Johannes-Passion (J.S. Bach)

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Eerste pagina van de Johannes-Passion van Johann Sebastian Bach

De Johannes-Passion (BWV 245) van Johann Sebastian Bach is een oratorium met als onderwerp het lijden en sterven van Jezus volgens het Evangelie volgens Johannes. De originele titel luidt 'Passio secundum Johannem'.

Geschiedenis[bewerken]

Bach schreef de Johannes-Passion in 1724 in drie maanden tijd. Op 7 april van dat jaar, Goede Vrijdag, werd de Johannes-Passion voor het eerst uitgevoerd in de Nicolaïkirche in Leipzig. Een jaar later verving hij het openingskoor door een ingetogen koraalbewerking, waarschijnlijk omdat er kritiek op de (te uitbundige) muziek was gekomen. Bach bleef wijzigingen aan de Johannes-Passion aanbrengen, zodat er tegenwoordig vier verschillende versies bestaan (naast die uit 1724 en 1725 is er ook een versie uit 1728 en 1749). Vlak voor zijn dood begon Bach aan een nieuwe versie, die hij niet heeft kunnen afmaken.

Vergelijking met de Matthäus-Passion[bewerken]

De Johannes-Passion wordt vaak vergeleken met de Matthäus-Passion, die Bach enkele jaren later zou schrijven. In vergelijking met de Matthäus-Passion, is de Johannes-Passion muzikaal wat feller, maar tegelijkertijd ingetogener. Zijn voor de Matthäus-Passion twee orkesten en twee koren nodig: bij de Johannes-Passion volstaat een klein orkest en koor.

Bach volgt vrijwel letterlijk de teksten van het Evangelie volgens Johannes. Op twee plaatsen brengt hij een kleine toevoeging uit het Evangelie volgens Matteüs aan (het wenen van Petrus nadat de haan gekraaid heeft en het scheuren van het voorhang in de tempel, de aardbeving, het splijten van de rotsen en de opstanding van de gestorvenen na de dood van Jezus). Hierdoor ligt het accent in de Johannes-Passion minder op het lijden van Jezus. Jezus komt meer over als een krachtige persoonlijkheid die een boodschap te vertellen heeft dan als het trieste slachtoffer in de Matthäus-Passion. Veel aandacht wordt besteed aan de beschrijving van het proces van Jezus.

Opbouw[bewerken]

De eerste noot van het openingskoor spelen de houtblazers een driestemmige bes, d g: dit staat voor Soli (bes) Deo (d) Gloria (g): Bach draagt de compositie direct op aan God.

Ook op andere plaatsen in de Johannes-Passion maakt Bach gebruik van muzikale symboliek. Zo is het moment dat Pontius Pilatus zwicht voor de druk om Jezus ter dood te brengen het centrale punt. Vanuit dit koraal, Durch Dein Gefängnis, Gottes Sohn is de opbouw van de Johannes-Passion symmetrisch opgebouwd: hiermee (en door het relatief korte eerste deel en langere tweede deel) geeft Bach een kruisvorm aan.

Overige Johannespassies[bewerken]

Naast de Johannes-Passion van Bach zijn er nog meer Johannespassies gecomponeerd. Zo heeft ook de Estse componist Arvo Pärt een Johannespassie op zijn naam staan. In het jaar 2000, ter gelegenheid van het 250e sterfjaar van Bach, kregen vier componisten ieder de opdracht een passie te schrijven. De Johannespassie werd toegewezen aan Sofia Goebaidoelina.

Externe links[bewerken]

Bronnen, noten en/of referenties
  1. Vertaling: Nederlands Bijbelgenootschap 1951 (recitatieven) en Kamerkoor Vocoza/Bram Bos (overige teksten). Deze Nederlandse vertaling bevatte tot voor kort een fout. De koraaltekst Dein Will gescheh was vertaald met Uw wil geschiedde, alsof het hier een gebeurtenis in het verleden betreft, in plaats van Uw wil geschiede, een aanvoegende wijs die een wens uitdrukt en dus toekomstgericht is.