Kathedrale basiliek Sint Bavo

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
(Doorverwezen vanaf Kathedrale Basiliek Sint Bavo)
Ga naar: navigatie, zoeken
Zie het artikel Niet te verwarren met de Grote of Sint-Bavokerk, eveneens in Haarlem.
Kathedrale basiliek Sint Bavo
Haarlemkathedraal.jpg
Plaats Haarlem
Denominatie Rooms-Katholieke Kerk
Coördinaten 52° 23′ NB, 4° 37′ OL
Gebouwd in 1895-1930
Gewijd aan Bavo van Gent
Monumentale status Rijksmonument
Monumentnummer  19555
Architectuur
Architect(en) Jos Cuypers
Pierre Cuypers jr.
Jan Stuyt?
Stijlperiode neogotiek
neoromaans
Interieur
Orgel Willibrordorgel
Titelkerk
Bisdom Haarlem-Amsterdam
De (inmiddels gesloten) schatkamer van de Sint Bavo
De (inmiddels gesloten) schatkamer van de Sint Bavo
Gewelven van de Sint Bavo
Gewelven van de Sint Bavo
Portaal  Portaalicoon   Christendom
Willibrordusorgel

De Kathedrale basiliek Sint Bavo is een rooms-katholieke kerk in Haarlem die fungeert als kathedraal van het bisdom Haarlem-Amsterdam. Het gebouw is ontworpen door Jos Cuypers. De bouw werd aangevangen in 1895. De kerk kwam gereed in 1930. De kerk is gewijd aan de Heilige Bavo, de patroonheilige van de stad, wiens verering afkomstig is uit Gent waarmee Haarlem een handelsrelatie had. Op 2 mei 1948 is de Sint Bavokerk tot basiliek verheven. In hetzelfde jaar kon het gebouw als kathedraal in gebruik genomen worden. Het gebouw is de enige rooms-katholieke kathedraal in Nederland die ook daadwerkelijk voor die kerkfunctie is gebouwd. De andere kerken die deze functie vervullen hebben de bisschopszetel pas later binnen de muren gekregen. Daarnaast is een aantal kerken dat wel als kathedraal is gebouwd (bijvoorbeeld de Dom van Utrecht) deze functie door de reformatie kwijtgeraakt. De kathedrale basiliek Sint Bavo is, na de Sint-Janskathedraal in Den Bosch, de grootste kerk van Nederland.

Bouwgeschiedenis van de basiliek[bewerken]

De Bavokerk diende de Sint-Josephkerk aan het Begijnhof in de binnenstad als kathedraal te vervangen en moest tevens gaan dienen als parochiekerk voor een nog te realiseren stadsuitbreiding ten zuiden van het stadscentrum. De opdracht voor het ontwerp werd in 1893 aan Jos Cuypers gegeven, in de verwachting dat diens vader Pierre Cuypers mede zorg zou dragen voor het eindresultaat. De jonge Cuypers, die tot dan slechts enkele kerken had ontworpen, ontwierp een gebouw in neogotische stijl. Dit oorspronkelijke ontwerp zou echter vele wijzigingen ondergaan. Toen de bouw in 1895 aanving, werd allereerst begonnen aan een forse koorpartij in neoromaanse stijl. Deze koorpartij, met halfronde apsis, een dwerggalerij en straalkapellen, werd voltooid in 1898.

Van 1902 tot 1906 werden het transept en het schip gebouwd waardoor het gebouw een kruiskoepelkerk werd, waarbij het transept invloeden vertoonde van de islamitische architectuur in Spanje. In de vieringtoren met koepel, alsmede het noordportaal, kwam weer Cuypers’ belangstelling voor Indiase architectuur tot uiting. In 1898 had Cuypers een kathedraal voor de Birmese hoofdstad Rangoon ontworpen waarbij deze belangstelling nog sterker tot uitdrukking kwam. De opdrachtgevers wezen het ontwerp echter af, waarna Cuypers een nieuw ontwerp maakte in neogotische stijl. Het schip van de Sint Bavo is eveneens grotendeels neogotisch van stijl. Toch verschilt de Bavo, onder meer door de gebruikte gele baksteen, sterk van de tot dan toe gebruikelijke Nederlandse neogotische kerken. Tijdens deze tweede bouwfase was Cuypers overigens in een partnerschap verbonden met de architect Jan Stuyt die tijdens de eerste fase nog hoofdopzichter was en wiens invloed op het ontwerp onduidelijk is.

De derde fase, de bouw van de torens en voorportaal, liet door geldgebrek tot 1927 op zich wachten. Cuypers was in 1920 geassocieerd met zijn zoon Pierre Cuypers jr., die eerder onder meer had samengewerkt met Dom Bellot en een voorkeur had voor het expressionisme. Mogelijk heeft hij de torens ontworpen. Deze werden nooit geheel voltooid; de bekroningen, waarvoor talloze ontwerpen waren gemaakt, ontbreken. Het portaal is uitgevoerd in een combinatie van neogotische en neoromaanse vormen en is waarschijnlijk ontworpen door Jos Cuypers zelf. Dit deel van de kerk werd in 1930 voltooid.

In januari 2011 werd begonnen met restauratiewerkzaamheden. Deze omvangrijke restauratie wordt geleid door Van Hoogevest Architecten.

Op 12 juli 2013 kwam de kerk in het nieuws omdat er die voorgaande nacht zes antieke ornamenten uit de kerk waren gestolen. Hierbij werd het gebouw ernstig beschadigd.[1]

Orgels[bewerken]

Willibrordorgel[bewerken]

Het majestueuze hoofdorgel van de kathedraal, het Willibrordorgel, werd tussen 1921 en 1923 gebouwd door de firma Adema voor de Sint-Willibrorduskerk buiten de Veste te Amsterdam en is in 1971 overgeplaatst naar Haarlem, nadat de Willibrordus was afgebroken. Het orgel heeft nu ongeveer 80 registers, verdeeld over 4 klavieren en pedaal. Hier volgt de dispositie[2]:

I Hoofdwerk C–g3
1. Violon 32'
2. Principal 16'
3. Bourdon 16'
4. Prestant 8'
5. Portunaal 8'
6. Fluit Harm. 8'
7. Holpijp 8'
8. Quint 51/3'
9. Octaaf 4'
10. Gemshoorn 4'
11. Doublet 2'
12. Mixtuur IV-V
13. Cymbale III
14. Cornet III-V
15. Ripieno II
16. Fagot 16'
17. Trompet 8'
18. Klaroen 4'
II Positief expressief C–g3
19. Viola Major 16'
20. Principaal 8'
21. Viola 8'
22. Vox coelestis 8'
23. Baerpijp 8'
24. Roerfluit 8'
25. Viola 4'
26. Fluit douce 4'
27. Quintviola 22/3'
28. Viola 2'
29. Mixtuur III-IV
30. Cymbale III
31. Sesquialter II-III
32. Engelse Hoorn 16'
33. Trompet 8'
34. Kromhoorn 8'
35. Schalmey 4'
Tremulant
III Reciet expressief C–g3
36. Quintadeen 16'
37. Viola di Gamba 8'
38. Quintadeen 8'
39. Fluit Harm. 8'
40. Nachthoorn 8'
41. Unda Maris 8'
42. Salicet 4'
43. Fluit Harm. 4'
44. Nasard 22/3'
45. Octavin 2'
46. Terts 13/5'
47. Larigot 11/3'
48. Flageolet 1'
49. Trompet Harm. 8'
50. Clarinet 8'
51. Fagot-Hobo 8'
52. Vox Humana 8'
Tremulant
IV Kroonpositief C–g3
53. Prestant 8'
54. Holpijp 8'
55. Salicional 8'
56. Fluit Harm. 8'
57. Octaaf 4'
58. Roerfluit 4'
59. Quint 22/3'
60. Octaaf 2'
61. Mixtuur IV
62. Cornet III
63. Baryton 16'
64. Trompet 8'
Pedaal C–f1
65. Majorbas 32'
66. Openbas 16'
67. Contrabas 16'
68. Subbas 16'
69. Quint 102/3'
70. Openbas 8'
71. Cello 8'
72. Gedekt 8'
73. Openfluit 4'
74. Octaaf 2'
75. Ruispijp II-III
76. Contrafagot 32'
77. Bazuin 16'
78. Trombone 8'
79. Klaroen 4'

Transeptorgel[bewerken]

Behalve het Willibordorgel heeft de kathedraal nog een drieklaviers-Ademaorgel uit 1907: het transeptorgel.[3]

Hoofdwerk C–g3
Bourdon 16'
Prestant 8'
Roerfluit 8'
Octaaf 4'
Kwint 2 2/3'
Superoctaaf 2'
Mixtuur IV-V 1 1/3'
Trompet 8'
Klaroen 4'
Zwelwerk C–g3
Prestant 8'
Bourdon 8'
Gamba 8'
Zweving 8'
Prestant 4'
Gemshoorn 4'
Piccolo 2'
Kwint 1 1/3'
Cymbel III 1/2'
Hobo 8'
Tremulant
Positief C–g3
Holpijp 8'
Quintadeen 8'
Prestant 4'
Roerfluit 4'
Octaaf 2'
SesquialterII
Scherp IV, 1'
Kromhoorn 8'
Pedaal C–f1
Prestant 16'
Subbas 16'
Octaaf 8'
Gedekt 8'
Superoctaaf 4'
Bazuin 16'
Trombone 8'

Koororgel[bewerken]

Als koororgel is een kabinetorgel uit ongeveer 1800 in gebruik.[4]

Manuaal
Prestant 8' D
Holpijp 8' B/D
Prestant 4' B/D
Fluit 4' B/D
Octaaf 2' B/D
Quint 1 1/3' D
Octaaf 1' B

Literatuur[bewerken]

  • Joseph Th. J. Cuypers (3 maart 1906), ‘De kathedrale kerk van Sint-Bavo te Haarlem’, Architectura, 14e jaargang, nummer 9, p. 69-73.
  • Anoniem (23 februari 1907), ‘Plaat St.-Bavo, Haarlem’, Architectura, 15e jaargang, nummer 8, p. 60.
  • Geziena Frouke van der Ree-Scholtens et al, Deugd boven geweld: Een geschiedenis van Haarlem, 1245-1995, Hilversum, 1995, ISBN 90-6550-504-0.

Externe link[bewerken]

Bronnen, noten en/of referenties