Kant (textiel)

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Bioscoopjournaal uit 1961 over kant en kantklossen
Een kantklosster in Brugge (9 nov 2004)
Kant uit de Belgische koninklijke collectie
Isabella van Spanje; zij draagt een kanten kraag.
Een voorbeeld van oude waardevolle kant, versneden in kaders

Kant is een artistiek weefsel gemaakt van draden. Linnen, katoen, zijde of zilver- en gouddraad zijn de materialen waarmee gewerkt wordt.

Inleiding[bewerken]

Kant is een product dat onder het handwerk valt. Het is een typisch westers modeverschijnsel. Kant is de naam voor verschillende soorten kantwerk die worden ingedeeld volgens techniek en kenmerken. Er zijn twee grote basissoorten:

  • kloskant, die met de hand wordt gemaakt met behulp van klosjes.
  • naaldkant, die met de hand wordt gemaakt met behulp van naalden. Deze kantsoort vergt ander materiaal en heeft geen gelijkenissen met kloskant.

Door de eeuwen heen ontstonden er vele variaties en soorten. Men mengde ook soorten kant door elkaar, zoals een mengsel van naald- en kloskant. In de loop van de geschiedenis ontstond de machinale kant, een goedkope oplossing voor de dure kantindustrie.

Geschiedenis[bewerken]

Kant is een oud ambachtelijk product dat waarschijnlijk in de 15e eeuw is ontstaan. Men weet niet precies of het in Vlaanderen is ontstaan, of in Italië. Er was destijds een nauwe culturele samenwerking tussen Vlaanderen en Venetië. Zo kwamen Venetiaanse schilders in Vlaanderen de olieverftechniek bestuderen en gingen Vlaamse kunstenaars naar Venetië om hun schilderijen te zien. Het is wel een feit dat er altijd meer kloskant werd gemaakt dan naaldkant omdat die goedkoper was.

Naaldkant is ontstaan uit open naaiwerk of punto tirato (fils tirés). Men versierde het boordje van de onderkleren dat uitstak boven de kleding. Daarvoor trok men draadjes uit de stof en men borduurde rond de ontstane opening, zowel horizontaal als verticaal. Op den duur trok men alsmaar meer draden uit om ingewikkelder versieringen te maken zodat er nog weinig stof overbleef. Tot iemand op het idee kwam om enkel met draden te werken. Men naaide de gespannen draden met een driegdraad vast op het patroon en men borduurde als voorheen. Men gebruikte dezelfde patronen. Dat is de reden waarom het zo moeilijk is om het ontstaan van naaldkant te bepalen. Op het afgewerkt product kon men niet zien of men was begonnen met stof of met draden.

Het eerste modelboek verscheen in 1528 en is van de Venetiaan Antonio Tiangliente. Hij noemt kant punto in aria (steek in de ruimte). In heel Italië was dit de benaming. Deze eerste vorm van naaldkant had een rechtlijnig of geometrisch ornament. Algemeen werd deze soort reticella genoemd. Met deze manier van werken was men niet meer verplicht om schering en inslag te volgen maar kon men vrijer werken en meer gebogen lijnen gebruiken. Zo werd het florale element geïntroduceerd. De echte naaldkant was geboren.

Kloskant[bewerken]

Kloskant wordt gemaakt met behulp van kantklosjes. Deze klosjes worden altijd in paren gebruikt, die over het gehele werk bij elkaar blijven behoren. Op deze klosjes worden draden gewikkeld. Een ervaren kantklosster kan werken met honderden klosjes tegelijk, die zeer snel om elkaar heen geslagen worden. Na het maken van een aantal slagen wordt een speld in het patroon gestoken, wat het vlechtwerk op zijn plaats houdt. Als een klosje leeg raakt, wordt er opnieuw draad omheen gewonden, dat aan het uiteinde van de oude draad wordt vastgeknoopt. Het knoopje wordt met een fijne schaar zo kort mogelijk afgeknipt.

In Noordwest-Europa wordt het patroon bevestigd op een groot plat kussen. Iedere streek en iedere kantsoort heeft zijn eigen type van klosjes, kussens en patronen. Rolkussens worden gebruikt als er lange stroken kant gemaakt moeten worden, blokkussens voor grote patronen. Ook de klosjes verschillen per streek en per kantsoort. In België en Nederland zijn ze meestal van beukenhout en hebben ze een bolletje aan het einde voor het gewicht en zijn ze ongeveer 10 cm lang. In Portugal zijn ze dubbel zo groot en veel zwaarder, omdat daar met dikke garens op rolkussens wordt gewerkt. In Engeland zijn ze recht en flinterdun en hebben ze soms kraaltjes voor het gewicht. Daar werkt men met flinterdun garen, onder andere Honitonkant.

Iedere stad en iedere streek had vroeger zijn eigen patronen en zijn eigen manier van werken. Men herkent daardoor aan de kant vaak de streek waar hij is gemaakt. Het is dus verkeerd om te denken dat Beverse kant enkel in Beveren werd geklost. De kantsoort is genoemd naar de techniek of het patroon. Een typisch kenmerk is het patroon van de tule.

Het klossen van kant is een zeer bewerkelijke techniek, die al eeuwen bestaat. Kant is zeer kostbaar, en was daarom in het verleden alleen bereikbaar voor de zeer rijken. De kostbaarste kant is van de dunste draden gemaakt. Om kant in kragen te verwerken moet het worden verstevigd met stijfsel.

Kantklossen wordt met zorg levend gehouden. Het is echter een hobby geworden en niet meer iets om de kost mee te verdienen. Het uurloon zou het werk onbetaalbaar maken. De werkomstandigheden van de kantklossters waren in het verleden bedroevend. Zij werkten veelal in vochtige kelders. De reden hiervan was dat fijne linnen draden, als zij te droog worden, erg snel breken.

Het is mogelijk om kantklossen te leren uit boeken, maar er worden ook nog steeds cursussen gegeven.

Duur cadeau[bewerken]

Keizerin Maria Theresia was een grote fan van de Vlaamse kant, en had graag een japon gehad in kant. In 1743 werd een oproep gedaan en vrijwillig werkende dames klosten toen een japon voor de keizerin. Ter gelegenheid van haar inhuldiging van de Staten van Vlaanderen kreeg keizerin Maria Theresia in 1744 een groot kanten kleed volledig uitgevoerd in Mechelse kant. Als dank voor dit gebaar poseerde de keizerin in de kanten japon voor Martin van Meytens, die een staatsieportret maakte, dat de keizerin aan de stad Gent schonk. Op het portret zijn ook duidelijk stroken Brusselse kant te herkennen. Het origineel portret hangt in het stadhuis van Gent, er werd een kopie gestuurd naar Brugge.

Toepassing[bewerken]

Kant wordt toegepast in kleedjes en in losse stukken. Het resultaat wordt vaak ingelijst of op een andere manier achter glas gezet. Vroeger werd kant veel in zowel dames- als herenkleding gebruikt. Kant werd gebruikt voor kragen en manchetten, langs de zomen van jurken, in doopjurken etc. In de katholieke kerken wordt tegenwoordig nog veel kant verwerkt in priesterkleding, altaarkleden en kleding voor heiligenbeelden.

Kant wordt tegenwoordig ook toegepast als moderne kunstvorm. Daarbij worden over het algemeen veel dikkere draden gebruikt. Sommige mensen pronken nog met oude stukken van hun voorouders; vooral koninklijke families gebruiken eeuwenoude stukken kant bij huwelijken en geboortes. Aan het Belgische hof draagt een bruid vaak de beroemde sluier van Laura Mosselman du Chenoy, de grootmoeder aan vaderszijde van koningin Paola.

Verschillende soorten kant[bewerken]

Er bestaan tientallen verschillende soorten kant, die kunnen worden ingedeeld volgens patronen, fabricatie, plaats of techniek. Vaak zijn de meeste kantsoorten dan ook verwant aan elkaar. De basisklostechniek is de linnenbinding en er zijn vlechten. Verder zijn er diverse traliesoorten, ook wel gronden genoemd.

Tulebinding is een snelle eenvoudige grond, die men al heel vroeg ook machinaal, in smalle stroken kon maken en waarop dan ingewikkelde losse stukken werden vastgezet. Vaak worden contouren gemaakt om het werk wat reliëf te geven met een dikkere draad, maar ook reliëf op andere manieren maken is mogelijk. Zo wordt de Rosaline gepareld.

Kant en toerisme[bewerken]

Kanten muts uit Drenthe

Kant is nog steeds een geliefd product, wat blijkt uit de interesse en productie van kant in toeristische centra zoals Brugge, Gent, Antwerpen en Brussel. Veel toeristen laten zich verleiden; vaak zijn er demonstratie's die de mensen een beeld geven van de productie.

Helaas is dit vaak schijn. Bij de kolonisatie van Congo werden in de missieposten kanttechnieken aangeleerd door zusters. In deze scholen vervaardigden zwarte vrouwen en kinderen grote hoeveelheden kant tegen een mager loon. Deze concurrentie was een zware klap voor de Belgische kantindustrie die al gauw doodbloedde. Nog steeds worden er in het buitenland grote hoeveelheden kant geproduceerd en verkocht als "hand-made". Vele stukken zijn door de grote kwantiteit zeer laag van kwaliteit. De herkomst van veel "hand-made" -kant is vaak niet eens Belgisch.

Door de geringe kennis van veel klanten is het makkelijk om machinaal gemaakte kant als echte kant te verkopen. Het herkennen van kantsoorten is een ware specialisatie op zich. Velen laten zich verleiden en worden soms bedrogen. Een bekende techniek is moderne kant kleuren in thee waardoor deze ouder lijkt. Voor oude stukken worden soms woekerprijzen betaald, die vaak ver boven de materiële waarde van een stuk uitstijgen. Sommige soorten zijn zo arbeidsintensief dat het uurloon onmogelijk is te verrekenen. Kant is nog steeds een grote industrie, maar niet meer in Vlaanderen. Voor oude stukken reikt men certificaten uit, een garantiebewijs. Vaak worden grote stukken versneden tot kleinere details die men in kaders afzonderlijk verkoopt tegen hoge prijzen. Door deze acties gaan vaak grote waardevolle stukken verloren. Verzamelaars kopen enkel stukken in een goede conditie en met een fraaie kwaliteit. Het hoeft geen betoog dat oude stukken steeds duurder en duurder worden.

De Belgische kleurcode[bewerken]

Van 1911 tot 1959 bestond te Brugge een kantnormaalschool. Uit het in die school ontworpen onderwijsmateriaal ontstond de Belgische kleurcode (ook Brugse kleurencode genoemd). Deze code is thans een internationaal aanvaard systeem om in de kloskant draden of paren met verschillende werking systematisch in een bepaalde kleur voor te stellen in een technische tekening.

UNESCO[bewerken]

De techniek van het maken van kant staat op de Lijst van Meesterwerken van het Orale en Immateriële Erfgoed van de Mensheid van UNESCO, dit gaat om kant uit Kroatië en Lefkara in Cyprus.

Galerij[bewerken]

Trivia[bewerken]

In de taal wordt kant ook gebruik als aanduiding voor "waardevol" en/of "duurzaam", zoals:

Bibliografie[bewerken]

  • M. Risselin-Steenbrugen, The Lace Collection - , KMKG
  • M. Risselin-Steenbrugen, Wat is kant? , Brussel, 1978, KMKG, 52 p.
  • M. Risselin-Steenbrugen, Belgische kant 16e-18e eeuw, Brussel, 1978, KMKG
  • Kant in Brugge 1911 - een technische en sociale omwenteling, Brugge, 2011, Comité voor Initiatief, 64 p.

Externe links[bewerken]