Land art

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Museum papier boord. Created by Nature. "Nr. 506". Op de oever van de rivier voor 4 dagen. Door Jacek Tylicki, S.W. van Lund, Zweden, 473 x 354 mm. 1981.
Richard Long: Riverlines (detail)
Land art in Wales

Land art is een stroming in de beeldende kunst ontstaan in de jaren 60 van de 20e eeuw, waarbij kunstenaars ingrijpende, kunstzinnig bedoelde, ingrepen aanbrengen in een landschap door het graven van grachten en kuilen, het aanleggen van ophopingen op akkers en weiden en het geordend storten van keien op een wateroppervlak. Men wil daarbij de menselijke aanwezigheid duidelijk uitdrukken en stellen dat de mens door de omgevingsverandering de natuur in bezit neemt. Een in het Nederlands ook wel gebruikte benaming is landschapskunst.

Een minder gebruikelijke benaming voor deze kunstrichting is earth art. Land art kan gezien worden als een bijzondere vorm van ecological art of environmental art, waarbij de hele natuur in de kunst opgenomen wordt. De benaming "land art" is afkomstig van een Duitse televisiefilm uit 1969 waarvoor de opnamen in Californië en Nederland plaatsvonden.

Historiek en relatie met andere kunstvormen[bewerken]

Samen met de individualisering van de kunst na 1900, vond ook een sterke commercialisering plaats. De kunst situeerde zich in de eerste helft van de 20e eeuw praktisch uitsluitend in galerieën en musea in grote, drukke steden. Midden jaren ’60 wilde een groep kunstenaars zich bevrijden van de banden van de traditionele beeldhouwkunst. Zij vluchtten figuurlijk uit de steden en gingen de dialoog aan met de natuur. Zo ontstond de land art, een stroming waarbij wijzigingen (klein of groot) worden aangebracht op een landschap door kunstzinnig bedoelde ingrepen.

Land art betekende geen totale breuk met voorgaande stijlen, zo zijn er verschillende verbanden met eerdere stromingen. Veel kunstenaars van de land art hadden reeds ervaring opgedaan in de minimal art, een stroming waarin de omgeving vaak al een belangrijk element was voor de juiste ervaring van het kunstwerk.

Het werken met materialen rechtstreeks uit de natuur was eveneens niet nieuw. In de arte povera werden bescheiden materialen zoals zand, aarde, hout en steen gebruikt om een direct verband te zoeken tussen natuur en cultuur.

De kunstenaars van de land art stelden zich ook vragen omtrent de begrippen 'kunst' en 'creativiteit'; zij vroegen zich af of een kunstenaar wel talent moest hebben om kunst te scheppen. Daarom is de link met de conceptuele kunst zo groot, vooral bij de kunstenaars die hun landschapsveranderingen kwamen voorstellen in de galerieën.

Sommige kunstenaars bleven dus toch vasthouden aan de galerie en brachten de natuur maar naar binnen. Zo legde Walter De Maria een vloer van aarde aan in een appartement in een grote stad. Andere artiesten eigenden zich de grootst mogelijke ruimte toe en trokken naar verlaten plekken om in volledige eenzaamheid kunst in de vrije natuur te scheppen. Er is dus duidelijk een mystiek en romantisch aspect aan deze kunstbeweging.

Land art-kunstenaars werkten met natuurlijke processen. Deze processen hadden vaak een vernietigende invloed op het kunstwerk, bijvoorbeeld door getijden en erosie. De natuur vernietigde op den duur de kunst. De vergankelijkheid van de kunst was vaak een ingecalculeerd gegeven. Zo groef in "Double Negative" de Amerikaan Michael Heizer in een verlaten streek, 240 000 ton aarde uit in de vorm van een gracht van 450 m lang, 9 m breed en 15 m diep. Het geheel werd overgelaten aan de inwerking van de natuurkrachten.

Deze vergankelijkheid had, samen met de vaak afgelegen locatie van het werk, een belangrijke invloed op de beleving van de land art. De kijker kreeg het echte werk niet te zien, tenzij deze de moeite nam een reis te ondernemen. Om het grote publiek toch kennis te laten maken met het werk, exposeerde de artiest foto’s en videomateriaal. Veel kunstenaars van de land art waren bijgevolg ook bezig met film en fotografie.

De tentoonstelling van dit soort beeldmateriaal doet denken aan de conceptuele kunst. In zekere zin staat dit op gespannen voet met het principe van de land art. Waar het oorspronkelijk de bedoeling was zich af te zetten tegen de commercialisering van de kunst, probeerden de artiesten op deze manier hun werken toch te verkopen.

Land art is een kunstvorm die inspeelt op bepaalde kenmerken van het landschap en het landschap manipuleert zodat het met andere ogen gezien kan worden.

Via interactie en toevoegingen ging men de confrontatie met de natuur aan. Tijd en ruimte zorgden dat het publiek nauwelijks rechtstreeks van de werken kon genieten. Daarom waren de artiesten vaak genoodzaakt terug te keren naar hun wortels binnen de conceptuele kunst en exposities te organiseren om de benodigde financiële middelen te verwerven. Zo maakt Richard Long lange wandelingen in de natuur en doet daarvan verslag in musea door middel van ingelijste foto's, in bepaalde configuraties neergelegde stenen en moddertekeningen. Ook Andy Goldsworthy documenteert zijn poëtische ingrepen in de natuur door middel van foto's en video's.

Diverse stromingen binnen land art[bewerken]

Binnen de land art beweging kan men een onderscheid maken tussen drie verschillende tendensen: ingrepen binnen het landschap, toevoegingen aan het landschap en acties in het landschap. Er bestaan allerlei mogelijke mengvormen hiervan.

  • De toevoegingen bestonden uit onnatuurlijke elementen, geplaatst in het landschap. Hier vormde de interactie tussen de natuur en het geplaatste object de essentie van het kunstwerk. Een zeer sprekend voorbeeld is de spiegeltoren in de Sahara van Heinz Mack.
  • Bij het derde type is de interactie tussen de kunstenaar en de natuur het sterkst voelbaar. Het landschap vormde immers een noodzakelijk decor voor een door de kunstenaar zelf uit te voeren actie. Buiten de ruimte, is hier het element tijd van groot belang. Ook met natuurlijke, tijdsgebonden processen zoals eb en vloed moest rekening gehouden worden. Ter illustratie: een wandeling tussen twee krijtlijnen door artiest Walter De Maria.

Land art-kunstenaars[bewerken]

Een van de bekendste kunstenaars die ingrepen verrichtte in de natuur, is ongetwijfeld Christo, maar naar eigen zeggen is zijn werk niet bedoeld als land art. Ook het project 7000 Eichen van Joseph Beuys zou gezien kunnen worden als een vorm van land art, hoewel het bovendien een manifestatie is van zijn verdergaande ideeën over 'sociale sculptuur'. James Turrell is een pure land art-kunstenaar die zeer grote werken uitvoert in een krater van een uitgedoofde vulkaan, de Roden Crater in Arizona. Andere land art-kunstenaars zijn: Jan Dibbets, Robert Smithson, Dennis Oppenheim, Alan Sonfist, Alfio Bonanno, Chris Drury, Richard Harris, Nils-Udo en Stanley Brouwn.

Verdere voorbeelden van land art[bewerken]

Externe links[bewerken]