Jorge da Costa

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken

Jorge da Costa (Alpedrinha (Portugal), 1406Rome, 18 september 1508) was een Portugese kardinaal.

Biografie[bewerken]

Da Costa was de zoon van Martin Vaz[1] en Catherina Gonçalves da Costa, een arme familie. Zijn beide broers, Martinho en Jorge, zouden evenals hun broer een kerkelijke functie bekleden, respectievelijk als aartsbisschop van Lissabon en aartsbisschop van Braga; deze benoemingen hadden zij te danken aan hun broer, die van beide ambten afstand deed ten gunste van zijn broers.

Evenals zijn broers studeerde Jorge aan de universiteit van Parijs. Bij zijn terugkeer in Portugal werd hij kapelaan en biechtvader van de infanta Catharina, dochter van koning Alfons V. Zij trad toe als non tot de orde der Clarissen. Tevens werd hij de biechtvader van de koning zelf die hem benoemde tot ambassadeur van Portugal aan het Koninklijke hof in Castilië. In die hoedanigheid werd zijn diplomatieke vaardigheid ingezet om de vrede tussen beide koninkrijken te bewerkstelligen.

Na verschillende kerkelijke benoemingen (zie “kerkelijke functies”) werd hij op 18 december 1476 op verzoek van de Portugese koning verheven tot kardinaal. Als kardinaal-priester zou hij diverse titelkerken toegewezen krijgen.

Door meningsverschillen met de troonopvolger, de latere koning Johan II, verliet de kardinaal Portugal na de dood van Alfons V en verhuisde naar Rome. Namens de paus werd hij op 19 maart 1484 naar Venetië gestuurd als pauselijk legaat a latere, met als doel vrede in de Italiaanse gebieden te bewerkstelligen. Hij zou nooit in Venetië aankomen, maar keerde terug naar Rome om daar deel te nemen aan het conclaaf waarbij paus Innocentius VIII werd gekozen (1484).

Da Costa's naam werd genoemd als een van de kardinalen die de Heilige Lans van Narni begeleidde naar Rome. Deze lans werd als gift door sultan Bayezid II aan de paus geschonken als dank voor zijn steun in het in gevangenschap houden van de broer van de sultan.[2][3]

Jorge da Costa was een van de rijkste kardinalen van zijn tijd; zijn inkomsten wendde hij onder meer aan voor steun aan de beeldende kunsten.

Op 18 september 1508 overleed Jorge da Costa, op de respectabele leeftijd van 101 jaar. Hij werd begraven in een speciaal ontworpen kapel (Santa Catalina) gebouwd aan de Santa Maria del Popolo.[4] De fresco’s werden vervaardigd door Pinturicchio.

Kerkelijke functies[bewerken]

Titel Periode
Bisschop van Évora 6 maart 1463 – 26 november 1464
Aartsbisschop van Lissabon[5] 26 november 1464 – 28 juni 1500
Kardinaal-priester van Santi Pietro e Marcellino 18 december 1476 – 8 november 1484
Kardinaal-priester van Santa Maria in Trastevere 8 november 1484 – 15 oktober 1489
Camerlengo 11 januari 1486 – januari 1487
Aartsbisschop van Braga 1486 - 1488[6][7]
Kardinaal-priester van San Lorenzo in Lucina[8] 15 oktober 1489 – 10 oktober 1491
Kardinaal-bisschop van Albano 10 oktober 1491 – 14 mei 1501
Kardinaal-bisschop van Frascati 14 mei 1501 – 10 april 1503
Kardinaal-bisschop van Porto en Santa Rufina 10 april 1503 – 18 september 1508
Bisschop van Visu januari 1505 – juni 1505
In commendam
Santa Maria de Alcobaça, aartsbisdom van Lissabon (1475-1488 en 1493-1505)
Klooster van Tarauca, Lamego
Bisdom Genua (1495-1496)
Klooster van São Miguel de Fojas, aartsbisdom van Braga
Klooster van Santa Maria de Pomberto, aartsbisdom van Braga
Bronnen, noten en/of referenties
  1. Als da Costa’s natuurlijke vader wordt ook de naam Antonio de Gusmão genoemd, bronvermelding “História eclesiástica dos arcebispos de Braga”
  2. Het zou gaan om de lans, die gebruikt werd bij de kruisiging van Jezus, waarmee hij in zijn zijde werd gestoken
  3. Over de authenticiteit van de Heilige Lans bestond en bestaat nog veel onduidelijkheid, mede doordat andere plaatsen ook menen (of meenden) in het bezit te zijn van deze heilige lans: Parijs (verdwenen), Ejmiatsin, Krakow en Wenen.
  4. Foto van grafmonument
  5. Da Costa nam ontslag ten gunste van zijn broer Martinho
  6. Da Costa nam ontslag ten gunste van zijn broer Jorge
  7. In de periode 1501 – 1505 was hij bestuurder van het aartsbisdom
  8. De Costa hield de kerk aan in commendam