Keith Moon
| Keith Moon | ||||
| Moon in 1975 | ||||
| Achtergrondinformatie | ||||
| Volledige naam | Keith John Moon | |||
| Bijnaam | Moon the Loon | |||
| Geboren | 23 augustus 1946 | |||
| Overleden | 7 september 1978 | |||
| Land | Londen, Engeland | |||
| Jaren actief | 1964 - 1978 | |||
| Genre(s) | Rock | |||
| Instrument(en) | Drums Percussie |
|||
| Website IMDb-profiel |
||||
| Actief geweest in The Who | ||||
| Functie(s) | Drummer | |||
| Jaren actief in formatie | 1964 - 1978 | |||
| Inactief vanwege | Overlijden | |||
| Bezetting | The Who (bezetting) | |||
|
||||
Keith John Moon (Londen, 23 augustus 1946 - aldaar, 7 september 1978) was drummer van de rockgroep The Who. Hij werd geboren in Londen in 1946, hoewel hij zelf later aan zou geven dat hij een jaar later was geboren.
Moon wordt beschouwd als een van de meest controversiële en toch originele drummers uit de geschiedenis van Rock-'n-Roll.
[bewerken] Levensloop
Vroeg in de carrière van The Who verwierf de band een reputatie voor het vernielen van hun instrumenten en apparatuur, aan het einde van elke show. Moon toonde een exceptioneel genoegen in het kapotslaan van zijn drumstel, en bij één gelegenheid blies hij een trommel op met vuurwerk na het spelen van het nummer My Generation. Zijn gedrag leverde hem de bijnaam Moon the loon (Moon de gek) op.
Moon bouwde een reputatie op als iemand die vernielzuchtig was. Hij vernielde hotelkamers, huizen van vrienden en zijn eigen huis. Vaak gooide hij meubilair door de ramen, en vernielde leidingen met vuurwerk. Tevens ging het verhaal dat hij een auto een zwembad inreed. Dit verhaal is bevestigd door Roger Daltrey in een interview in Top Gear. Hij zei dat het zwembad waar Keith de auto in "parkeerde" zich op de eerste etage bevond. Ook was Keith in het bezit van een Rolls Royce die hij zelf knalroze had geschilderd.
Moons volledig eigen stijl heeft een aantal herkenbare drum-tracks opgeleverd, en bekende drummers als Mitch Mitchell, Ginger Baker en John Bonham zeggen door hem te zijn beïnvloed. Moons anarchistische stijl is heden ten dage nog van invloed op moderne muziek.
Hoewel zijn werk met The Who zijn carrière bepaalde, deed hij ook enkele andere projecten. In 1966 speelde hij met Jeff Beck (The Yardbirds), Jimmy Page en John Paul Jones (beiden later in Led Zeppelin) een instrumentaal nummer, Beck's Bolero, dat later dat jaar als single zou worden uitgegeven.
In 1975 werd zijn enige solo-plaat uitgegeven, Two sides of the Moon. In 1976 gebruikte hij het Beatles-nummer When I'm Sixty-Four voor de soundtrack van de documentaire All this and World War II.
Op 32-jarige leeftijd overleed Moon in zijn slaap, als gevolg van een overdosis Chloormethaziol, die hij had voorgeschreven gekregen voor het bestrijden van zijn alcoholverslaving. Toen de politie zijn dood onderzocht kwamen zij erachter dat er 32 pillen in zijn lichaam zaten, waarvan 26 onopgelost waren. De dood van Moon is geen zelfmoord, maar waarschijnlijk een stomme fout. De meest gangbare verklaring is dat hij zijn pillen genomen had, flauwviel, weer wakker werd en vervolgens weer een dosis pillen genomen had, terwijl hij vergat dat hij er al had gehad. Een andere theorie is dat hij door het grote aantal pillen moest overgeven en in zijn eigen braaksel stikte. In The Who werd hij vervangen door Kenney Jones (ex Faces), die met The Who nog twee platen maakte. Later speelde nog Simon Phillips mee en in recentere tours Zak Starkey, de zoon van Beatles-drummer Ringo Starr. Starkey heeft overigens les gehad van Keith Moon, waardoor men vaak zegt dat hij en Moon dezelfde stijl hebben.
In 2009 kwam er een film als biopic uit van de drummer, genaamd: See Me Feel Me: Keith Moon Naked For Your Pleasure
| Wikiquote heeft een collectie citaten gerelateerd aan Keith Moon. |