Kroonsteen

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
kroonstenen
Oude 'kroonsteen' met isolatie van porselein.

Een kroonsteen, lusterklem (uit het Duits) of suikertje (in België) is een blokje van isolatiemateriaal (porselein of kunststof) waarin messing buisjes zitten met aan weerszijden een messing boutje door een verdikt deel van de wand, waarin schroefdraad is getapt. In beide uiteinden van deze metalen buisjes kan een draad worden gestoken die onder het boutje wordt geklemd, zodat de beide draden via het buisje elektrisch met elkaar verbonden zijn. Ter bescherming van de kern van de draad is vaak een messing strip aangebracht tussen boutje en draad, zodat het draaien van het boutuiteinde de litze niet beschadigt. Deze litze kan ook met adereindhulsjes worden beschermd.

Een andere vorm wordt aangetroffen in veel apparaten die bedoeld zijn voor permanente opstelling. Een voorbeeld is een huistelefooncentrale. Een dergelijk toestel heeft vaak printkroonsteentjes die op de printplaat gesoldeerd zijn en waarin zich één schroef bevindt om een draad aan te sluiten.

Levering[bewerken]

Porseleinen kroonsteentjes worden per stuk verkocht. Een dergelijk kroonsteentje heeft meestal twee buisjes. Deze kroonstenen worden gebruikt als in het armatuur hoge temperaturen kunnen optreden. Vroeger was dit de enige vorm waarin kroonstenen werden gemaakt. Sinds de opmars van kunststoffen worden de meeste kroonstenen van pvc gemaakt. In toenemende mate worden hiervoor ook goedkopere kunststoffen gebruikt. In kunststof typen is de vorm niet langer een blok, maar heeft elk buisje een eigen 'kamer'. Deze kamers worden door een verbindingsbrug met een bevestigingsgat er doorheen verbonden. De polen kunnen gemakkelijk worden gesplitst door deze brug met een scherp mes door te snijden.

Moderne kunststof kroonsteentjes worden meestal verkocht als strip van twaalf. Hieruit kan men zes dubbelpolige of vier driepolige kroonsteentjes snijden. Tegenwoordig wordt aarding noodzakelijk gevonden, zodat dubbelpolige kroonsteentjes bij nieuwe aanleg van een elektrische installatie niet meer voorkomen.

Montage[bewerken]

De draad wordt bevestigd door met een draadstriptang eerst een stuk isolatie te verwijderen, het blote draaddeel in het busje te steken en met de schroef vast te schroeven.

Veiligheid[bewerken]

Wordt een kroonsteentje goed gemonteerd, dan is er geen blanke draad zichtbaar. Men kan het resultaat dan ook in de hand nemen zonder een schok te krijgen. Een kroonsteentje geldt echter niet als beveiligd tegen aanraking en moet dan ook - als er netspanning op staat - binnen een behuizing gemonteerd worden. Een kroonsteentje biedt geen trekontlasting. Men mag een lamp dus niet zonder meer aan het kroonsteentje ophangen. Als een centraaldoos een haak heeft, is die geschikt is om het gewicht van de lamp te dragen.

Oningerichte woningen[bewerken]

In een leegstaande woning hangt meestal een kroonsteentje aan de blauwe en de zwarte installatiedraad in de centraaldozen. Hierdoor kunnen de draden niet worden aangeraakt of met elkaar in contact komen. Aan het kroonsteentje kan een lamp worden gemonteerd.

Etymologie[bewerken]

De naam "kroonsteen" verwijst zowel naar het oorspronkelijke gebruik als het oorspronkelijke materiaal van dit veel gebruikte onderdeel.

  • Kroon: Oorspronkelijk werden ze gebruikt in de lichtkronen die de oude 19e-eeuwse kaarsenkronen vervingen. Om de aansluiting naar de verschillende lampen in de lichtkroon te realiseren vanuit de twee aansluitdraden was een "kroonsteentje" nodig.
  • Steen: Tot de opkomst van plastic als isolator werd het deel dat tegenwoordig van plastic is uit porselein (= gebakken aarde = steen) vervaardigd.

Zie ook[bewerken]