen bij Johan Enderlé en Willem Petri. Daarna kreeg hij in Utrecht les in compositie en piano van Johan Wagenaar. Op diens aanraden ging Van Domselaer in 1911 naar Berlijn om les te krijgen van Frédéric Lamond. Daar kwam hij in aanraking met het werk van Busoni en Schönberg. Hij was de eerste die in Nederland werk van beide componisten uitvoerde (in 1914).

Van Domselaer en De Stijl[bewerken]

In 1912 ontmoette Van Domselaer tijdens een reis naar Parijs de Nederlandse non-figuratieve schilder Piet Mondriaan, op aanraden van Catharine Hannaert, met wie beiden bevriend waren. Er ontstond een vriendschap en Van Domselaer legde zich erop toe de ideeën die Mondriaan had verwezenlijkt in de schilderkunst, ook te realiseren in de muziek. Het resultaat hiervan waren de Proeven van Stijlkunst, negen composities geschreven tussen 1913 en 1916. Het zijn de enige muziekstukken die zijn verwezenlijkt volgens de naar muziek vertaalde, op abstractie gerichte principes van De Stijl, de kunstbeweging die Mondriaan samen met andere kunstenaars als Theo van Doesburg en Bart van der Leck had opgericht in 1917. Nelly van Doesburg, de vrouw van Van Doesburg, speelde - als een van de weinige pianisten - de Proeven van Stijlkunst op de door haar georganiseerde Dada-avonden.

Latere jaren[bewerken]

In 1918 was Van Domselaer uitgekeken op de ideeën van De Stijl. Hij sloeg een andere weg in. Hij verhuisde van Laren (NH) naar het rustieke Bergen (NH). Zijn nieuwste werken waren geen 'composities' meer, maar 'geluidsstukken'. Een sprekend voorbeeld is zijn Sonate No. 9 uit 1924. Ook uit die periode is zijn Eerste symfonie (1921), die pas in 2002 voor het eerst ten gehore werd gebracht door het Noord Nederlands Orkest. Vanaf 1930 schreef hij vrijwel alleen suites en variaties, maar zijn werk bleef onbekend bij het publiek. Toch bleef hij componeren. Uiteindelijk had hij 39 sonates, suites en variaties op zijn naam staan. Van Domselaer gaf ook compositieles en heeft in beperkte mate school gemaakt. Tot zijn leerlingen behoorde aan het eind van de jaren veertig zijn plaatsgenoot Simeon ten Holt.

Van Domselaer overleed op 69-jarige leeftijd in Bergen.

Werken (selectie)[bewerken]

  • Proeven van Stijlkunst (1913-1916)
  • Pianosonates (1924-1935)
  • Pianoconcerten (1925, 1927)
  • Eerste Symphonie (1921)
  • Variaties en Suites voor piano (1930-1958)

Externe links[bewerken]