Kongo (volk)

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken

Kongo (Bakongo) is een bevolkingsgroep in Afrika rond de benedenloop van de Kongo-rivier. De taal van de Kongo wordt eveneens Kongo (Kikongo) genoemd, het is een Bantoetaal.

Stamgebied van de Kongo[bewerken]

Stamgebied van de Bakongo

De Kongo wonen verspreid over Congo-Brazzaville, Congo-Kinshasa en Angola. De verdeling van de Kongo over de diverse staten is ongeveer als volgt:

  • 1 600 000 in Congo-Brazzaville
  • 7 400 000 in Congo-Kinshasa
  • 2 000 000 in Angola.

Daarnaast wonen er als gevolg van de trans-Atlantische slavenhandel veel afstammelingen van de Kongo in landen als Cuba, Brazilië en Jamaica, waardoor het aldaar gesproken lingua franca veel elementen bevat uit het Kongo.

Geschiedenis[bewerken]

De Kongo zijn waarschijnlijk voor 500 v.Chr. gearriveerd in het mondingsgebied van de Kongo, als onderdeel van de Bantoe-migratiegolf in deze periode. In de 14e eeuw stichtten de Bakongo enkele koninkrijken, waarvan het Koninkrijk Kongo verreweg het machtigst was. Andere koninkrijken waren Ngoyo, Vungo, Kakongo en later ook Loango. In 1483 arriveerden de eerste Portugese ontdekkingsreizigers aan de Kongolese kust, waarna de Kongolese leiders zich lieten bekeren tot het christendom. Na de Conferentie van Berlijn in 1884 werd het gebied van de Kongo binnen een decennium geannexeerd door Portugal (Angola), Frankrijk (Congo-Brazzaville) en de Kongo-Vrijstaat van de Belgische koning Leopold II.