Johan II van Palts-Zweibrücken

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Johan II de Jongere
Ruiterportet van Johan II, kopergravure
Ruiterportet van Johan II, kopergravure
Hertog van Palts-Zweibrücken
Regeerperiode 1604 - 1635
Voorganger Johan I
Opvolger Frederik
Huis Palts-Zweibrücken (Wittelsbach)
Vader Johan I van Palts-Zweibrücken
Moeder Magdalena van Kleef
Geboren 26 maart 1584
Bergzabern
Gestorven 9 augustus 1635
Metz
Begraven Alexanderkerk, Zweibrücken
Echtgenotes Catherina de Rohan
Louise Juliana van de Palts
Religie Gereformeerd

Johan II de Jongere (Bergzabern, 26 maart 1584 - Metz, 9 augustus 1635), uit de Jongere linie Palts-Zweibrücken, was hertog van Palts-Zweibrücken van 1604 tot zijn dood. Tussen 1610 en 1614 regeerde hij als voogd van de minderjarige keurvorst Frederik V over de Palts.[1]

Biografie[bewerken]

Bondgenoot en bestuurder van de Palts[bewerken]

Johan II was de oudste overlevende zoon van hertog Johan I van Palts-Zweibrücken en Magdalena van Kleef. In 1604 volgde hij zijn vader op als hertog van Palts-Zweibrücken. Johan onderhield net als zijn vader nauwe betrekkingen met keurvorst Frederik IV van de Palts. Deze band werd nog verder versterkt doordat beiden vorsten gereformeerd waren. In 1609 sloot Johan II zich aan bij de Protestantse Unie, een bondgenootschap van protestantse vorsten in het Heilige Roomse Rijk.

Toen hertog Johan Willem van Gulik, Kleef en Berg in 1609 stierf zonder mannelijke erfgenamen, was Johan een van de veertien vorsten die aanspraak maakten op de erfenis.[2] Tijdens de Gulik-Kleefse Successieoorlog bezetten de keurvorst van Brandenburg en de vorst van Palts-Neuburg de betwiste hertogdommen. De aanspraken van Pals-Zweibrücken leidden niet tot een uitbreiding van het grondgebied, maar Johan nam wel het wapen van Gulik, Kleef en Berg over.

In 1610 stierf keurvorst Frederik IV van de Palts. In zijn testament had Frederik IV Johan II tot voogd voor zijn minderjarige zoon Frederik V benoemd. Filips Lodewijk van Palts-Neuburg maakte bezwaar tegen deze regeling omdat hij, als naaste familielid in mannelijke lijn, volgens de bepalingen uit de Gouden Bul van 1356 het recht had om als voogd op te treden. Ondanks Filips Lodewijks protesten trad Johan aan als voogd en nam hij het bestuur in de Palts op zich. Tijdens zijn voogdijschap resideerde Johan in Heidelberg en liet het bestuur over Palts-Zweibrücken over aan zijn raadgevers. Als bestuurder van de Palts was Johan het hoofd van de Protestantse Unie en fungeerde hij tussen het overlijden van Keizer Rudolf IIop 20 januari en de verkiezing van keizer Matthias op 28 augustus 1612 als rijksvoogd. In 1613 arrangeerde Johan het huwelijk van Frederik V met Elizabeth Stuart, de enige dochter van koning Jacobus I van Engeland. Zelf was Johan in 1612 getrouwd met Louise Juliana, de oudste zus van Frederik V. In 1614 werd Frederik meerderjarig verklaard en vertrok Johan weer naar Zweibrücken.

Dertigjarige Oorlog[bewerken]

In 1619, tijdens de Boheemse Opstand aan het begin van de Dertigjarige Oorlog werd Frederik V tot koning van Bohemen gekozen. Frederik vertrok naar Praag en benoemde Johan tot stadhouder van de Palts. Zelf stond Johan sceptisch tegenover de anti-keizerlijke politiek van Frederik V. In 1621 werd werd Frederik door keizer Ferdinand II vanwege zijn rol in de opstand in de rijksban gedaan. Johan legde vervolgens het stadhouderschap neer. Hij hoopte zo zijn gebieden uit de oorlog te houden. Ondanks Johans neutraliteitspolitiek werden de zuidelijke delen van zijn hertogdom geplunderd door doortrekkende troepen.

Het in 1629 door keizer Ferdinand II uitgevaardigde Restitutie-edict trof ook Palts-Zweibrücken. Johan moest het in 1558 geseculariseerde klooster van Hornbach afstaan de bisschop van Spiers. Het Gymnasium dat in het kloostergebouw gevestigd was moest verplaatst worden naar Zweibrücken.

Omdat de neutraliteit van Palts-Zweibrücken door de keizer en zijn bondgenoten nauwelijks gerespecteerd werd, sloot Johan zich in 1634 aansloot bij het Verbond van Heilbronn, een door Zweden geleid verbond van protestantse Duitse vorstendommen. Zweden en de bond werden in september 1634 echter vernietigden verslagen in de Slag bij Nördlingen. Na de slag bezette een keizerlijk leger onder leiding van generaal Gallas het hertogdom Zweibrücken. Johan vluchtte met zijn familie naar de Franse stad Metz, waar hij ook stierf. Pas in 1646 werd zijn lichaam naar Zweibrucken overgebracht, waar het werd bijgezet in de Alexanderkerk.

Huwelijken en kinderen[bewerken]

Johan II is twee keer getrouwd geweest. Op 28 augustus 1604 trouwde hij in het Bretonse Blain met Catherina de Rohan (1578–1607), een dochter van René II de Rohan. Catharina was een zus van de de hugenotenleider Henri de Rohan.

Johan II en Catharina kregen een dochter:

Op 4 mei 1612 hertrouwde Johan II in Heidelberg met Louise Juliana (1594–1640), een dochter van keurvorst Frederik IV van de Palts. Ze kregen zeven kinderen:

Noten[bewerken]

  1. Bij het schrijven dit artikel is gebruik gemaakt van:
    (de) V. Press (1974): Johann II. in: Neue Deutsche Biographie 10, via http://www.deutsche-biographie.de/pnd100006000.html.
  2. Zijn moeder, Magdalena, was de derde dochter van Willem V van Kleef.
    (en) A. D. Anderson (1999): On the Verge of War: International Relations and the Jülich-Kleve Succession Crises (1609-1614), blz. 249.