Jane Eyre
Jane Eyre, An Autobiography, een roman geschreven door de Engelse schrijfster Charlotte Brontë onder het pseudoniem Currer Bell, verscheen in 1847 en wordt gerekend tot de hoogtepunten van de wereldliteratuur.
Het boek heeft 38 hoofdstukken, waarin het titelpersonage Jane Eyre als ik-verteller haar verhaal vertelt in chronologische volgorde. De "ik" verschuift regelmatig van "vertellend" naar "belevend" en richt zich soms rechtstreeks tot de lezer ("Reader, it was on Monday night ...", etc.).
Inhoud |
Het verhaal [bewerken]
Het verhaal gaat over de gouvernante Jane Eyre, die, hoewel zij niet knap van uiterlijk is, de liefde weet te winnen van haar raadselachtige werkgever Edward Rochester.
In het begin van het verhaal wordt de tienjarige Jane, die wees is en verzorgd wordt door haar liefdeloze tante Mrs. Reed, vanwege een ruzie met haar verwende neefje John Reed naar de strenge kostschool Lowood gestuurd. Daar is zij getuige van de dood van vele kinderen als gevolg van een heftige tyfusepidemie, die wordt aangewakkerd door de slechte omstandigheden waarin de meisjes moeten leven. Dit incident is gebaseerd op ware gebeurtenissen: twee van Charlotte Brontës zusters overleden op jeugdige leeftijd als gevolg van de barre omstandigheden op hun school (Cowan Bridge). Ook Janes wijze, godsdienstige vriendinnetje Helen Burns, die aan tuberculose lijdt, sterft in haar bijzijn. Later worden de omstandigheden op Lowood beter. Jane verblijft er tot haar achttiende, de laatste twee jaren als lerares.
Dan weet Jane een baan als gouvernante te verkrijgen op Thornfield Hall. Haar pupil is Adèle, de beschermelinge van de hoofdbewoner Edward Fairfax Rochester en de dochter van diens vroegere geliefde, een Franse danseres genaamd Céline Varens. Deze vrouw hield er vele affaires op na. Toen Rochester hierachter kwam en zijn relatie met haar beëindigde liet zij Adèle bij hem achter, onder het voorwendsel dat hij de vader zou zijn. Dit wordt door Rochester later, in een gesprek met Jane, openlijk betwist. Hij heeft Adèle in eerste instantie niet met zich mee naar Thornfield Hall genomen, maar liet voor het meisje zorgen in haar thuisland Frankrijk. Pas toen Adèles moeder overleed, werd zij naar Engeland gehaald en werd Jane als haar gouvernante aangesteld.
Ondanks zijn cynische en humeurige karakter wordt Rochester tot Jane aangetrokken vanwege haar levendigheid en wilskracht. Zijn 'verloofde', de hooghartige Blanche Ingham, heeft haar belangstelling verloren toen hij haar gesuggereerd had dat hij minder rijk was dan zij dacht. Rochester en Jane worden verliefd en besluiten ondanks het standsverschil te trouwen, maar de huwelijksvoltrekking in de kerk wordt verhinderd door Richard Mason. Hij zegt dat Rochester al getrouwd is met zijn zuster Bertha Mason. Deze vrouw van half-Caraïbische afkomst blijkt waanzinnig te zijn en opgesloten te zitten in een kamer in Thornfield Hall. Bij het huwelijk, dat in Jamaica werd gesloten, was haar geldbeluste familie al op de hoogte van haar geestelijke toestand, maar Rochester zelf niet.
Bij het horen van dit nieuws verlaat Jane het huis. Zij verlaat de streek per koets. Bij gebrek aan reisgeld moet zij midden op de heide uitstappen. Aan het eind van haar krachten weet zij een huis te bereiken, waar dominee St. John Rivers blijkt te wonen. Daar wordt zij liefdevol verzorgd door diens zusters en zij komt te werken op de dorpsschool. Later ontdekt ze tot haar verrassing dat de Rivers familie van haar zijn. Als blijkt dat zij een erfenis heeft gekregen, deelt zij die uit dankbaarheid met haar nieuwgevonden familieleden.
St. John wil zendeling worden en leert daarvoor Hindoestaans. Jane doet op zijn verzoek mee aan de taalstudie. St. John doet een huwelijksaanzoek, naar Janes gevoel meer om een assistente te krijgen dan een geliefde. Zij staat op het punt toe te stemmen, hoewel zij geen liefde voelt voor hem. In de crisis waarin zij een beslissing moet nemen, hoort Jane (in haar geest) Edward Rochester haar naam roepen. Zij haast zich terug naar Thornfield Hall. Daar aangekomen ziet zij dat het huis in vlammen is opgegaan door toedoen van Bertha, Rochesters krankzinnige echtgenote. In een poging haar te redden heeft Rochester ernstige brandwonden opgelopen en is hij blind geworden.
Het laatste hoofdstuk begint met de dramatische woorden: Reader, I married him (Lezer, ik ben met hem getrouwd). Jane en Rochester leiden een vredig bestaan. Zij neemt de zorg en opleiding op zich van Rochesters pleegdochter Adèle. Uiteindelijk krijgt hij het zicht in een van zijn ogen gedeeltelijk terug, genoeg om zijn eerstgeboren zoon te kunnen zien.
Vertalingen [bewerken]
Er bestaan van Jane Eyre drie vertalingen in het Nederlands, die regelmatig herdrukt zijn:
- M. Foeken-Visser (1914)
- Clara Eggink (1941)
- Heleen Kost (1980)
Adaptaties [bewerken]
Er zijn talloze bewerkingen van Jane Eyre gemaakt voor toneel, film en televisie. Vele artiesten, regisseurs en componisten hebben zich laten inspireren door dit verhaal, en schreven talloze filmscenario's, boeken en musicals. In 1996 werd een versie opgenomen, waarbij de rol van Jane werd vertolkt door Charlotte Gainsbourg en die van Rochester door William Hurt. Paul Gordon schreef een musical, die van december 2000 tot juni 2001 werd vertoond in het Brooks Atkinson Theatre in Manhattan. De Europese première vond plaats in Beveren-Waas, België op vrijdag 13 april 2007 in het Cultureel Centrum "Ter Vesten", geregisseerd door Ronny Verheyen.
De meest recente verfilming, geregisseerd door Susannah White, kwam uit in 2006. Hierin spelen onder meer Ruth Wilson, Toby Stephens en Christina Cole. Deze film is door de BBC als vierdelige miniserie uitgezonden. In 2011 komt de allernieuwste versie uit, met Mia Wasikowska in de rol van Jane en Michael Fassbender als Mr. Rochester.
De roman Wide Sargasso Sea (1966) van Jean Rhys, eveneens erkend als hoogtepunt in de wereldliteratuur, is geschreven als de voorgeschiedenis van Jane Eyre. Het boek 'corrigeert' het bijna karikaturale beeld van hoofdpersoon Rochester, met zijn mannelijke trots en onbegrip voor de West-Indische sensualiteit. Hij vervreemdt van zijn vrouw (hier niet Bertha, maar Antoinette Cosway geheten) en al wat haar eigen is en veroorzaakt zo een identiteitscrisis bij haar. Rhys stelt daarmee de personages uit Jane Eyre psychologisch in een ander daglicht.
Verfilmingen [bewerken]
Jane Eyre werd zeventien keer verfilmd:
- 1910 met Marie Eline en Gloria Gallop.
- 1914 met Ethel Grandin en Irving Cummings.
- 1914 met Lisbeth Blackstone en John Charles.
- 1915 met Herbert Barrington, Kate Bruce en Alan Hale, Sr..
- 1921 met Norman Trevor en Mabel Ballin.
- 1934 met Virginia Bruce en Colin Clive.
- 1944 met Joan Fontaine, Orson Welles, Margaret O'Brien, Agnes Moorehead en Elizabeth Taylor.
- 1952 met Dilip Kumar en Madhubala (Onder de titel Sangdil).
- 1956 met Daphne Slater en Stanley Baker.
- 1961 met Sally Ann Howes.
- 1963 met Ann Bell en Richard Leech.
- 1970 met George C. Scott en Susannah York.
- 1973 met Sorcha Cusack.
- 1983 met Zelah Clarke en Timothy Dalton.
- 1996 met Charlotte Gainsbourg, Anna Paquin en William Hurt.
- 1997 met Samantha Morton.
- 2006 met Ruth Wilson
- 2011 met Mia Wasikowska
Externe link [bewerken]
- De complete tekst is beschikbaar op o.a. [1]
- (en) BrontëBlog
| Zie de categorie Jane Eyre van Wikimedia Commons voor meer mediabestanden. |