Joos van Ghistele

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken

Joos van Ghistele (Gent, 1446Zuiddorpe (?), 21 september 1516) was een Vlaams edelman. Hij is vooral bekend om zijn reis naar het Heilige Land en het Midden-Oosten tussen 1481 en 1485, waarvan een ongewoon uitgebreid verslag is overgeleverd.

Leven[bewerken]

Van Ghistele was de zoon van Gerard van Ghistele, heer van Axel en Moere, en Isabelle de Wilde, vrouwe van Maalstede, Renesse en Kruiningen. Zijn vader heeft belangrijke functies bekleed: hij was schepen en grootbaljuw te Gent. Toen Joos vijf jaar was, werd het gezin om politieke redenen verbannen uit Gent en vestigde het zich in kasteel Moere, bij Zuiddorpe in Zeeuws-Vlaanderen. Hij bracht zijn jeugdjaren door in het gevolg van de graaf van Charolais, de latere hertog Karel de Stoute, door wie hij tot ridder werd geslagen in 1464 of 1467. Zijn band met het Bourgondische hof zou zijn latere carrière sterk bepalen.

Na de dood van Karel de Stoute bij de Slag bij Nancy in 1477 keerde hij terug naar Gent en werd daar voorschepen (voorzitter) van de bank van de Keure. In 1480 werd hij herkozen. Na het eind van zijn mandaat vertrok hij vermoedelijk op 15 november 1481 naar het Heilig Land en het Midden-Oosten. Eind juni 1485 keerde hij terug naar Gent.

In 1486 werd hij opnieuw voorschepen van de bank van de Keure in Gent. Van 1492 tot 1494 vertegenwoordigde hij als grootbaljuw de Bourgondische vorst in de stad. Daarna werd hij benoemd tot privéraadsman en kamerheer van Maximiliaan van Oostenrijk en later van Filips de Schone. Hierna vertrok hij naar Zeeuws-Vlaanderen waar hij tot aan zijn dood in 1516 erfschout van de Hulster- en Axelerambachten was. Joos werd begraven in de kerk van Zuiddorpe, in de tombe van zijn grootouders. Hij was getrouwd met zijn nicht Margriet van Ravenschot, met wie hij drie dochters had.

"De groote reiziger"[bewerken]

Op 15 november 1481 vertrok Joos van Ghistele op pelgrimstocht naar het Heilig Land. In Keulen bezocht hij het schrijn van de drie koningen en las hij de Historia trium regum van Jan van Hildesheim. Hierin is sprake van India Tertia, het rijk van de mythische christelijke koning Pape Jan. Naar aanleiding van dit verhaal besloot Joos naar deze koning op zoek te gaan. Op deze reis liet hij zich vergezellen door vier reisgenoten: neef Joris van Ghistele (baljuw van Biervliet), Jan van Vaernewijck, Joris Palinc en Jan van Quisthout (kapelaan van Joos).

Reis[bewerken]

Zoals verplicht was in die tijd trok hij eerst naar Rome om toestemming te vragen aan de paus om naar het Heilig Land te reizen. Vervolgens reisde hij naar Venetië van waaruit hij per schip naar Palestina voer, waar hij niet alleen Jeruzalem maar ook tal van andere heilige plaatsen bezocht. Na een bezoek aan Egypte en de Nijldelta probeerde hij het land van Pape Jan te bereiken via de Rode Zee. Hij diende echter zijn reis af te breken op het eiland Perim in de Golf van Aden, omdat hij daar werd gearresteerd door de plaatselijke machthebber die de geloofsbrieven die Joos van de sultan had meegekregen niet erkende. Een tweede poging voerde hem via Cyprus naar Syrië, het zuiden van Turkije en Perzië. In Tabriz besloot hij terug te keren nadat hij gewaarschuwd was voor een gevaarlijke ziekte en omdat sommige medereizigers het reizen moe waren. Vanuit Tripoli in Libanon voeren ze via Kreta naar Korfoe. Van daaruit voer het gezelschap met een Venetiaans schip naar Barbarije, de noordkust van Afrika. Daar bezochten ze Tripoli (Libië), Soussa en Tunis. Over Genua en Venetië reisden ze terug naar huis.

Route[bewerken]

De route van de pelgrimage naar Jeruzalem die Joos van Ghistele aflegde, was in de 15e eeuw zeker bekend. Joos was slechts een van de zovele pelgrims die de tocht naar het Heilige Land ondernamen. Maar gedreven door nieuwsgierigheid en zin voor avontuur ging hij een stapje verder. Tijdens zijn tocht tastte Joos de grenzen van de wereld af waarvan toen slechts drie continenten bekend waren, Europa, Azië en Afrika. Joos’ onderneming was onder andere bijzonder vanwege zijn uitgebreide rondreis in de Arabische wereld. De omvang van de reis is mede te danken aan het toeval. Joos maakte gebruik van de kansen die zich aanboden, maar kreeg ook geregeld tegenslagen te verduren. Zo werd zijn reisroute vaak aangepast, waardoor hij onverwacht vele nieuwe plaatsen bezocht.

Doel[bewerken]

In eerste instantie had Joos’ reis een religieus doel, maar vermoedelijk had hij ook politieke en economische bedoelingen. Het feit dat Joos hoge functies bekleedde, droeg bij tot het ambitieuze karakter van zijn reis. Joos was erop gebrand het land van Pape Jan te vinden, om het graf van de heilige Thomas te bezoeken en wellicht ook om steun te vinden bij deze christelijke koning in de strijd tegen de Islam.

Tvoyage[bewerken]

Ambrosius Zeebout[bewerken]

De verder onbekende, maar ongetwijfeld zeer geleerde Ambrosius Zeebout stelde Tvoyage samen op basis van notities van een reisgenoot van Joos (vermoedelijk de kapelaan) en mondelinge verslagen van medereizigers. Hij vulde dit aan met talrijke schriftelijke bronnen, waaronder vele religieuze, historische en humanistische werken. Ook maakt hij gebruik van andere reisverhalen. Opvallend is dat hij deze bronnen met een kritische houding benadert, wat niet wegneemt dat Tvoyage nog enkele onjuistheden bevat.

Inhoud[bewerken]

Het reisverhaal is opgedeeld in acht boeken van zeer uiteenlopende lengte.

  • In het eerste boek wordt ter inleiding informatie gegeven over de maatregelen die men moet treffen voor de aanvang van een reis naar het Oosten. Ook wordt er een uiteenzetting gegeven over de verschillende religies in het Midden-Oosten: de islam (met een zeer uitvoerige bespreking van het leven van Mohammed), het Oosters christendom en enkele joodse sekten.
  • Het tweede boek is gewijd aan de reis naar en door Palestina. Daar bezoekt hij Jeruzalem en vele heilige plaatsen.
  • In boek 3 wordt zijn reis door Egypte beschreven. Hij geeft onder meer een uitvoerige beschrijving van Caïro met het hof van de Sultan, van de piramides van Gizeh en van Alexandrië.
  • In boek 4 wordt Joos van Ghisteles poging beschreven om het land van Pape Jan te bereiken via de Sinaï en de Rode Zee. Hij bezoekt onder meer het Katharinaklooster in de Sinaï. Het boek besluit met een uitvoerige beschrijving van het toenmalige Arabië.
  • Boek 5 geeft een beschrijving van zijn reis in Cyprus. Joos en zijn gezelschap zetten vanuit Alexandrië koers naar Syrië. Door een enorme storm belandt het gezelschap echter op dit Mediterrane eiland.
  • In het zesde boek trekt hij door Syrië. Hij bezoekt onder meer Damascus en Aleppo.
  • Het zevende boek beschrijft een nieuwe poging om het land van Pape Jan te vinden, dit keer via Perzië. Het boek bevat een uitvoerige beschrijving van de stad Tabriz.

Ondanks Zeebouts toevoegingen doet Tvoyage zeer authentiek aan. Dat komt onder andere door het hoge kritische gehalte van de tekst. De gangbare kennis uit de middeleeuwen wordt telkens vergeleken met de ervaring van Joos. Waar andere reisverhalen vreemde monsters beschrijven, komen we bij Zeebout nijlkrokodillen en struisvogels tegen. Zeebout probeert de exotische wereld van het Midden-Oosten voor zijn lezers ook toegankelijk te maken door die te vergelijken met objecten en plaatsen uit de Lage Landen.

Overlevering[bewerken]

Tvoyage is overgeleverd in twee handschriften. Het eerste handschrift dateert uit ca. 1500 en bevindt zich nu in de Egyptologische Stichting te Brussel. Het tweede dateert uit ca. 1535 en bevindt zich in de Koninklijke Bibliotheek te Brussel. In 1557 drukte de Gentse drukker Henric van den Keere het verhaal voor de eerste keer. Het reisverslag werd herdrukt in 1563 en 1572. Na de zestiende eeuw werd Tvoyage vergeten, tot A. Schayes er in 1836 een enthousiast betoog over schreef. In 1998 gaf R.J.G.A.A. Gaspar Tvoyage opnieuw uit met een inleiding, aantekeningen en een onderzoek naar de bronnen van Ambrosius Zeebout.

Bibliografie[bewerken]

  • Ambrosius Zeebout, Tvoyage van Mher Joos van Ghistele (ed. R.J.G.A.A. Gaspar). Verloren, Hilversum 1998. tekst op de dbnl
  • P.C. Molhuysen en P.J. Blok (red.), Nieuw Nederlandsch biografisch woordenboek. Deel 6. A.W. Sijthoff, Leiden 1924. artikel in de dbnl

Externe links[bewerken]

Joos' route globaal weergegeven op Google Maps: