Koninklijke Nederlandse Stoomboot-Maatschappij
De Koninklijke Nederlandsche Stoomboot Maatschappij (KNSM) was een Nederlandse rederij gevestigd in Amsterdam die heeft bestaan tussen 1856 en 1981. Vanaf 1972 was de rederij bekend onder de naam KNSM BV, onderdeel van de moedermaatschappij KNSM Group NV. In 1981 werd de KNSM overgenomen door Nedlloyd.
Inhoud |
[bewerken] Geschiedenis
De KNSM werd opgericht op 1 oktober 1856. De initiatiefnemer, de Duitse koffiehandelaar W. Ramann, had twee jaar eerder al een rederij, de Harburger Stoomvaart Maatschappij, opgericht. Met de oprichting van de KNSM beoogde hij de achterstand die Amsterdam als scheepvaartstad had opgelopen weer in te halen. De eerste vrachtvaart werd door middel van gehuurde schepen onderhouden, het Engelse stoomschip Auguste Louise en de raderstoomboot West Friesland. Het eerste schip in eigendom was de Ondine (ex. Nina), met 300 ton laadvermogen, een topsnelheid van 11 knopen en accommodatie voor 30 passagiers. In eerste instantie beperkten de diensten zich tot de vaart op Rusland en Frankrijk, waarna al snel de andere havens in de Oostzee volgden.
De KNSM was in 1874 nauw betrokken bij de oprichting van de Stoomvaart Maatschappij Zeeland voor de exploitatie van een veerdienst tussen Vlissingen en Engeland. Men nam een belangrijk aandeel in het bedrijf en verkreeg de directie, maar trok zich in 1876 al weer terug.
Het kantoor van de KNSM was tot 1916 aan de Prins Hendrikkade 161 gevestigd. Daarna zetelde de KNSM tot 1981 samen met andere Amsterdamse rederijen in het Scheepvaarthuis aan de Prins Hendrikkade. De loodsen en werkplaatsen waren aanvankelijk gevestigd aan het Oosterdok, in 1903 werden de etablissementen verplaatst naar de Surinamekade en Levantkade op het IJ-eiland, het huidige KNSM-eiland. Met de opkomst van de container werd in de jaren zeventig een deel van de activiteiten verplaatst naar de Container Terminal Amsterdam (CTA), een dochtermaatschappij van de KNSM, aan de Westhaven in het Westelijk Havengebied. Sindsdien werden de etablissementen op het IJ-eiland aangeduid als de ‘Oost-terminal’ en die in de Westhaven als de ‘West-terminal’.
In de hoogtijdagen van de maatschappij was zij in het bezit van een kleine honderd zeeschepen, terwijl daarnaast de vloot moest worden aangevuld met tientallen van derden gehuurde (charter)schepen. De KNSM stond in financiële kringen bekend als de ‘Koninklijke Boot’, de bemanningsleden hadden het vaak over de ‘roggebroodmaatschappij’, naar de schoorsteenkleuren van de schepen (zwart met twee witte banden) of symbolisch vanwege de karige lonen. Het grootste deel van de schepen was herkenbaar aan namen uit de Griekse, Romeinse en Egyptische mythologie.
[bewerken] Overnames en deelnames
De KNSM bevoer vooral de Middellandse Zee, Europa, Centraal-Amerika en het Caribisch gebied. In 1912 ging men een fusie aan met de Koninklijke West-Indische Maildienst (KWIM), waarmee het vaargebied werd uitgebreid tot Midden- en Noord-Amerika. In 1970 werden de schepen van de Koninklijke Hollandsche Lloyd (KHL) en Wm.H. Müller & Co overgenomen. In 1974 nam de KNSM enkele lijnen over van de geliquideerde Hollandsche Stoomboot Maatschappij (HSM). In 1976 werd de KNSM partner in de Caribbean Overseas Container Line (CAROL) met het containerschip "Hollandia".
In 1903 breidde de KNSM haar werkterrein uit tot de binnenvaart via de Nieuwe Rijnvaart Maatschappij (NRM), een volle dochteronderneming. In de jaren zestig en zeventig trachtte de KNSM haar werkterrein te verbreden door deelnames in resp. overname van onder andere Rederi A/B Götha, de Tor Line, Belgian Fruit Lines, Transavia Holland en het zwaartransportbedrijf Mammoet.
[bewerken] Fusie
Met de grote scheepvaartfusie in 1970 tot Nederlandsche Scheepvaart Unie (later Koninklijke Nedlloyd) was de KNSM, als grootste Amsterdamse rederij, niet meegegaan. De maatschappij zag meer in internationale expansie en samenwerking. Ondanks voortdurende herstucturingen redde ook de KNSM het niet als zelfstandige scheepvaartmaatschappij. Het aantal schepen en personeelsleden werd in de jaren zeventig fors ingekrompen en op 1 juni 1979 werden terrein en opstallen op het IJ-eiland verkocht aan de Gemeente Amsterdam. Nadat half 1980 nog het containerschip Zeelandia werd opgeleverd, begonnen enkele maanden later de besprekingen met Nedlloyd voor een mogelijke fusie. Op 23 februari 1981 kreeg de overname zijn formele beslag en kwam er na 125 jaar een einde aan deze Amsterdamse rederij.
Het voormalig personeel van de KNSM is verenigd in de vereniging de Kroonvaarders. Het archief van de Afdeling Publiciteit van de KNSM is overgedragen aan het Stadsarchief Amsterdam.
[bewerken] Kunstwerk Amphitrite
Ter gelegenheid van het 100-jarig bestaan van de KNSM werd door het personeel aan de directie een beeldengroep geschonken. In 1959 werd de beeldengroep en fontein Amphitrite op het terrein van de KNSM geplaatst, maar deze moest in 1981 van zijn plek verdwijnen, vanwege de toekomstige woningbouw. Het beeld raakte in de vergetelheid, tot het in de jaren negentig werd herplaatst in het Oosterdok, nabij het Nederlands Scheepvaartmuseum. Op 16 mei 2009 werd beeldengroep en fontein, gemaakt door Albert Termote, opnieuw onthuld op het Azartplein op het KNSM-eiland. Hierbij waren veel oud-medewerkers van de KNSM aanwezig. Hiermee is het kunstwerk teruggekeerd naar zijn plaats van oorsprong.
[bewerken] Zie ook
[bewerken] Externe link
Bronnen, noten en/of referenties
|