Jan de Bray

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Jan de Bray (1663) Het verzorgen van weeskinderen, Frans Hals Museum, Haarlem.
De voormannen van het Haarlemse Sint-Lucasgilde (1675) Rijksmuseum, Amsterdam. Op dit schilderij heeft hij ook zichzelf afgebeeld, als de tweede man van links.

Jan de Bray (Haarlem, ca. 1627 - Amsterdam, april 1697) was een Nederlands kunstschilder. Hij was een zoon van de schilder en architect Salomon de Bray en in Haarlem de opvolger van Frans Hals. De dichter Jacob Westerbaen was zijn oom. Dirck de Bray, zijn broer, was boekbinder, etser en houtsnijder; Joseph de Bray legde zich toe op het schilderen van bloem- en visstillevens. Hun zuster Cornelia de Bray trouwde in 1648 met Jan Lievens.

Er is niet veel bekend over het leven van Jan de Bray. In 1663 en 1664 had de pest grote gevolgen voor zijn familie. Jan de Bray was ook onfortuinlijk in het huwelijk. Hij trouwde met Maria de Hees, met Margaretha de Meyer en met Victoria Maria Magdelana Stalpaert van der Wielen. Telkens is zijn vrouw binnen twee jaar overleden.

In 1672 trouwde Jan de Bray met Margaretha de Meijer, de weduwe van een Pommerse juwelier in de Sint Antoniesbreestraat. De Bray woonde op de Bakennessergracht en had een zoon uit het vorige huwelijk. Het echtpaar trouwde in de St. Anna, een Rooms-Katholieke schuilkerk, die door zijn vader was ontworpen. Een jaar later werd zij met grote praal begraven in de Grote of Sint-Bavokerk. In 1680 stierven zowel zijn derde echtgenote en zoon.

Werken[bewerken]

Jan de Bray was een schilder van portretten en historiestukken. Hij is - samen met Caesar van Everdingen - de vertegenwoordiger van het Hollands classicisme in de schilderkunst. Hij was hoofdman van het plaatselijke Sint-Lucasgilde en schilderde voor het stadhuis in Haarlem drie schoorsteenstukken. Mogelijk ontwierp hij als architect de Doopsgezinde kerk in Haarlem in 1682. In 1688 leverde hij plannen voor de zoetwatervoorziening van Amsterdam in samenwerking met Nicolaes Witsen. In 1689 werd hij failliet verklaard. In 1692 verhuisde hij naar de Lindengracht in de Jordaan.

Externe links[bewerken]

Bron[bewerken]

Moltke, G.W., 'Jan de Bray', in: Haerlem, Jaarboek 1937, p. 33-59.