Kent State-bloedbad

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken

Met het Kent State-bloedbad worden de gebeurtenissen van 4 mei 1970 op de Kent State University bedoeld.

Op die dag werden op de campus van de staatsuniversiteit te Kent, Ohio, vier studenten doodgeschoten door leden van de Nationale Garde. Het betrof Allison Krause (19), Jeffrey Miller (20), Sandra Scheuer (20) en William Schroeder (19). Negen andere studenten raakten gewond, van wie één verlamd.

De campus was al sinds 1 mei het toneel van studentendemonstraties tegen de voortdurende Vietnamoorlog. De bevolking van de Verenigde Staten was sterk gepolariseerd. Een directe aanleiding voor het studentenprotest was de aankondiging door president Richard Nixon op 30 april 1970 dat Amerikaanse troepen naar Cambodja gestuurd zouden worden om daar de Zuid-Vietnamese invasie te steunen. Dit werd door velen opgevat als een escalatie van de Vietnamoorlog. Om de onrust op de campus te bedwingen werd de nationale garde erbij geroepen. Na diverse confrontaties tussen studenten en nationale garde trok de nationale garde zich terug en leek de confrontatie voorbij. Opeens draaiden rond 12.25 uur 28 leden van de nationale garde zich om en vuurden allen samen 61 kogels naar een groep van ongeveer vijftien studenten af. Deze studenten waren ongewapend.

Enkele uren na de schietpartij werd de universiteit van Kent State gesloten. Er volgde een algemene staking van studenten die vele universiteiten en colleges sloot. De campus van Kent State bleef zes weken dicht.

De Canadese zanger Neil Young schreef een protestsong over de gebeurtenissen, getiteld Ohio. Ook Student demonstration time van de Beach Boys gaat hierover.

Externe links[bewerken]