Jan Frans van Bloemen

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Jan Frans van Bloemen
Afbeelding gewenst
Persoonsgegevens
Bijnaam Orizzonte
Geboren 12 mei 1662, Antwerpen (Hertogdom Brabant) Flag of the Low Countries.svg Zuidelijke Nederlanden
Overleden 13 juni 1749, Rome Kerkelijke Staat
Beroep(en) Kunstschilder
Oriënterende gegevens
Stijl(en) barok
RKD-profiel
Portaal  Portaalicoon   Kunst & Cultuur

Jan Frans van Bloemen (Antwerpen, 12 mei 1662Rome, 13 juni 1749) was een Zuid-Nederlands landschapschilder die vooral actief was in Rome. Hier slaagde hij erin om uit te groeien tot de belangrijkste schilder van gezichten (vedute) van het Romeinse platteland, dat hij afbeeldde in de esthetiek van de klassieke landschapstraditie.[1]

Leven[bewerken]

Arcadisch landschap

Jan Frans van Bloemen werd geboren in Antwerpen. Hij trainde waarschijnlijk met zijn oudere broer Pieter van Bloemen. Tussen 1681 en 1684 was hij in zijn geboortestad Antwerpen een leerling van Anton Goubau, een schilder van voornamelijk marktscènes en Bamboccianti-, low-life-onderwerpen geplaatst in een Romeinse of mediterrane omgeving.[2] Hij reisde rond 1682 naar Parijs, waar hij enkele jaren verbleef.[3] Vervolgens verhuisde hij naar Lyon, waar zijn broer Pieter verbleef. Hij ontmoette daar waarschijnlijk de schilder Adriaen van der Kabel.

Via Turijn reisden Jan Frans en Pieter naar Rome, waar ze in 1688 in de parochie Sant'Andrea delle Fratte geregistreerd waren.[4] In 1690 vervoegde een derde schilderende broer Norbert (1670-1746) zich bij hen. Pieter keerde in 1694 terug naar Antwerpen terug en Norbert vertrok vóór 1724 naar Amsterdam.

Jan Frans bleef in Rome voor de rest van zijn leven, met uitzondering van een paar uitstapjes naar Napels, Sicilië en Malta, die hij ondernam met zijn broer Pieter.[3] Hij werd in Rome lid van de Bentvueghels onder de 'bentnaam' Orizzonte of Horizonti[5] of Orizonte, een verwijzing naar de horizon in zijn vele landschapsschilderijen. De prominente Nederlandse schilder Caspar van Wittel werd de peter van zijn eerste kind.[2]

Van Bloemen was zeer succesrijk, maar vond pas laat erkenning van de vooraanstaande Romeinse schildersgilde, de Accademia di San Luca. Dit gebeurde toen hij ruim 70 jaar oud was. Hij overleed in Rome in 1749.[4]

Tot zijn leerlingen behoorden Franz Ignaz Oefele, Gabrielle Ricciardelli en Nicolò Bonito.

Werk[bewerken]

Landschap met een fontein

Van Bloemen schilderde voornamelijk klassieke landschappen, die geïnspireerd waren op het Romeinse platteland. Zijn landschappen, die lijken terug te wijken via verschillende vlakken en overgoten worden door een zacht en warm licht, steunden op de voorbeelden van kunstenaars zoals Claude Lorrain en Gaspard Dughet. Zijn schilderijen zijn doordrenkt met die "moeilijk te definiëren pastorale sfeer" die ertoe bijdroeg dat hij in de ogen van zijn tijdgenoten als een groot schilder werd beschouwd. De landschappen bevatten vaak mythologische en religieuze onderwerpen.[6]

De techniek en de onderwerpen van het werk van Jan Frans van Bloemen zijn ook gerelateerd aan schilders zoals Jan Asselijn, Thomas Wyck, Willem Romeyn en Willem Schellinks.[4] Zijn geschilderde vedute vallen in de categorie van de vedute die realistische met fantastische elementen mengen.[7]

Noten[bewerken]

  1. Professor Helen Hills, Dr Melissa Calaresu, New Approaches to Naples c.1500–c.1800: The Power of Place, Ashgate Publishing, Ltd., 28 december 2013
  2. a b Edgar Peters Bowron and Joseph J Rishel, Art in Rome in the Eighteenth Century, Philadelphia Museum of Art, 2000, p. 331-334
  3. a b Metropolitan Museum of Art, Flemish Paintings in the Metropolitan Museum of Art, p. 3-4
  4. a b c Jan Frans van Bloemen bij Hadrianus
  5. Norbert van Bloemen biografie in De groote schouburgh der Nederlantsche konstschilders en schilderessen (1718) door Arnold Houbraken
  6. Bolton, Roy (2009). Old Master Paintings & Drawings, London, Sphinx Books, p. 194. ISBN 9781907200014
  7. Lilian H. Zirpolo, Ave Papa/Ave Papabile: The Sacchetti Family, Their Art Patronage, and Political Aspirations, Centre for Reformation and Renaissance Studies, 1 januari 2005, p. 132