Kazachstan

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Қазақстан Республикасы
Qazaqstan Respublïkası
Vlag van Kazachstan Nationaal Symbool Kazachstan
(Details) (Details)
Kazachstan
Basisgegevens
Officiële landstaal Kazachs, Russisch
Hoofdstad Astana
Regeringsvorm Republiek
Democratie-index 2,95 (autoritair regime)
Religie Islam 70%, christendom 26%[1]
Oppervlakte 2.724.900 km² [2] (1,7% water)
Inwoners 16.009.600 (2009)[1]
17.736.896 (2013)[3] (6,5/km² (2013))
Overige
Volkslied Meniñ Qazaqstanım
Munteenheid Tenge (KZT)
UTC +5 / +6 (geen zomertijd)
Nationale feestdag 25 oktober
Web | Code | Tel. .kz | KAZ | 7
Voorgaande staten
Kazachse Socialistische Sovjetrepubliek Kazachse Socialistische Sovjetrepubliek
Sovjet-Unie Sovjet-Unie
1991 (Val Sovjet-Unie)
Topografie
Kazachstan
Portaal  Portaalicoon   Landen & Volken

Kazachstan (Kazachs: Қазақстан, Qazaqstan; Russisch: Казахстан, Kazachstan; Turks: Kazakistan), officieel de Republiek Kazachstan, is een land in Azië en Europa dat grenst aan Rusland, China, Kirgizië, Oezbekistan, Turkmenistan en de Kaspische Zee. Kazachstan is het grootste land in Centraal-Azië. Het grondgebied ten westen van de rivier de Oeral wordt tot Europa gerekend.

Geschiedenis[bewerken]

Nuvola single chevron right.svg Zie Geschiedenis van Kazachstan voor het hoofdartikel over dit onderwerp.
De stad Taraz in de oudheid

De Kazachen waren een islamitisch nomadenvolk van Turkse afkomst, dat zich in de 18e eeuw onderwierp aan het tsaristische Rusland. Na de Russische Revolutie werd voor hen in 1920 de Kirgizische ASSR binnen de Russische Federatie opgericht, die in 1925 werd omgedoopt in Kazachse ASSR en waarvan een jaar later de Kirgizische ASSR werd afgesplitst (de huidige republiek Kirgizië). Het grondgebied werd ook in het westen verkleind: de stad Orenburg, tot dan de hoofdstad van deze autonome Sovjetrepubliek, kwam direct onder de Russische Federatie te vallen en Alma-Ata werd de nieuwe hoofdstad. In 1936 werd Kazachstan een volwaardige unierepubliek (SSR) binnen de Sovjet-Unie.

Onder Jozef Stalin werden de nomadische Kazachen gedwongen zich te vestigen. De gedwongen sedentarisering en onderbrenging in kolchozen verdroeg dit nomadenvolk slecht: tussen 1926 en 1939 kwam een kwart van de 4.000.000 Kazachen om het leven. Van elders in de Sovjet-Unie immigreerden, al dan niet vrijwillig, zoveel niet-Kazachen naar het gebied dat de Kazachen allengs tot een minderheid in eigen land dreigden te worden. Bovendien woonden in het noorden van het land al sinds de 17e en de 18e eeuw veel Russen. Ook toen dit gebied in 1920 bij de Kirgizische ASSR werd gevoegd, woonden er meer Russen dan Kazachen. Dat leidde ertoe dat vooral in het noorden van het land de Kazachen een kleine minderheid vormden.

Tezelfdertijd groeide Kazachstan, vooral vanwege de op zijn grondgebied gelegen Russische lanceerbasis Bajkonoer, in rap tempo uit tot een van de belangrijkste pijlers onder het Russische ruimtevaartprogramma - een positie die het, nu als onafhankelijke buurstaat van Rusland, ook tegenwoordig nog bekleedt, al is Rusland wel bezig met het zoeken naar een geschikte plek op eigen bodem voor de vervanging van Bajkonoer.

Die onafhankelijkheid verkreeg het land in 1991 bij het officieel verlaten van de Sovjet-Unie. In 1997 volgde het noordelijke Aqmola (in de Sovjettijd "Tselinograd" geheten) het excentrisch gelegen en later tot Almaty omgedoopte Alma-Ata op als hoofdstad van de nieuwe republiek en zou voortaan Astana (hoofdstad) worden genoemd. De regering-Nazerbajev meende zich zodoende beter teweer te kunnen stellen tegen allengs ontwakende separatistische tendensen in het noorden van het land. Bovendien, zo argumenteerde men verder, zou het door hoge bergen omringde Almaty zich slecht lenen voor toekomstige uitbreiding, was het veel te gevoelig voor aardbevingen en viel het iedere zomer weer ten prooi aan verstikkende smog van onrustbarende omvang.

Sinds de onafhankelijkheid wordt het land op autoritaire wijze geleid door Noersoeltan Nazarbajev. De verkiezingen voldoen volgens de buitenlandse waarnemers niet aan de internationale standaard en doorgaans wint de regeringspartij OTAN alle zetels. In 2009 werd in de grondwet vastgelegd dat ten minste drie partijen in het parlement moeten zitten. Bij de verkiezingen van 15 januari 2012 zijn inderdaad naast OTAN de twee minst kritische oppositiepartijen in de volksvertegenwoordiging gekomen.

Geografie[bewerken]

Kazachstan heeft een totale oppervlakte van 2.724.900 km². Het is het op acht na grootste land ter wereld. De regio ten westen van de Oeral wordt tot Europa gerekend. Deze regio is Europees Kazachstan. Er zijn landgrenzen met China (1533 km), Kirgizië (1051 km), Rusland (6846 km), Turkmenistan (379 km) en Oezbekistan (2203 km).

Grote meren zijn het Balkasjmeer en het Aralmeer, dat op de grens met Oezbekistan ligt. Het hoogste punt van het land ligt in het uiterste oosten van het land, op de grens met Kirgizië, en wordt gevormd door de bergtop Khan Tengri (Khan Tangiri Shyngy), op circa 7000 meter boven zeeniveau. Het laagste punt is Vpadina Kaundy, dat zich bevindt op de Karagiye-laagvlakte en 132 meter onder zeeniveau ligt.

Bevolking[bewerken]

Het Kazachse spelletje Kuuz Kuu ("vang het meisje")
Stuntrijden in Kazachstan

Kazachstan telde 14.953.126 inwoners bij de volkstelling van 1999, ruim anderhalf miljoen minder dan de laatste Sovjetvolkstelling van 1989, toen het nog 16.536.511 inwoners telde. Volgens de laatste volkstelling (die begin maart 2009 werd gehouden) bedraagt het totaal aantal geregistreerde mensen in Kazachstan 16,4 miljoen [4].

De gemiddelde bevolkingsdichtheid bedraagt 5,5 inwoners per vierkante kilometer en is daarmee een van de laagste ter wereld. De dichtstbevolkte gebieden zijn de districten in het uiterste oosten; rond Alma-Ata, Šimkent en Taraz en de steppegebieden in het noorden; de gebieden rond Astana, Petropavl, het noorden van de oblasten Qostanay en Qarağandı; de rechteroever van de Irtysj (Ertis).

Etniciteiten[bewerken]

Kazachstan is een etnisch bont en multicultureel land. Er wonen meer dan 50 nationaliteiten. De belangrijkste bevolkingsgroepen zijn de Kazachen, een Turks volk dat 54% van de bevolking vormt. Tot de minderheden van Turkse volkeren behoren de 332.017 Oezbeken, 185.301 Oeigoeren, 132.000 Tataren, 105.000 Mescheten, 41.847 Basjkieren, 8.000 Tsjoevasjen en daarnaast kleinere groepen Azerbeidzjanen, Turkmenen, Kirgiezen, Karakalpakken, Krim-Tataren en Balkan-Turken. De grootste minderheid vormen de Russen (30%). In de laatste jaren zijn echter vele Russen geëmigreerd naar Rusland. Verdere minderheden van Europese herkomst zijn de Oekraïners (3,7%), Kazachstanduitsers (2,7%) en kleine gemeenschappen van Polen, Letten, Litouwers, Wit-Russen en Grieken. In Kazachstan zelf worden Tataren en Tsjoevasjen, ondanks hun Turkse taal en het voornamelijk islamitische geloof van de eerstgenoemden, over het algemeen tot Europese minderheden gerekend, omdat ze qua cultuur veel dichter bij Russen staan dan bij andere Turkse en/of islamitische volkeren. Ook hebben veel Tataren eerder een Noord-Europees uiterlijk dan een Aziatisch of Zuid-Europees. Tot de belangrijkste volkeren uit de Kaukasus behoren de enkele duizenden Armeniërs, alsook Georgiërs, Tsjetsjenen, Tsjerkessen, Osseten, Abchazen, Avaren en Tsachoeriërs. Iraanssprekende minderheden zijn de Koerden (20.000), Afghanen en Perzen. Volkeren als de Boerjaten, Mongolen, Tibetanen, Dunganen, Han-Chinezen en Koreanen (Koryo-saram), die de laatste decennia naar Kazachstan zijn gemigreerd vanuit Oost-Azië, vormen slechts een klein deel van de bevolking.

Sommige minderheden werden op bevel van Stalin in en direct na de Tweede Wereldoorlog gedwongen naar Kazachstan gedeporteerd. Velen van hen werden daarbij geïnterneerd in werkkampen als onderdeel van de gedwongen vestigingen in de Sovjet-Unie. De meesten van die mensen keerden echter eind jaren vijftig terug in het kader van de destalinisatie van Chroesjtsjov.

Na de onafhankelijkheid voert de Kazachse regering een beleid om het Kazachs als primaire officiële taal door te voeren. Daarnaast worden etnische Kazachen officieus bevoordeeld bij het arbeidsbeleid, zo is bijna 90% van de ambtenaren etnisch Kazachs. Mede daarom is het aantal leden van de minderheden afgenomen sinds de onafhankelijkheid, omdat velen besloten om te emigreren.

Talen[bewerken]

De belangrijkste taal in Kazachstan is het Russisch, dat door 83,1% van de bevolking beheerst wordt. De rol van het Kazachs, dat door 56% van de bevolking wordt gesproken, is door de bemoeienis van de regering in de jaren na de onafhankelijkheid sterk toegenomen. Kazachstan kent 9 jaren schoolplicht. Met name in de sovjettijd werd hard gewerkt aan het aanpakken van het analfabetisme, waardoor dit nu op ongeveer 2,5% ligt, ongeveer even hoog als in West-Europese landen. Kazachs wordt vooral in het zuiden van Kazachstan gesproken en op het platteland. Russisch wordt vooral in het noorden van Kazachstan gesproken, waar de meerderheid van de Russische minderheid leeft. De meeste steden in Kazachstan werden door Russen gesticht, waardoor er nog steeds veel Russen wonen, mede daarom is het Russisch de belangrijkste taal in de meeste steden. Ook met name de middenklasse en bovenklasse van de Kazachen in het noorden van het land spreken nog vaak het Russisch als moedertaal.

De private taalvereniging Qazaq tili ('Kazachse taal') heeft tegenwoordig een semiofficiële status omdat deze sinds 1989 bezig is met het bevorderen van de ontwikkeling en doorvoering van de eigen Kazachse taal onder de Kazachen. Aan de bevordering van de Turkse cultuur en taal wordt verder gewerkt door de organisatie Turksoy waar vrijwel alle Turkstalige landen en republieken lid van zijn, haar hoofdkantoor staat in Alma-Ata.

Religie[bewerken]

De centrale moskee van Pavlodar

Zeventig procent van de Kazachse bevolking hangt de islam aan,[1] waarvan de meesten het soennisme. Het volk der Kazachen werd in de 18e en 19e eeuw geïslamiseerd. In de Sovjet-Unie werd de islam, net als andere religies, onderdrukt. Talrijke moskeeën en madrassa's werden gesloten of kregen een andere bestemming. Van een algemeen verbod op de islam was echter geen sprake en een aantal Kazachse moskeeën bleef functioneren. Wat madrassa's betreft, was er maar één actief in de hele Sovjet-Unie, in Buchara. Sinds de onafhankelijkheid in 1991 maakt de islam ook in de voormalige Sovjetrepublieken van Centraal-Azië een heropleving door. In 1991 bevonden zich in Kazachstan 170 moskeeën en 230 moslimgemeenschappen. Hierbij krijgt Kazachstan financiële hulp van Turkije, Egypte en Saoedi-Arabië. Wel zijn de ex-nomadische Kazachen en Kirgiezen veel minder religieus dan hun Oezbeekse en Tadzjiekse buren en is de rol van de islam in de Kazachse samenleving niet erg groot. Het dragen van sluiers komt bijvoorbeeld zo goed als niet voor.

Van de bevolking is voorts 26% christen,[1] waarbij het grotendeels om Russisch-orthodoxe christenen gaat. Daarnaast zijn er gemeenschappen van de Armeens-apostolische Kerk, de Grieks-orthodoxe Kerk en de Georgisch-orthodoxe Kerk. De Kazachstanduitsers zijn vooral lutheranen (ELKRK) en deels ook mennonieten en Russisch-orthodoxen. Verder zijn er nog kleine gemeenschappen van baptisten, zevendedagsadventisten en zijn veel Oost-Europeanen in Kazachstan katholieken (zie Katholieke Kerk in Kazachstan). In 1991 werd in Karaganda een katholieke apostolische administratie opgericht. In de Sovjet-tijd was registratie van kerkelijke genootschappen verplicht en werden kerkelijke activiteiten streng gecontroleerd.

In de steden bevinden zich kleine gemeenschappen van joden, Jehova's getuigen en de Kerk van Jezus Christus van de Heiligen der Laatste Dagen (mormonen).

Kazachstan beschouwt zichzelf als een seculiere staat met vrijwaring van godsdienstige invloed in de overheid en tegelijkertijd een wettelijk vastgelegde vrijheid van godsdienst. De officiële godsdienstvrijheid wordt echter met name door westerse mogendheden betwijfeld omdat, net als ten tijde van de Sovjet-Unie, registratie van religieuze gemeenschappen verplicht is en deze gemeenschappen aan restricties worden onderworpen in onder meer hun erediensten en literatuur.[5]

Politiek[bewerken]

Noersoeltan Nazarbajev, sinds 1991 de president van Kazachstan

Staatsinrichting[bewerken]

Kazachstan is een presidentiële republiek, waarin de president over veel macht beschikt: zo mag hij zijn veto uitspreken over door het parlement goedgekeurde wetgeving. De huidige president is Noersoeltan Nazarbajev. De regeringsleider is minister-president Karim Masimov. Het Kazachse parlement kent een tweekamerstelsel, bestaande uit een Senaat (termijnen van zes jaar en 39 leden, van wie 32 gekozen en 7 benoemd door de president) en een Majilis (termijnen van vijf jaar, 77 leden).

Bestuurlijk is Kazachstan ingedeeld in 14 oblasten (oblıstar) en 3 steden (qalalar).

Buitenlandse betrekkingen[bewerken]

Kazachstan wordt gezien als een regionale grote mogendheid. Sinds de onafhankelijkheid probeert Nazarbajev Kazachstan de dominante mogendheid te doen worden, waarbij hij om heersende invloed wedijvert met president Karimov van Oezbekistan (dat meer inwoners heeft, maar economisch gezien veel zwakker staat). Waar Karimov en buurlanden Tadzjikistan en Kirgizië voorstanders zijn van de oprichting van een soort Centraal-Aziatische unie, is Nazarbajev hiervan een duidelijk tegenstander. Kazachstan heeft wel de banden met Rusland versterkt en is lid van de Sjanghai-samenwerkingsorganisatie.[6] Omdat Kazachstan veel welvarender is dan de andere Centraal-Aziatische staten, zijn er zeer veel gastarbeiders uit Oezbekistan, Kirgizië en Tadzjikistan actief in het land.

Economie[bewerken]

Een Sojoez-ASTP-raket vertrekt van Bajkonoer

Kazachstan toont al enkele jaren sterke economische groeicijfers, met een reële groei van het bruto binnenlands product (bbp) van meer dan 9% voor de jaren 2001 tot en met 2005 en van 10,5% in het jaar 2006. Voor eind 2006 bereikte het bbp een waarde van ongeveer 77,2 miljard dollar; per hoofd van de bevolking is dit ongeveer 4.900 dollar. De economische groei wordt echter in zeer sterke mate aangedreven door hoge olieprijzen, stijgende olieproductie en de grote toestroom van buitenlandse investeringen in de olie- en gassector. Grote investeringen in andere sectoren zijn nodig om het land minder afhankelijk te maken van de internationale olieprijs.

Door de economische groei neemt de werkgelegenheid jaarlijks toe. In februari 2007 bedroeg de officiële werkloosheid 7,9% van de beroepsbevolking. Kazachstan is vrij sterk door de wereldwijde recessie van 2007-2009 getroffen. Desondanks blijft het land het meest welvarend in Centraal-Azië.

Zie ook[bewerken]

Externe link[bewerken]

Bronnen, noten en/of referenties