Koningsmoord

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Zoek dit woord op in WikiWoordenboek

Koningsmoord of regicide (Latijn: rex (koning) en occidere (doden)) is de term voor een moord op een vorst of vorstin. Het doden van een koning is altijd beschouwd als een bijzonder misdrijf. Men doodde met de persoon immers ook het staatshoofd en een aanslag op de vorst was een breuk van de trouw die een onderdaan zijn koning verschuldigd is.

Toch is er een aantal koningen door moord om het leven gekomen.

Executie van Túpac Amaru
Vorst Vermoord
Agag (Amalekieten) 1020 v.Chr.
Arses (Perzische Rijk) 336 v.Chr.
Darius III (Perzische Rijk) 330 v.Chr.
Túpac Amaru (Inca's) 1572
Hendrik III van Frankrijk 1589
Hendrik IV van Frankrijk 1610
Osman II (Ottomaanse Rijk) 1622
Ibrahim I (Ottomaanse Rijk) 1648
Gustaaf III van Zweden 1792
Umberto I van Italië 1900
Karel I van Portugal 1908
George I van Griekenland 1913
Alexander I van Joegoslavië 1934

Ook bij executies van ter dood veroordeelde vorsten zoals Karel I van Engeland, Lodewijk XVI van Frankrijk en Maximiliaan van Mexico spreekt men wel van regicide. Dat geldt ook voor vorsten die op het moment van de moord reeds waren afgezet of afstand hadden gedaan, zoals Nicolaas II van Rusland en Jane Grey. De aanhangers van koningen beroepen zich vaak op het droit divin dat de vorst een door God gegeven recht geeft om te regeren. Dit recht en de zalving van het lichaam van de koning bij de kroning maakt de koning een sacrosante, een onschendbare persoon.

In de Middeleeuwen werd een bijzondere straf uitgesproken over koningsmoordenaars: zij werden na zware martelingen gevierendeeld. In Frankrijk was de laatste die in dit kader gevierendeeld werd Robert François Damiens, de dader van een mislukte aanslag op Lodewijk XV. Hij werd in 1757 door het Parlement van Parijs tot deze straf veroordeeld. De straf was al in onbruik geraakt toen het Franse koninkrijk werd hersteld: de leden van de Conventie, die in 1792 tijdens de Franse Revolutie koning Lodewijk XVI ter dood hadden veroordeeld, kwamen er in 1816 met verbanning vanaf. De kwalificatie van koningsmoord is in dit geval echter wel voor discussie vatbaar aangezien Lodewijk XVI als burger Louis Capet terechtstond.