Katharinaparkiet

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Katharinaparkiet
IUCN-status: Niet bedreigd[1] (2012)
Bolborhynchus lineola -pet parrot.jpg
Taxonomische indeling
Rijk: Animalia (Dieren)
Stam: Chordata (Chordadieren)
Klasse: Aves (Vogels)
Orde: Psittaciformes (Papegaaiachtigen)
Familie: Psittacidae (Papegaaien)
Geslacht: Bolborhynchus
Soort
Bolborhynchus lineola
Cassin, 1853
Verspreidingsgebied van de katharinaparkiet
Verspreidingsgebied van de katharinaparkiet
Afbeeldingen op Wikimedia Commons Wikimedia Commons
op Wikispecies Wikispecies
Portaal  Portaalicoon   Biologie
Vogels

De katharinaparkiet of catharinaparkiet (Bolborhynchus lineola) is een in Midden- en Zuid-Amerika voorkomende parkiet die in groepen leeft. In de broedperiode vormen de vogels aparte koppels en zoeken ze een geschikte nestplaats.

Voeding[bewerken]

Wilde vogels leven van knoppen, bloesems, vruchten en zaden en in Zuid-Amerika ook bamboe.[2] Als de vogel in gevangenschap wordt gehouden voldoet een mengsel voor grote parkieten goed. Een aanvulling van eivoer en universeelvoer maakt zijn voedselprogramma compleet.

Kenmerken[bewerken]

De vogel is 16 tot 18 cm lang en weegt 42 tot 59 gram. De vogel is overwegend groen in verschillende kleurschakering, op de kruin blauwachtig groen, van onder meer geelgroen en op de vleugels meer olijfgroen terwijl staart- en vleugelpennen flessegroen zijn met donkere uiteinden. Karakteristiek voor deze soort is de korte staart en de donkere streping op de rug, vleugels en de flanken. Bij de ondersoort B. l. tigrinus is deze streping meer uitgesproken.[2]

Bij de dieren die in gevangenschap zijn mutaties opgetreden, waaronder een donker- en lichtblauwe variant. De vogels zijn moeilijk te seksen, maar de vrouwtjes ('popjes') zijn over het algemeen wat lichter gekleurd dan de mannen, en bij de mannen zijn meestal de middelste staartveren zwart gekleurd.

Verspreiding en leefgebied[bewerken]

De soort telt 2 ondersoorten:

Het natuurlijke leefgebied van de vogels is vochtig, altijd groen blijvend gemengd bos in de nevelwoudzone in Midden-Amerika tussen de 600 en 2400 m en in Peru tussen de 1600 en 330 m boven de zeespiegel. De ondersoort B. l. tigrinus heeft een speciale voorkeur voor bamboebos dat opslaat op berghellingen waar door aardverschuivingen de oorspronkelijke vegetatie verloren ging.[2]

Status (in het wild)[bewerken]

De grootte van de wereldpopulatie werd in 2008 geschat op 50 tot 500 duizend individuen. Men veronderstelt dat de soort in aantal stabiel is. Om deze redenen staat de katharinaparkiet als niet bedreigd op de Rode Lijst van de IUCN.[1]

De katharinaparkiet als huisdier[bewerken]

Kweek[bewerken]

Een holte in een boomstam wordt als nestplaats gebruikt. Er worden gemiddeld 4 eitjes gelegd, die in ongeveer 3 weken tijd uitsluitend door het vrouwtje worden uitgebroed. Het mannetje voert in deze periode zijn partner, zodat ze niet van haar eitjes hoeft. Als de jongen ongeveer een maand oud zijn, vliegen ze uit.

Huisvesting[bewerken]

De katharinaparkiet is in omgang en verzorging niet veeleisend en daarom ook zéér geschikt om als kooi- of volièrevogel te houden. In een volière zijn ze goed als koppel of in groepjes te houden met het gezelschap van andere kleine papegaaiachtigen en zelfs tropische vogels. Als de vogels eenmaal aan de verzorger(s) zijn gewend zullen ze spoedig tam worden. In de huiskamer voldoet een kooi met afmetingen van 50x30x50Cm (LxBxH). De vogels zijn niet luidruchtig en maken ook weinig rommel.

Bronnen, noten en/of referenties