Kanaal Bossuit-Kortrijk

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Het kanaal Bossuit-Kortrijk ter hoogte van Zwevegem.

Het Kanaal Bossuit-Kortrijk is een kanaal in het zuiden van de Belgische provincie West-Vlaanderen. Het verbindt de Schelde te Bossuit met de Leie te Kortrijk.

Van Bossuit tot de grens met Kortrijk heeft het een gabariet van 1350 ton (klasse IV). Dat stuk telt drie sluizen, namelijk in Bossuit, in Moen en in Zwevegem. De doortocht van Kortrijk bevat drie sluizen die geklasseerd zijn als industrieel erfgoed, met een gabariet van 300 ton. Hierdoor is de verbinding met de Leie voor grotere schepen dan klasse I (spits) onmogelijk.

Vòòr de opwaardering naar 1350 ton bevatte het kanaal ook een tunnel (souterrain) op het grondgebied van Moen. Door instortingsgevaar was deze tunnel al jaren buiten gebruik.

Het kanaal wordt vrijwel uitsluitend gevoed met Scheldewater via pompstations te Bossuit en Moen. Via dit kanaal wordt ook Scheldewater aangevoerd naar het drinkwaterproductiecentrum te Harelbeke, waarbij het provinciaal domein De Gavers als buffer- en beluchtingsbekken fungeert.

Geschiedenis[bewerken]

In 1857 werd er een maatschappij opgericht om het kanaal te graven, en om het voor 90 jaar uit te baten. Op die manier kon men grondstoffen uit Ecaussines, Zinnik en Doornik vervoeren over het water zonder een omweg van 138 kilometer naar Gent te maken. Op 3 oktober 1857 kreeg de aannemer de opdracht om 15,4 kilometer te graven en 11 wachtsluizen te bouwen. Er moesten ook 18 bruggen, een pompstation en 15 woonhuizen voor sluiswachters komen. Het moeilijkste was misschien wel een 611 meter lange tunnel in Moen.

In het begin van de bouw werkten er een honderdtal mijnwerkers uit de Borinage, ongeveer 1.200 mensen per dag werkten aan het kanaal, samen met een veertigtal paarden. Na drie jaar was het bouwen af.

Op 7 februari 1861 werd het kanaal geopend voor de scheepvaart. Er werd een banket georganiseerd in de wintertuin van het Kasteel van Bossuit. Onder meer koning Leopold I was te gast.

Ondanks al deze inspanningen bleek het uitbaten van het kanaal verlieslatend, onder druk van de aandeelhouders werd het op 3 juni 1890 overgenomen door de Belgische Staat.

In 1971 werd het kanaal verdiept en verbreed. De tunnel te Moen werd opengegraven. Het dorpje Bossuit stond door deze werken een bepaalde tijd volledig droog, hierdoor moest de civiele bescherming drinkwater verdelen. Ondanks deze werken sloten toch vele fabrieken in Moen en Zwevegem.

In 1998 werd in het oude pompgebouw van Bossuit een streekbezoekerscentrum ingericht. Men kan er het gerestaureerde gebouw bezichtigen en de pompen.

Bronnen, noten en/of referenties
  • Martyn, Georges (1999) Avelgem en de Schelde: een historische gids. Avelgem: Geschied- en Oudheidkundige Kring Avelgem.