Kantonsysteem

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
De Dertien Factorijen in Kanton, rond 1820, met de handelsposten van Denemarken, Spanje, de Verenigde Staten, Zweden, Groot-Brittannië en Nederland.

Het Kantonsysteem (1757-1842) was het handelssysteem waarmee het Keizerrijk China de handel met westerse landen volledig kon controleren. Het systeem werd vernoemd naar de Zuid-Chinese havenstad Kanton, de enige haven in China die was opengesteld voor buitenlanders.

Geschiedenis[bewerken]

In de 16e eeuw vonden verschillende Europese landen hun weg naar China, als eerste Spanje en Portugal. In de 17e eeuw kwamen de Nederlanders en de Britten. De Britse Oost-Indische Compagnie opende in 1699 een factorij in de stad. In 1728 opende de Vereenigde Oostindische Compagnie eveneens een factorij in Kanton. China voerde in die tijd echter een isolationistisch beleid, maar ondanks de pogingen om Europese handelaren op Macau, voor de Chinese kust, te houden, breidde de Europese handel in China zich uit.

Als antwoord op Britse pogingen om ook in noordelijke havensteden handel te drijven, vaardigde de Chinese keizer Qianlong in 1757 een decreet uit waarin werd bepaald dat Kanton de enige havenstad zou worden waar buitenlandse handelaren werden toegelaten.[1] Dit nieuwe Kantonsysteem leidde tot een aanscherping van de voorschriften waar buitenlandse handelaren zich aan moesten houden. In termen van organisatie had het grote gelijkenis met de handel door Mongoolse tribuutmissies aan de noordelijke en noordwestelijke grens van het rijk. Door het nieuwe systeem mochten Europeanen niet meer rechtstreeks handeldrijven met Chinese burgers. De Europeanen moesten daarentegen alle handel uitbesteden aan een zogenaamde hong, een samenwerkingsverband van Chinese handelaren dat het recht had om namens buitenlanders op te treden. De Europeanen, en later ook de Amerikanen, werd verboden om de ommuurde stad Kanton te betreden, en zodoende vestigden ze zich in een voorstad in de zogenaamde Dertien Factorijen aan de Parelrivier.

Lange tijd accepteerden de Europeanen deze strikte handelsvoorwaarden. De Chinezen exporteerden naast zijde en porselein vooral thee. De Chinezen hadden daarentegen weinig interesse voor Westerse producten. Ze importeerden alleen wat specerijen, katoenen weefsels en Europese vuurwapens. Zo was de Europese handelsbalans in de 18e eeuw ten opzichte van China behoorlijk negatief. Na 1800 veranderde dit omdat de Engelsen steeds meer Indische opium in China gingen invoeren. Hierdoor veranderde de handelsbalans voor de Engelsen al snel van negatief naar positief. De Chinese overheid probeerde de toevoer van opium tegen te houden wat uiteindelijk in 1839 leidde tot de Eerste Opiumoorlog. De oorlog werd door Groot-Brittannië gewonnen en bij het Verdrag van Nanking eisten de Britten dat China vijf havensteden zou openstellen voor de handel, waarmee een einde kwam aan het Kantonsysteem.

Bronnen, noten en/of referenties
  1. (en) Canton-system Geraadpleegd op 05-04-2011