Johan Carel Marinus Warnsinck

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken

Johan Carel Marinus Warnsinck (Hoogwoud, 11 november 1882 - Den Haag, 21 juli 1943) was een Nederlandse marine-officier, maritiem historicus en hoogleraar. Hij was de zoon van notaris Cornelis Warnsinck en Tettje Halbertsma.

Hij begon in 1899 als adelborst aan de opleiding van het Koninklijk Instituut voor de Marine en werd in 1903 aangesteld als officier bij de Koninklijke Marine, om in 1930 uiteindelijk tot kapitein-ter-zee bevorderd te worden. Hij diende zowel in Europa als in West- en Oost-Indië en hield zich bezig met hydrografische werkzaamheden en draadloze telegrafie. Al tijdens zijn studie had hij een interesse ontwikkeld voor maritieme geschiedenis, geïnspireerd door zeehistoricus en marine-officier Samuel Pierre l'Honoré Naber. Rond 1920 wist hij bij de marine een historisch besef te bewerkstelligen. Aanvankelijk richtte hij zich vooral op de vlootvoogden tijdens de eerste drie Engelse zeeoorlogen (1652-1674).

In 1932 kon hij met pensioen en begon hij zich meer buiten de marine te richten op de koopvaardij, de ontdekkingsreizen, de scheepsbouw en het zeevaartonderwijs. In 1933 werd er voor hem een privaatdocentschap ingesteld aan de Universiteit van Amsterdam, in 1937 gevolgd door de Universiteit Leiden. In 1939 werd hij benoemd tot bijzonder hoogleraar maritieme geschiedenis aan de Universiteit Utrecht. Daarmee wist hij maritieme geschiedenis erkend te krijgen als zelfstandige studie.

Daarnaast was hij bestuurslid van de Linschoten-Vereeniging en secretaris van de Commissie voor Zeegeschiedenis van de Koninklijke Akademie van Wetenschappen. In 1938 werd hij tot membre associé van de Académie de Marine benoemd.

Werken[bewerken]

  • De retourvloot van Pieter de Bitter (Kerstmis 1664-Najaar 1665) (1929)
  • Reisen van Nicolaus de Graaff, gedaan naar alle gewesten des werelds, beginnende 1639 tot 1687 incluis (1930)
  • Admiraal de Ruyter, de zeeslag op Schooneveld (1930).
  • De geschiedenis van ons zeewezen : rede uitgesproken bij de opening zijner lessen in de geschiedenis van het zeewezen op den 30sten Mei 1933 (1933).
  • De vloot van den Konig-Stadhouder 1689-1690 (1934).
  • De kweekschool voor de Zeevaart en de Stuurmanskunst, 1785-1935 (1935).
  • De wetenschappelijke voorbereiding van onze eerste schipvaart naar Oost-Indië (1936).
  • Abraham Crijnssen : de verovering van Suriname en zijn aanslag op Virginië in 1667 (1936).
  • Iaerlyck verhael van de verrichtinghen der Geoctroyeerde West-Indische Compagnie in derthien boecken (1931-37)
  • Piet Heyn : generaal in dienst der West-Indische Compagnie, luitenant-admiraal van Holland, 1577-1629 (1937)
  • De kapiteinsjaren van Maerten Harpertszoon Tromp (1938)
  • Drie zeventiende-eeuwsche admiraals : Piet Heyn, Witte de With, Jan Evertsen (1938, 1943, 1976)
  • Itinerario : voyage ofte schipvaert van Jan Huygen van Linschoten naer Oost ofte Portugaels Indien, 1579-1592 ; *Dl. 4-5*Reys-gheschrift vande navigatien der Portugaloysers / uitg. door J.C.M. Warnsinck (1939)
  • De zeeoorlog van Holland en Zeeland tegen de Wendische steden der Duitse Hanze 1438-1441 (1939)
  • Een mislukte aanslag op Nederlands Brazilië, 1639-1640 (1940)
  • Twaalf doorluchtige zeehelden (1941)
  • De reis om de wereld van Joris van Spilbergen, 1614-1617 (1943)
  • Straat- en bochtvaarders : zijnde het korte historiael ende journaels aenteyckeninge van drie voyagiens(1943)
Portal.svg Portaal Marine
Bronnen, noten en/of referenties