Kuipergordel

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
De Kuipergordel ligt binnen de Oortwolk

De Kuipergordel is een gordel van vele miljarden komeetachtige, uit steen en ijs bestaande objecten, transneptunisch object genoemd, voorbij de baan van de achtste planeet van ons zonnestelsel, Neptunus. De gordel bevindt zich op 30 AE tot 50 AE afstand van de zon.

Ontdekking[bewerken]

Gerard Kuiper.

Het bestaan van de Kuipergordel werd in 1951 gesuggereerd door de Nederlands-Amerikaanse astronoom Gerard Kuiper. In 1950 had Jan Oort de theorie geponeerd dat zich op een afstand van 100.000 AE (1 AE is ca. 150 miljoen km) van de zon een sfeer moet bevinden van waaruit kometen op ons zonnestelsel afkomen. Dat gebied wordt de Oortwolk genoemd. Kuiper meende dat er op relatief korte afstand eveneens zo'n gordel moest zijn. Bovendien bood het een verklaring voor het ontstaan van Pluto, één van de dwergplaneten van ons zonnestelsel, die zich bevindt aan de binnenste rand van de Kuipergordel. Deze wijkt als rotsachtige ijsdwerg sterk af van de grote gasreuzen en is relatief klein, waardoor men lang bleef twijfelen of ze wel of niet als planeet bestempeld moest worden. Kuiper veronderstelde dat Pluto ooit werd gevormd door samenklonterende brokken in dat gebied, waardoor ze nu een van de grootste van de familie van ijsdwergen in de Kuipergordel is. Pas in 1992 werd het bestaan van een tweede object in de gordel aangetoond.

Objecten en hun afmetingen[bewerken]

Kaart van bekende objecten in ons zonnestelsel. Legenda:

██ Onze Zon

██ Gasreus planeet

██ Kuipergordel object

██ Scattered disk object of Centaur-planetoïden

██ Trojaan planetoïde van Jupiter

██ Trojaan planetoïde van Neptunus

De meeste Kuipergordelobjecten weerkaatsen maar weinig licht. Daardoor zijn ze moeilijk waar te nemen. Hun afmetingen variëren van ca. 100 m tot meer dan 1000 km doorsnede. De grootste die tot nog toe is ontdekt is Eris, ontdekt in 2005, met een doorsnede van ongeveer 2400 km, groter dan de grootste planetoïde Ceres en zelfs dan Pluto. Daarvoor was het grootst bekende Kuipergordel object Quaoar. De in 2004 ontdekte planetoïde Orcus is mogelijk nog groter dan Quaoar.

Een ander relatief groot object is 2000 EB173, ontdekt op 27 oktober 2000. Uit de mate van lichtweerkaatsing leidde men af dat het object ongeveer 600 km in doorsnee is, hoewel dat een vertekend beeld zou kunnen zijn. Later zijn nog veel meer vergelijkbare objecten ontdekt met diameters tussen de 400 en 800 km. Varuna en Ixion zijn nog twee voorbeelden van grote Kuipergordelobjecten. Sommige van deze objecten volgen de baan van Pluto en worden plutino's genoemd. Isaac Asimov stelde voor dergelijke objecten mesoplaneten te noemen.

Naamgeving[bewerken]

Het systeem in de naamgeving van deze objecten is enigszins ingewikkeld. Als een Kuipergordelobject wordt ontdekt krijgt het eerst een voorlopig nummer dat het jaartal van de ontdekking aangeeft, evenals een volgnummer. Een voorbeeld is het object 2000 WR106. Als de precieze baan is berekend, krijgt het object een catalogusnummer van het Minor Planet Center. Zowel planetoïden als Kuipergordel-objecten krijgen zo'n catalogusnummer. Het object uit ons voorbeeld kreeg het mooie ronde catalogusnummer van 20000. Tot slot mag een ontdekker het object ook een naam geven, hoewel dat meestal niet gebeurt. Het object 20000 werd (20000) Varuna gedoopt.

Banen[bewerken]

De objecten bewegen zich in langzaam tempo in een baan rond de zon, in dezelfde richting als de planeten en planetoïden. Het duurt honderden jaren voor ze één omwenteling hebben gemaakt. Sommige objecten lijken echter zo te worden beïnvloed door de zwaartekracht van Neptunus en Uranus dat ze sterk afwijkende, elliptische banen beschrijven, soms zelfs tot in het centrum van ons zonnestelsel. Pluto en zijn maan Charon beschrijven overigens eveneens een elliptische baan, waardoor ze soms binnen de baan van Neptunus komen. Vele deskundigen zijn van mening dat Pluto en Charon zelf ook als Kuipergordelobjecten moeten worden beschouwd.

Afkomstig van Jupiter?[bewerken]

Een theorie is dat de objecten afkomstig zijn uit de invloedssfeer van de grote planeet Jupiter, die door haar enorme massa objecten kan aantrekken en wegslingeren. Dat is bijvoorbeeld het geval bij kometen die afwisselend door de zon en Jupiter in hun loop worden beïnvloed. Deze kometen leggen daardoor een zeer elliptische baan af, die 3 tot 10 jaar duurt.

Ook van Triton (maan van Neptunus) wordt gedacht dat het ooit een object uit de Kuipergordel was. Het zou door de grote massa van Neptunus in een baan om deze planeet zijn getrokken.

TNO's[bewerken]

De objecten van de Kuipergordel worden thans geschaard onder de Trans-Neptunus Objects (objecten buiten de baan van Neptunus). Daarbij worden ook Pluto en Charon, Triton, de centaurs en talloze kometen geschaard.

New Horizons ruimtesonde[bewerken]

De NASA heeft op 19 januari 2006 de ruimtesonde New Horizons gelanceerd naar Pluto en z'n maan Charon. Na het bezoek aan Pluto zal de sonde doorvliegen naar andere Kuiperobjecten. New Horizons zou z'n eerste Kuiperobject kunnen bezoeken rond 2020. Het is de eerste keer dat er een sonde de Kuipergordel onderzoekt.

Voorbij de Kuipergordel[bewerken]

In 2003 is een object gevonden dat op dat moment 86 AE van de zon verwijderd was, dus verder dan de Kuipergordel (30 tot 50 AE van de zon), gecatalogiseerd als 2003 VB12 en officieel Sedna genoemd. Het is kleiner dan Pluto (Pluto: 2274 km, Sedna: 1770 km), maar, na Eris, het grootste object in ons zonnestelsel buiten de baan van Pluto.

Externe link[bewerken]