Jenny Montigny

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Jeanne 'Jenny' Montigny
Emile Claus. Portret van Jenny Montigny, 1902
Emile Claus. Portret van Jenny Montigny, 1902
Persoonsgegevens
Geboren Gent, 8 december 1875
Overleden Deurle, 31 oktober 1937
Geboorteland België
Beroep(en) Kunstschilder
Oriënterende gegevens
Jaren actief 1892-1937
Stijl(en) Luminisme
Portaal  Portaalicoon   Kunst & Cultuur

Jenny Montigny (Gent, 8 december 1875 - Deurle, 31 oktober 1937) was een Vlaams kunstschilder.

Levensloop[bewerken]

Jeanne 'Jenny' Montigny werd geboren in een familie uit de hogere Gentse burgerij. Haar vader Louis Karel August 'Jules' Montigny was afdelingsoverste van het kabinet van de gouverneur van Oost-Vlaanderen, advocaat bij het Hof van Beroep te Gent, gemeenteraadslid (1881-1895), schepen van openbare werken (1891-1895), secretaris-generaal van de door het parlement ingestelde onderzoekscommissie naar de toestand van het lager onderwijs, lid van de verbeteringsraad van het hoger onderwijs en later hoogleraar, deken van de rechtsfaculteit aan de Gentse universiteit en secretaris van de academische raad. Haar moeder, Joanna Helena Mair, was van Britse afkomst. Jenny had een broer en twee zussen. Op haar 17de koos ze voor de schilderkunst, iets wat niet op begrip kon rekenen bij haar ouders. Haar vader liet zich ooit in de Gentse gemeenteraad het volgende ontvallen: "De kunsten laten me helemaal koud." (Blondeel)

Na het zien van het schilderij De ijsvogels van de schilder Emile Claus besloot Jenny Montigny les te gaan volgen in zijn atelier te Astene bij Deinze. In de zomer van 1893 volgde ze samen met verschillende, opvallend veel vrouwelijke, studenten (Robeyns, Germonprez, Fischer, Monks) een cursus openluchtschilderen bij Emile Claus. (Blondeel) Vanaf 1895 reisde ze als leerlinge gedurende jaren over en weer van Gent naar Villa Zonneschijn, het atelier van Claus in Astene bij Deinze. Emile Claus was 26 jaar ouder en gehuwd; ze begonnen een verhouding die zou duren tot aan de dood van Emile Claus in 1924.

In 1902 schildert Emile Claus een mooi portret van haar (nu in de Koninklijke Musea voor Schone Kunsten van België te Brussel, inv. nr. 6234) en maakt ze haar debuut op het Salon van Gent. Reeds het jaar erna stelt ze tentoon in Parijs. In 1904 verhuist ze van Gent naar Villa Rustoord, Moortelstraat 9 in Deurle. Haar jongere broer trekt bij haar in. Ze wordt lid van de luministische kunstenaarsgroep Vie et Lumière, waartoe ook Emile Claus en James Ensor behoren. In 1906 koopt de Franse Staat een schilderij van haar op het Salon des Indépendants (fr) . Ze exposeert eveneens op de driejaarlijkse salons te Antwerpen, Brussel en Gent. Daarnaast is ze regelmatig te gast in de Gentse Kunst- en Letterkring. Bij het uitbreken van de eerste wereldoorlog reist ze Emile Claus achterna, die met zijn echtgenote naar Londen is uitgeweken. Ze is er actief in The Womens International Art Club in de Grafton Gallery en schildert er in de omgeving van Hyde Park en de Kensington Gardens. Ze legt zich toe op de waterverfkunst en exposeert in verschillende Londense galerijen. Ze begint er ook te etsen en maakt talrijke etsen met de beeltenis van Emile Claus. Na de oorlog keert het gezelschap terug naar België. Jenny ziet zich verplicht haar Villa Rustoord te verkopen en verhuist naar een kleiner huis in de Pontstraat in Deurle. Haar atelier vestigt ze in een ander gebouw in de Dorpsstraat. Hier schildert ze haar geliefkoosde onderwerp: de ravottende kinderen van Deurle, onder andere op de speelplaats van de nabije Sint-Jozefschool. In 1923 wordt ze lid van de Société des Beaux-Arts de Paris. Na de dood van Emile Claus in 1924 krijgt Jenny het financieel steeds moeilijker. Haar schilderijen zijn niet langer populair en ze overleeft met financiële steun van haar zus en van vrienden. Na haar dood wordt ze snel vergeten. Pas in 1987 zijn haar schilderijen opnieuw te zien op tentoonstellingen in Deurle en Deinze. In 1995 was er een grote retrospectieve tentoonstelling over haar werk in het Musée Pissarro (fr) in Pontoise, Frankrijk.

Jenny Montigny was een van de belangrijkste volgers van Emile Claus, maar ze bleef altijd in de schaduw van haar leermeester. "Toch was ze in zekere zin vernieuwend. Ze vulde het bijna wetenschappelijke van het luminisme aan met emotie, dat van het kind." (Karel Blondeel, Repertorium) "Moeder en kind is één van haar geliefde onderwerpen. Zelf blijft ze kinderloos. Mannelijke figuren komen zelden voor in haar werk, behalve in de taferelen van Hyde Park en de portretten van Emile Claus. In haar eigen stijl, meestal met gladde dikke verf, schildert ze ook de anekdotische charme van het boerenleven." (RoSa)

Weetjes[bewerken]

De gemeenteraad van Gent besliste op 28 maart 2011 om een nieuw wandelpad op de site Alsberghe Van Oost, aan de Drongensesteenweg in Gent, te noemen naar Jenny Montigny.

Musea[bewerken]

Werken van Jenny Montigny zijn te zien in het Museum voor Schone Kunsten in Gent, in het Museum van Deinze en de Leiestreek, in de Koninklijke Musea voor Schone Kunsten van België in Brussel, in het Museum Charlier in Sint-Joost-ten-Node en in het Museum Dhondt-Dhaenens in Deinze. Verschillende van haar beste werken bevinden zich echter in privé-verzamelingen.

Schilderijen[bewerken]

De bekendste werken van Jenny Montigny zijn:

Prenten[bewerken]

Catalogi[bewerken]

  • J. D'Haese, Huldetentoonstelling Jenny Montigny (1875-1937), cat. exp. Mus. Léon De Smet, Deurle, 1987
  • Jenny Montigny (1875-1937), in Retrospectieve tentoonstelling Anna De Weert (1867-1950)
  • Jenny Montigny (1875-1937), Yvonne Serruys (1873-1953), cat. exp. Mus. van Deinze en Leiestreek, Deinze, 1987, pp. 25-33.
  • L'impressionnisme et le fauvisme en Belgique, cat. exp. Mus. Ixelles, Bruxelles, 1990, pp. 157-159.

Literatuur[bewerken]

  • Johan de Smet, Sint-Martens-Latem en de kunst aan de Leie, 1870-1970. Tielt : Lannoo, 2000. - ill. Met bibliogr. ISBN 90-400-9526-4
  • Katlijne Van der Stighelen, Mirjam Westen, Elck zijn waerom : vrouwelijke kunstenaars in België en Nederland 1500-1950. Gent; Amsterdam : Ludion, 1999. - 399 p. : ill. Met bibliogr. ISBN 90-5544-271-2
  • S. Goyens de Heusch, L'impressionnisme et le fauvisme en Belgique, Anvers-Paris, 1988, pp. 228-230, 232, 233 en passim
  • Chris Weymeis, Jenny Montigny, kunstenares van de Latemse school. In: DE STANDAARD; (17 12 1993)
  • Kredietbank, 9 vrouwen, 9 x kunst: vrouwelijke kunstenaars actief rond de eeuwwisseling. Brussel : Piet Jaspaert, 1988. - 46 p. : ill.
  • Karel Blondeel, Vrouwelijke schilders in Gent (1880 -1914), een socio-historische studie. Gent : licentiaatsverhandeling Universiteit Gent, 2002-2003.
  • Jenny Montigny, schilderes van de Latemse School (RoSa)

Externe links[bewerken]

Bronnen, noten en/of referenties