Karel Jozef van Lotharingen
| Karel Jozef van Lotharingen | ||
| 1680-1715 | ||
| Prins-bisschop van Osnabrück | ||
| Periode | 1698-1715 | |
| Voorganger | Ernst August I van Hannover | |
| Opvolger | Ernst August II van Hannover | |
| Prins-bisschop van Trier | ||
| Periode | 1698-1715 | |
| Voorganger | Johan Hugo van Orsbeck | |
| Opvolger | Frans Lodewijk van Palts-Neuburg | |
| Vader | Karel V van Lotharingen | |
| Moeder | Eleonora van Oostenrijk | |
Karel Jozef Antoon Ignatius Felix van Lotharingen (Wenen, 24 november 1680 – aldaar, 4 december 1715) was de tweede zoon van Karel V van Lotharingen en Eleonora van Oostenrijk.
Hij werd aartsbisschop van Olomouc (1695–1711) en prinsbisschop van Osnabrück (1698–1715). Tegen de kandidaten van Brandenburg en na betaling van een grote som geld aan het kapittel van Trier werd hij aartsbisschop en keurvorst van Trier (1711–1715), een belangrijk politiek ambt in het toenmalige Heilige Roomse Rijk. Al in 1711 kon hij zijn kiesrechten gebruiken bij de verkiezing van keizer Karel VI. Hij nam deel aan de onderhandelingen bij het einde van de Spaanse Successieoorlog en slaagde er in om de Franse troepen zijn aartsbisdom te doen verlaten 1714. Karel Jozef stierf aan de pokken tijdens een bezoek aan Wenen.