John Crocker

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken

John Tredinnick Crocker (4 januari 18969 maart 1963) was een Britse legerofficier en korpscommandant tijdens de Tweede Wereldoorlog.

Eerste Wereldoorlog[bewerken]

Bij de uitbraak van de Eerste Wereldoorlog was Crocker een soldaat bij de Artists' Rifles, een trainingskorps voor officieren voordat hij als officier werd toegevoegd bij de Machine Gun Corps. Hij maakte een goede carrière door tijdens de oorlog en werd met zowel de Distinguished Service Order en de Military Cross onderscheiden tijdens zijn dienst bij de 174th Machine Gun Company of 59e Divisie in Frankrijk.

Interbellum[bewerken]

Na de wapenstilstand verliet Crocker het leger om voor advocaat te gaan studeren. Maar hij voelde zich niet thuis in zijn nieuwe baan en besloot terug te keren naar het leger. Na een korte periode te hebben gediend als een infanterieofficier bij de Middlesex Regiment specialiseerde Crocker zich in de nieuwe vorm van gemechaniseerde oorlogvoering en ging 1923 bij de Royal Tank Corps. Hij bekleedde diverse veld- en staffuncties zoals Brigade Major bij Percy Hobart en General Staff officer 1 bij Alan Brooke. Toen de Tweede Wereldoorlog begon was Crocker een General Staff officer 1 bij de Southern Command.

Tweede Wereldoorlog[bewerken]

In april 1940 werd hij benoemd tot bevelhebber van de 3e Pantserbrigade bij de 1e Pantserdivisie in Frankrijk. De brigade van Crocker werd in 1940 net als het grootste deel van de British Expeditionary Force (BEF) virtueel vernietigt tijdens Slag om Frankrijk. Hij landde bij Cherbourg toen de rest van de BEF zich trok naar Duinkerke viel de 1e Pantserdivisie zonder succes de Duitse bruggenhoofden over de rivier de Somme aan. Daarna trokken ze zich terug naar Cherbourg waar de overblijfselen van de divisie (inclusief de laatste 13 tanks van de brigade) werden geëvacueerd.

Toen Crocker was teruggekeerd in Groot-Brittannië kreeg hij het bevel over de 6e Pantserdivisie en in september 1942 over de 9e Legerkorps. In 1943 werd hij opnieuw overzee gezonden, dit keer naar Tunesië. Crocker was ongeduldig bij de Fondouk-pas op 8 april 1943 toen hij een poging waagde om de 6e Pantserdivisie en de 34e Amerikaanse Infanteriedivisie door een gat in de haastig gerepareerde Duitse verdedigingen wilde drukken. Crocker raakte tijdens een trainingsoefening gewond, tijdens een demonstratie van de PIAT antitankwapen en hij nam niet meer deel aan de oorlog in Noord-Afrika. Hij liet wel een controverse over zich hun waaien om in de pers kritiek te uiten op de prestaties van de Amerikaanse troepen.

Na zijn terugkeer in augustus 1943 kreeg Crocker het bevel over de 1e Legerkorps, die deel uitmaakte van de 2e Leger van Miles Dempsey waar hij zich voorbereiden op Operatie Overlord. Ondanks de achtergrond van Crocker in gemechaniseerde oorlogsvoering was de 1e Legerkorps voornamelijk een infanterieformatie, maar Bernard Montgomery, bevelhebber van de 21e Legergroep had vertrouwen in zijn organisatorische vaardigheden en droeg 1e Legerkorps de taak op om Caen te veroveren. Op D-Day had Crocker een grote verantwoordelijkheid, hij kreeg de controle over twee landingsstranden (Juno en Sword). Het feit was ondanks de onafwendbare mislukkingen gingen de landingen volgens de planning van Crocker.

Maar Caen viel niet op D-day in geallieerde handen en het legerkorps van Crocker nam deel aan de twee maanden durende Slag om Caen en Operatie Charnwood. In augustus 1944 kwam hij onder commando te staan van luitenant-generaal Harry Crerar, bevelhebber van het Eerste Canadese Leger en het 1e Legerkorps rukte op naar de rivier de Seine en nam deel aan de schoonmaakoperaties langs de Franse en Belgische kust. Bij de Duitse overgave in mei 1945 stond 1e Legerkorps nog steeds aan de zuidelijke oevers van de rivier de Maas met het Duitse 25ste Leger tegenover zich.

Na de Tweede Wereldoorlog[bewerken]

In 1945 werd Crocker benoemd tot General Officer Commanding-in-Chief van de Southern Command en in 1947 werd hij benoemd tot opperbevelhebber van de Middle East Land Forces. In 1950 werd hij benoemd tot Adjudant-generaal van de Troepen en ging tot slot in 1953 met pensioen bij het leger. In 1949 werd Crocker aanbevolen door Montgomery om hem op te volgen als Chief of the Imperial General Staff, maar premier Clement Attlee benoemde William Slim. De belangrijkste naoorlogse bijdrage van Crocker was het schrijven van handleidingen die de Britse leer van pantseroorlogsvoering tijdens de Koude Oorlog vastlegde.

Na zijn pensioen bij het leger was Crocker vicevoorzitter van de Commonwealth War Graves Commission en Lord Lieutenant of Middlesex.

Decoraties[bewerken]

Bronnen, noten en/of referenties
  • Biographical Dictionary of British Generals of the Second World War, Nick Smart. ISBN 1-84415-049-6.
  • Crusade in Europe, Dwight D. Eisenhower. ISBN 0-8018-5668-X
  • D-Day 1944, Ken Ford. ISBN 1-84176-368-3.
  • Delany, Douglas (Autumn 2007). "A Quiet Man of Influence: General Sir John Crocker". Journal of the Society for Army Historical Research 85: 185–207.