KW-stelling

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Zicht op bunker H4 en het sluizencomplex dat werd gebruikt om de antitankgracht te Haacht, onderdeel van de KW-stelling, onder water te zetten.
Zicht op de antitankgracht te Haacht, onderdeel van de KW-stelling.

De KW-stelling of KW-linie was een Belgische antitankversperring tussen Koningshooikt en Waver (vandaar de KW in de naam) bedoeld als verdediging tegen een Duitse invasie in centraal België, tijdens het begin van de Tweede Wereldoorlog. De KW-stelling werd gebouwd tussen september 1939 en mei 1940 in opdracht van het Belgisch ministerie van Defensie, in hoofdzaak langs de rivier Dijle. De KW-stelling bestond uit een aaneenschakeling van gevechtsbunkers, communicatiebunkers, anti-tankgrachten en stalen bouwwerken (waaronder Cointet-elementen, spoorwegstaven en tetraëders). Bij de geallieerden staat de KW-stelling bekend als de Dijle-linie, bij de Duitsers als IJzeren Muur.
De KW-stelling hoorde samen met de Fortengordel rond Luik en de Stelling van Antwerpen tot de kern van de Belgische verdediging tot 1940.

Belgische verdedigingsstrategie in 1940[bewerken]

De KW-stelling was een zeer belangrijk onderdeel van het Belgische verdedigingssysteem tegen een dreigende Duitse invasie in 1940 daar dit de zogenaamde Weerstandsstelling was naar waar de Franse en Britse legers vanuit Noord-Frankrijk zouden bewegen indien België werd aangevallen. Op 10 mei 1940 bestond het Belgische strategisch verdedigingsplan tegen een Duitse invasie uit vijf hoofdstellingen.

Alarmstelling[bewerken]

Deze linie had als hoofddoel om elke grensoverschrijdingen te detecteren en onmiddellijk te melden. De Alarmstelling liep langs de grens met Nederland (Nederlands Limburg) en langs de grens met Duitsland. Deze stelling werd bemand door territoriale brigades van de Rijkswacht en gedetacheerde manschappen van de Vooruitgeschoven Stelling. Na het verlaten van strategische punten (zoals bruggen) moesten de manschappen zich terugtrekken.

Vooruitgeschoven stelling[bewerken]

Deze stelling had als hoofdtaak om de sterkte van de Duitse troepen te testen en weerstand bieden zodat men tijd kon winnen voor het bemannen van de Dekkingsstelling. Verder zouden ze hoofdwegen versperren en onbruikbaar maken. De Vooruitgeschoven stelling liep langs de grens van Antwerpen tot Aarlen, via Maaseik. In de Kempen liep ze achter het Kanaal Dessel-Turnhout-Schoten, het Kempisch kanaal en het Belgische deel van de Zuid-Willemsvaart. Deze stelling werd bemand door de Ardense Jagers en de Grenswielrijders.

Dekkingsstelling[bewerken]

Deze stelling werd bemand door 14 divisies, meer dan de helft van het Belgisch leger. De Dekkingsstelling liep langs het Albertkanaal, de Maas tot Namen. Langs het Albertkanaal stond om de 600 meter een bunker met twee mitrailleurs (ter hoogte van de waterspiegel). Alle bruggen werden ondermijnd met springladingen, velden werden onder water gezet en tankversperringen opgebouwd.

Weerstandstelling[bewerken]

Dit is de KW-stelling die begon bij Fort Koningshooikt van Stelling van Antwerpen (Lier), Leuven, Waver, Gembloers tot Rhisnes waar ze aansloot op het versterkte fort van Namen. De Weerstandsstelling was de linie naar waar de Franse en Britse legers zouden bewegen indien België werd aangevallen door Duitsland.

Binnenlandse stellingen[bewerken]

Deze stellingen omvatte onder andere de linie Waver-Ninove, een onafgebroken tankhindernis met bunkers, het National Bolnetwerk langs het kanaal Gent-Terneuzen (dat nog niet was afgewerkt), de kustverdediging en geplande vernielingen langs de Franse grens (Semois, Samber, kanalen van Henegouwen).

Inventarisatie en ontsluiting[bewerken]

In 2009 startte Regionaal Landschap Dijleland en de werkgroep K.W.-Stelling samen met een aantal andere partners een project op dat tot doel heeft alle resten van de KW-stelling in kaart te brengen. Binnen dit project is ontsluiting ook belangrijk. Het resultaat hiervan is een website (kwlinie.be) met achtergrondinformatie, een databank die voor iedereen raadpleegbaar is en een fietsroute van 30 km in de buurt van Wespelaar, Tildonk, Veltem en Buken.

Effect bij de Duitse inval van mei 1940[bewerken]

De KW-stelling bleek uiteindelijk nutteloos omdat de Duitse troepen via de Ardennen en verder in Frankrijk konden doorstoten en zo achter de linie terecht kwamen. In de praktijk bleek vestingbouw met het handhaven van één ononderbroken verdedigingslinie door de tijd te zijn ingehaald. Dit gold ook voor deze linie. Moderne oorlogsvoering met vliegtuigen en andere snel verplaatsbare voertuigen maakten de statische vestingwerken niet meer doorslaggevend in de oorlogsvoering. De bewegingsoorlog in tegenstelling tot een stellingenoorlog zoals in de Eerste Wereldoorlog, gaat immers uit van het doorbreken van de linies, gevolgd door een opmars waarbij de statische kazematten snel afgesneden worden. Guderians tankdivisies gaven geen directe steun aan de algemene infanterie maar waren via goede communicatielijnen verbonden afzonderlijke entiteiten, met eigen infanterie, genie en bevoorradingscolonnes die duikbommenwerpers (Stuka's) als hun artillerie aanwendden.

Zie ook[bewerken]

Externe links[bewerken]