Jan Wijn
| Jan Wijn | ||||
| Afbeelding gewenst | ||||
| Achtergrondinformatie | ||||
| Land | ||||
|
||||
Jan Wijn (Amsterdam, 1934) is een Nederlands pianist en pianopedagoog.
Wijn studeerde aan het Amsterdams Conservatorium bij Cornelius Berkhout waar hij in 1955 zijn solistendiploma behaalde. Voorts studeerde hij bij Béla Síki en Alicia de Larrocha. In 1960 won hij de eerste prijs op het concours van Ourense. Van 1962 tot 1969 was hij als hoofdvakdocent piano verbonden aan het Brabants Conservatorium in Tilburg en vanaf 1967 als hoofdvakdocent aan het Amsterdams Conservatorium waar hij Ben Smits opvolgde. Tot 1975 had hij een nationale en internationale carrière als pianist. Door problemen met zijn rechterhand trad hij van 1975 tot 1996 uitsluitend op met werk voor de linkerhand. Sindsdien speelt hij ook weer tweehandig repertoire.
Hoekstenen van zijn pianistisch pensum zijn:
- Johannes Brahms: Pianosonate in f klein opus 5
- Claude Debussy: Preludes
- Franz Liszt: Pianosonate
- Frédéric Chopin: Pianosonate in b klein opus 58
- Maurice Ravel: Miroirs en Pianoconcert voor de linkerhand
- Manuel de Falla: Nachten in de tuinen van Spanje voor piano en orkest
- Richard Strauss: Burleske voor piano en orkest
- Mozart, Beethoven, Rachmaninov, Saint-Saëns, Ravel: de pianoconcerten
Jan Wijn maakte veel naam als pianopedagoog. Onder zijn leerlingen bevinden zich Ronald Brautigam, Hans Eijsackers, Paolo Giacometti, Ivo Janssen, Yoram Ish-Hurwitz, Bas Verheijden, Niek van Oosterum, Bart van de Roer, Frank van de Laar, Folke Nauta, Frank Peters, Wibi Soerjadi, Hannes Minnaar en Lucas en Arthur Jussen.