Koningin van Seba

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Koning Salomo ontvangt de koningin van Seba
De koningin van Seba, 1405
Afbeelding uit de Kroniek van Neurenberg, 1493

De koningin van Seba wordt genoemd in de Bijbelboeken I Koningen 10:1-13 en II Kronieken 9:1-12, de Koran en de geschiedenis van Ethiopië. Haar koninkrijk Seba wordt door moderne archeologen geplaatst in Ethiopië of Jemen of beide. In de Bijbel en in de Koran wordt haar naam niet genoemd; in Ethiopië heet ze Makeda en in de islamitische overlevering Bilqis.

De Bijbel en Evangeliën[bewerken]

De koningin van Seba en de hop, 1590 - 1600

In de Bijbel reist de koningin van Seba naar koning Salomo van Israël, nadat zij van diens grote wijsheid had gehoord, met goud, specerijen en edelstenen als geschenken voor hem. Ze was zo onder de indruk van Salomo's wijsheid en rijkdom dat ze zijn God zegende, waarop Salomo haar "alles gaf wat zij verlangde". De joodse historicus Flavius Josephus interpreteerde dit in de 1e eeuw na Christus als een seksuele relatie. De huidige Ethiopiërs beweren dan ook dat ze van Salomo en de koningin afstammen.

De koningin speelt ook een rol in de evangelies van Matteüs en Lucas, waarin Jezus zegt dat zij en de inwoners van Ninive de joden die Jezus afwezen zullen veroordelen (Mattheus 12:41, 42; Lucas 11:31, 32).

De Koran[bewerken]

In de Koran staat een vergelijkbaar verhaal, waarin Salomo (Sulaiman) hoort van een heerseres die de zon aanbidt. Hij stuurt haar een boodschap met daarin de dreiging van een invasie; hierna worden kostbare geschenken naar Salomo gestuurd. Salomo weigert de geschenken met de boodschap, dat hij al iets veel kostbaarders bezit, namelijk het geloof in één God. Daarop reist Bilqis naar Salomo en accepteert zij de monotheïstische godsdienst.

De Kebra Nagast[bewerken]

Volgens de Kebra Nagast verzocht de koningin, na aankomst bij Salomon, dat hij haar niet met geweld zal nemen. Salomon gaat akkoord onder voorwaarde dat zij niets zonder zijn toestemming van hem zal nemen. Zij gaat ook akkoord. De maaltijd die Salomon haar aanbiedt maakt haar dorstig. Als ze gaat rusten neemt ze wat water. Salomon, die deed of hij sliep, wijst haar er dan op dat ze haar belofte verbreekt, zodat hij dus ook niet aan de zijne is gebonden.[1]

Politiek en het verhaal[bewerken]

In Ethiopië beweert de keizerlijke familie dat zij afstamt van de koningin van Seba, Makeda genoemd, en Salomo; hun zoon Menelik zou de eerste Ethiopische keizer zijn geweest. Dit is waarschijnlijk een mythologische vertaling van de migratie van mensen uit Arabië naar Ethiopië in de eerste eeuwen na Christus. Het koninkrijk Aksum strekte zich tot de opkomst van de islam in de 7e eeuw uit tot aan het huidige Jemen, en de inheemse Ethiopische taal is nauw verwant aan het Zuid-Arabisch.

Trivia[bewerken]

  • Volgens Charles Hucker en dr. Bernard Leeman zijn Xi Wangmu en de koningin van Seba één en dezelfde persoon;[2] nadat zij de troon aan haar zoon overdroeg, vertrok ze naar het Kunlungebergte en bereikte spirituele verlichting.
  • Gezegd wordt dat Seba geïdentificeerd moet worden met Ethiopië. Ook in Handelingen 8:26-40 blijkt Ethiopië door een vrouw geregeerd te worden. De koningin draagt hier de titel Kandake.
  • Georg Friedrich Händel schreef het feestelijke libretto the Arrival of the Queen of Sheba als onderdeel van het oratorium Solomon.
  • Karl Goldmark componeerde in 1875 de opera " Die Königin von Saba " die op 10 maart 1875 in première ging in Wenen. Dit werk was zo populair dat het tot in 1938 onafgebroken op het repertoire stond van de Weense Staatsopera.

Externe links[bewerken]

Bronnen, noten en/of referenties
  1. E. Budge: The Queen of Sheba and her Only Son Menelik, Oxford, 1922, P. 33 e.v.
  2. Leeman, Bernard; Queen of Sheba and Biblical Scholarship. ISBN 0-9758022-0-8