Johan I van Brandenburg-Küstrin

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken

Johan I van Brandenburg-Küstrin,, gen. de Wijze, en Hans van Brandenburg-Küstrin (?, 3 augustus 1513 - Küstrin, 13 januari 1571) was een zoon van Joachim I Nestor van Brandenburg en Elisabeth van Denemarken, Noorwegen en Zweden.

Johan I van Brandenburg-Küstrin huwde in 1537 met Catharina van Brunswijk-Wolfenbüttel (†1574), (dochter van Hendrik II van Brunswijk-Wolfenbüttel). Zij kregen twee kinderen:

Voor zijn overlijden, had zijn een vader in een testament de wil uitgedrukt om het vorstendom te verdelen onder zijn zoons. Joachim II Hector van Brandenburg kreeg het markgraafschap Brandenburg en Johan kreeg Brandenburg-Küstrin. Johan bouwde in 1535 zijn residentie in Küstrin en in 1536 heerste hij over een vorstendom van 12 500 km². Johan I ontwikkelde de stad Küstrin en startte de bouw van een burcht op de oevers van de Oder.

In tegenstelling tot zijn oudste broer, was Johan I van Brandenburg-Küstrin een zeer vroom man. Hij was energiek en had verstand van staatshuishoudkunde en politiek. Hij slaagde er in zijn vorstendom te stabiliseren op economisch en politiek gebied.

Als protestant werd hij in 1538 lid van het Schmalkaldisch Verbond. Keizer Karel V stond hem wel de godsdienstvrijheid toe in zijn staat. Johan hoopte Pommeren te kunnen veroveren. Bij de vergadering van de Rijksdag van Augsburg in 1548, trachtte keizer Karel V de wederopname van de protestanten in de Katholieke Kerk te bewerkstelligen, maar Johan verwierp een compromis en weigerde deel te nemen aan de processie van sacramentsdag.

Terug in zijn vorstendom Brandenburg-Küstrin, trachtte hij een verbond te smeden tegen de Habsburgers, maar mislukte. In 1556 deed hij afstand van het markgraafschap Brandenburg-Kulmbach. Johan I van Brandenburg-Küstrin overleed 10 dagen na zijn oudste broer op 13 januari 1571. Hij liet een fortuin na van meer dan een half miljoen florijnen, terwijl zijn broer een schuld naliet van 2,5 miljoen florijnen.