Klaproos

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Klaproos
Bleke klaproos
Bleke klaproos
Taxonomische indeling
Rijk: Plantae (Planten)
Stam: Embryophyta (Landplanten)
Klasse: Spermatopsida (Zaadplanten)
Clade: Bedektzadigen
Clade: 'nieuwe' Tweezaadlobbigen
Orde: Ranunculales
Familie: Papaveraceae (Klaproosfamilie)
Geslacht
Papaver
L. (1753)
Portaal  Portaalicoon   Biologie

Klaproos of papaver (Papaver) is een geslacht van bloeiende planten. Een bekende soort is de slaapbol (Papaver somniferum), waaruit opium gewonnen wordt. Deze soort wordt ook als sierplant gebruikt.

De klaproos wordt in sommige streken ook kollenbloem (toverkol of kol = heks) genoemd.[1] In het Albanees noemt men de klaproos "lule flanules" oftewel "bloem met vlagjes".

Taxonomie[bewerken]

Het geslacht Papaver kent wereldwijd ongeveer zestig soorten. De in Nederland en België in het wild voorkomende soorten zijn:

De papaver die in Nederland groeit, komt vooral voor op droge zanderige grond die kort geleden omgewoeld is, zoals op spoordijken of op opgespoten zandvlaktes. De zaden van de klaproos behouden onder de grond erg lang hun kiemkracht en ontkiemen als ze, soms na jaren, weer aan de oppervlakte komen. De klaproos is dan ook een echte pioniersplant. Klaproos heeft geen nectarklieren, maar levert hoogwaardig stuifmeel voor bijvoorbeeld de honingbijen.

Andere soorten zijn onder andere:

Determinatie[bewerken]

De volgende tabel geeft de belangrijkste kenmerken om de in België en Nederland voorkomende papaversoorten te onderscheiden:

soort beharing van
bloemstengel
bloem bloeiperiode stempelschijf doosvrucht bladen foto
Bastaardklaproos behaard kroonbladen niet overlappend maart-mei met weinig zachte haren bezet, niet stengelomvattend Papaver hybridum flor.jpg
Bleke klaproos aangedrukt behaard bleek rood, soms donkerrood, soms aan de voet zwart gevlekt. mei-augustus 4-6 stralen groen/bruin knotsvormig, meer dan 2x zo lang als breed zonder eindlob, niet stengelomvattend Klaproos.jpg
Grote klaproos afstaand of aangedrukt behaard donkerrood, soms roze, soms wit, aan de voet met zwarte vlek mei-juli 6-13 stralen zwart/paars bolvormig gezaagde, weinig gedeelde eindlob, niet stengelomvattend Poppy14052311.jpg
Ruige klaproos behaard donkerrood, aan de voet soms geel mei-juli 5-9 stralen heeft enkele gekromde stijve haren dubbel veerdelig, niet stengelomvattend Papaver argemone1 eF.jpg
Slaapbol Kaal Wit, lila, paars, aan de voet zwart, soms rood juni-augustus opstaande rand bol- eivormig dubbel veerkartig / veerlobbig, blauwgroen, stengelomvattend Papaver somniferum Belgium.jpg

Bloemdiagram[bewerken]

Opium[bewerken]

Uit de soort Papaver somniferum wordt opium, morfine en heroïne gewonnen. Opium is het ingedroogde witte melksap van deze plant dat een aantal alkaloïden bevat waarvan vooral codeïne en morfine belangrijk zijn.

Symboliek[bewerken]

Klaprozen zijn met name in het Verenigd Koninkrijk en andere landen van het Gemenebest van Naties het symbool van de Eerste Wereldoorlog omdat ze op de slagvelden in Vlaanderen uitbundig bloeiden, zoals bijvoorbeeld In Flanders Fields van John McCrae beschrijft. Op Remembrance Day, de dodenherdenking van het Gemenebest, worden bij de cenotaaf op Whitehall door de vorstin en hoogwaardigheidsbekleders klaprooskransen gelegd, geen echte overigens, omdat de bloemblaadjes zeer snel uitvallen.
In de iconografie is de klaproos het attribuut van Hypnos, de Griekse god van de slaap.[2]

Toepassingen[bewerken]

De zaden van de klaproos worden vaak gebruikt in bepaalde (voornamelijk zoete) gerechten zoals de traditionele Poolse Makowiec-cake. Het zaad van de slaapbol wordt onder de naam maanzaad op broodjes gebruikt.

Het sap van de klaproos werd vroeger gebruikt om Edammer kaas mee te kleuren.[3]

Afbeeldingen[bewerken]

Trivia[bewerken]

De klaproos wordt gebruikt als heksenkruid.

Externe links[bewerken]

Bronnen, noten en/of referenties
  1. Het Groot Woordenboek van de Nederlandse Taal noemt kollenbloem gewestelijk taalgebruik.
  2. Hall, J. (2000). Hall's Iconografisch Handboek. Leiden: Primavera Pers.
  3. Furlenmeier, M. (1978). De wonderlijke wereld der geneeskruiden. Antwerpen/Amsterdam: Uitgeverij C. de Vries-Brouwers p.v.b.a. ISBN 90-6174-143-2