Johan VII van Mecklenburg-Schwerin
| Johan VII van Mecklenburg-Schwerin | ||
| 1558-1592 | ||
| Hertog van Mecklenburg-Schwerin | ||
| Periode | 1576-1592 | |
| Voorganger | Johan Albrecht I | |
| Opvolger | Adolf Frederik I | |
| Vader | Johan Albrecht I van Mecklenburg-Güstrow | |
| Moeder | Anna Sophia van Pruisen | |
| Dynastie | Mecklenburg | |
Johan VII van Mecklenburg-Schwerin (Güstrow, 7 maart 1558 – Stargard, 22 maart 1592) was de oudste (overlevende) zoon van Johan Albrecht I van Mecklenburg-Güstrow en van Anna Sophia van Pruisen.
Hij volgde in 1576 zijn vader op als hertog van Mecklenburg-Schwerin en regeerde tot 1585 onder voogdij van zijn oom Ulrich. Johan pleegde zelfmoord in 1592, nadat het bestuur hem te zwaar werd en hij al te kennen had gegeven te willen aftreden. Onmiddellijke oorzaak was het blijvende conflict over grondaanspraken met een andere oom van hem, Christoffel, de administrator van het bisdom Ratzeborg.
In 1588 was hij gehuwd met Sophie van Sleeswijk-Holstein-Gottorf (1569-1634), dochter van hertog Adolf van Sleeswijk-Holstein-Gottorp.
Zij kregen volgende kinderen:
- Adolf Frederik I, hertog van Mecklenburg-Schwerin in 1592–1628, 1631–1658
- Johan Albrecht II, hertog van Mecklenburg-Güstrow in 1592–1628, 1631–1636
- Anna Sophia (1591- 1648).