Kornilov-affaire

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken

De Kornilov affaire (Russisch: Корниловское выступление, Kornilovskoije vistupleniije) was een mislukte machtsgreep in Rusland van generaal Lavr Kornilov. Deze was gericht tegen de toenemende macht van de sovjets in 1917 en vond plaats tussen de Februarirevolutie (de val van de tsaar) en de Oktoberrevolutie (de machtsgreep van Lenin). Als nieuw benoemde opperbevelhebber van het leger besloot Kornilov wat te ondernemen tegen de chaos in het land, te midden van de oorlog tegen de Duitsers. Later zei Kerenski, die toen premier was, dat de acties van Kornilov een keerpunt in de revolutie waren, een belangrijke factor in de plotselinge herleving van de bolsjewieken. Kornilov was het met de middenklasse eens dat er hard moest worden opgetreden tegen de anarchie, waarin het land meer en meer verviel. Lenin en zijn Duitse pionnen moesten volgens hem opgehangen worden. De sovjets moesten worden ontbonden en de militaire discipline moest worden hersteld.

Na enig aarzelen besloot Kerenski zich te verzetten tegen de machtsgreep van Kornilov en ontsloeg hem op 9 september. In reactie deed Kornilov een oproep aan de Russen om hun 'stervende land te redden' en liet hij troepen optrekken naar Petrograd. Kerenski moest de hulp in roepen van de door de bolsjewieken gedomineerde sovjet (van de stad) en raakte daardoor meer van hen afhankelijk dan hem lief was. De couppoging verliep zonder bloedvergieten maar Kornilov en 7000 vermoede aanhangers werden gearresteerd. Het zou nog maar een kwestie van weken zijn voordat de bolsjewieken de macht zouden grijpen. Kornilov bereikte dus het tegendeel van wat hij had beoogd.