Kerguelenkool

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Kerguelenkool
Kerguelenkool
Taxonomische indeling
Rijk: Plantae (Planten)
Stam: Embryophyta (Landplanten)
Klasse: Spermatopsida (Zaadplanten)
Clade: Bedektzadigen
Clade: 'nieuwe' Tweezaadlobbigen
Clade: Malviden
Orde: Brassicales
Familie: Brassicaceae (Kruisbloemenfamilie)
Geslacht: Pringlea
Soort
Pringlea antiscorbutica
R.Br. ex Hook.f. (1845)
Portaal  Portaalicoon   Biologie

De kerguelenkool (Pringlea antiscorbutica) is een soort uit de kruisbloemenfamilie (Brassicaceae), die voorkomt op meerdere eilanden in het zuiden van de Indische Oceaan.

Kenmerken[bewerken]

De kerguelenkool lijkt op de bekende koolsoorten (Brassica), die ook tot de kruisbloemenfamilie behoren. De bladeren zijn geliggroen en bevatten veel vitamine C, waardoor ze voor zeelui interessant waren als preventiemiddel voor scheurbuik.

Anders dan de meeste andere planten uit de kruisbloemenfamilie, die door insecten worden bestoven, vindt bij de kerguelenkool windbestuiving plaats. Dit hangt samen met het feit dat op de eilanden in zijn verspreidingsgebied vanwege de sterke wind geen vliegende insecten voorkomen. Om die reden steken meeldraden en stempel uit de bloemen.

Voorkomen[bewerken]

De kerguelenkool komt voor op de Kerguelen, Îles Crozet en Marion-eiland

Ontdekking[bewerken]

De kerguelenkool werd in 1776 ontdekt op een reis van James Cook door zijn scheeparts William Anderson op de Kerguelen. De eerste beschrijving volgde door Joseph Dalton Hooker aan de hand van John Pringle, de toenmalige voorzitter van de Royal Society.

Kerguelenkool met bloeiwijze