James Butler Hickok

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Wild Bill Hickok

James Butler Hickok (Troy Grove (Illinois), 27 mei 1837 - Deadwood (South Dakota), 2 augustus 1876), ook wel bekend als Wild Bill Hickok, is een persoonlijkheid uit het vroegere Wilde Westen met een legendarische reputatie.

Typische scènes uit Westerns zijn geïnspireerd op de verhalen over hem, zoals duels op een marktplein en schietpartijen naar aanleiding van een potje poker. Zelf deed hij veel moeite om de legende rond zijn persoon te cultiveren.

Leven[bewerken]

James Butler Hickok werd geboren in Troy Grove in de Amerikaanse staat Illinois. Zijn vader had een boerderij. Deze werd o.a. gebruikt als tussenstop voor de Underground Railroad. Dit was een smokkelnetwerk om ontsnapte slaven uit de zuidelijke staten naar het noorden te smokkelen, dat gerund werd door abolitionisten. Omdat deze boerderij verdedigd moest worden leerde James al vroeg met een wapen omgaan.

Vanaf 1855 ging hij aan het werk als bestuurder van een postkoets op de route van de Oregon Trail en de Santa Fe Trail. Toen zijn koets werd aangevallen door een grizzlybeer doodde hij het dier met een mes en op die manier werd het fundament gelegd voor zijn koelbloedige reputatie.

In 1857 verkreeg hij een stuk land in Lenexa. Hij zou er tegelijkertijd ook de functie van sheriff op zich nemen.

Vanaf 1861 was hij sheriff in de staat Nebraska. In hetzelfde jaar raakte hij vlakbij Endicott betrokken bij een schietpartij met de bende van David C. McCanles. Verschillende bendeleden werden gedood, maar Hickok overleefde 11 schotwonden.

Toen de Amerikaanse Burgeroorlog uitbrak kreeg hij de functie van verkenner. Tijdens de oorlog raakte hij bevriend met Buffalo Bill. Na de oorlog zouden ze vrienden blijven. Samen zouden ze met twee anderen een tijd lang hun geld verdienen met de jacht op bizons.

Hickok zou nog in verscheidene andere steden de baan als sheriff op zich nemen. Een aantal schietpartijen zouden aan zijn legendevorming bijdragen:

  • Op 21 juli 1865 schoot hij in Springfield (Missouri) Davis Tutt jr. dood tijdens een duel op het plein. Davis had geld geleend aan tegenspelers van Hickok tijdens het pokeren.
  • Op 17 juli 1870 raakte hij in Hays (Kansas) betrokken bij een schietpartij met een groep losgeslagen soldaten.
  • In Abilene (Kansas) probeerde hij John Wesley Hardin te arresteren. John wist echter te ontsnappen.
  • In dezelfde stad werd Hickok op 5 oktober 1871 beschoten door bareigenaar Phil Coe. Ook deze keer ging het conflict over de pokerwinst van Hickok. Hickok schoot terug maar doodde niet alleen Coe maar ook hulpsheriff Mike Williams. De reden was dat Hickok last begon te krijgen van staar.

Twee maanden later werd hij als sheriff vervangen.

Overlijden[bewerken]

Het graf van James Butler Hickok

Op 2 augustus 1876 werd hij in de saloon Nuttal & Mann's in Deadwood door Jack McCall tijdens het pokeren in zijn rug geschoten met een .45-kaliber revolver, waarbij McCall "Take that!" riep. Normaliter zat Hickok tijdens pokerwedstrijden in een hoek voor het geval hij in zijn rug geschoten zou worden, maar op die dag zat hij met zijn rug naar de deur. Hickok had eerder die dag McCall geld aangeboden om eten te kopen, omdat McCall de dag ervoor zijn geld met poker had verloren. De moord was waarschijnlijk een dronken reactie op dit aanbod, hoewel McCall een andere uitleg gaf: Wild Bill Hickok zou McCalls broer in Abilene hebben vermoord. Na zijn latere executie bleek dat McCall nooit een broer heeft gehad.

Hickok werd begraven op het Mount Moriah Cemetery. Calamity Jane, met wie hij wellicht een relatie had, stierf in 1903 en ligt naast hem.

Jack McCall werd in eerste instantie vrijgesproken tijdens een geïmproviseerde rechtszaak. Hij werd later alsnog gearresteerd, waarschijnlijk omdat hij te veel opschepte over zijn daad, en in Yankton (South Dakota) ter dood veroordeeld. Op 1 maart 1877 werd hij opgehangen.

Trivia[bewerken]

  • Nuttal & Mann's Saloon, waar Hickok werd doodgeschoten bestaat nog steeds. Ook de stoel waarop hij op dat moment zat staat er tentoongesteld.
  • Volgens een legende speelde Hickok het spel Five Card Draw en had hij net twee azen en twee achten getrokken. Deze combinatie wordt sindsdien een Dead man's hand genoemd.
  • Hickok werd in 1979 opgenomen in de Poker Hall of Fame.
  • Hickok droeg gewoonlijk twee pistolen, een aan elke heup. Hij droeg deze pistolen achterstevoren. In sommige bronnen vind je dat hij als hij aangevallen werd, zijn linker pistool met zijn rechterhand trok en zijn rechter pistool met zijn linkerhand. Dit noemt men "cross drawing" (letterlijk kruis-trekken). De meeste bronnen spreken echter van een "reverse draw" of een "twist draw". Dit betekent dat hij wel degelijk zijn linkerpistool met zijn linkerhand trok en zijn rechter pistool met zijn rechterhand en dat hij de handpalmen buitenwaarts hield en tijdens het trekken met een draai (twist) van de polsen de handen terug in de normale positie bracht. In de tv-film 'Purgatory' is deze handeling in close-up te zien. In deze film vertolkt Sam Shepard de rol van Wild Bill.
  • Calamity Jane zou wellicht een kind van hem hebben gehad.
  • In 1867 werd hij geïnterviewd door Henry Morton Stanley, de man die later David Livingstone zou terugvinden in de buurt van het Tanganyikameer.

James Butler Hickok in fictie[bewerken]

Hickok komt voor in boeken en films over het Wilde Westen. In de televisieserie Deadwood, gebaseerd op het Deadwood van de jaren 1870, wordt zijn rol gespeeld door Keith Carradine.

Zie ook[bewerken]

Portal.svg Portaal Wilde Westen