Klaas Bolt

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Klaas Bolt
Afbeelding gewenst
Algemene informatie
Land Vlag van Nederland Nederland
Portaal  Portaalicoon   Muziek

Klaas Roelof Bolt (Appingedam, 6 maart 1927 - Haarlem, 11 april 1990) was een Nederlandse organist, improvisator en orgelkundige.

Levensloop[bewerken]

Zijn vader was zowel onderwijzer als koordirigent en kerkorganist. Daardoor was Klaas Bolt voorbestemd voor het onderwijs (hij bezocht korte tijd de kweekschool), maar kwam hij ook al vroeg in aanraking met de muziek. Hij werd leerling van Johan van Meurs op het Arp Schnitgerorgel in de Der Aa-kerk in Groningen. In 1946 werd hij organist van de Hervormde Dorpskerk in Noordlaren en assistent-organist van de Martinikerk in Groningen. Vervolgens studeerde hij in Utrecht aan het Conservatorium, waar zijn uitzonderlijke begaafdheid voor improvisatie bleek.

In 1952 werd hij vaste bespeler van het wereldberoemde Christiaan Müller-orgel in de Grote of Sint-Bavokerk in Haarlem, een instrument dat hij deelde met de stadsorganisten Piet Kee en Albert de Klerk. Daarnaast nam hij aanvullende lessen in improvisatie bij Cor Kee, de vader van Piet Kee. Bij het Haarlemse Internationaal Orgelimprovisatie Concours werd hij, zowel in 1956 als in 1957, de winnaar.

Naast zijn vaste aanstelling in Haarlem trad Klaas Bolt ook vaak op als concertorganist in binnen- en buitenland en was hij zeer actief als docent aan het Sweelinck Conservatorium in Amsterdam. Ook gaf hij improvisatiecursussen in de Verenigde Staten. Tot zijn studenten behoorde Masaaki Suzuki.

Klaas Bolt was niet alleen organist, maar ook een kerkmusicus die zijn spel uitdrukkelijk in dienst wilde stellen van de protestantse gemeentezang. Daartoe had hij in Haarlem een cantorij opgericht. Het was zijn opvatting dat het orgel zich moet richten naar het koor, in plaats van andersom, en daarom keerde hij zich fel tegen de musicologisch gemotiveerde tendens bij dirigenten en organisten om hoge tempi te kiezen.

Als orgelkundige had hij een grote kennis van de bouw en geschiedenis van het instrument. Hij trad ongeveer 200 keer op als klankadviseur voor orgels in het hele land. Het laatste instrument waarvan hij voor zijn dood de restauratie begeleidde, was het Schnitger-orgel in de Groninger Der Aa-kerk waarop hij het vak had geleerd.

Externe link[bewerken]